Zesjarigen en chimpansees weten een pak slaag te waarderen

, door (willem schoonen) en (trouw)

3

Dat blijkt uit onderzoek van Natacha Mendes en Nikolaus Steinbeis. Beiden zijn verbonden aan het Max Planck instituut voor cognitie in Leipzig, en psycholoog Steinbeis was tot voor kort bovendien werkzaam aan de Universiteit Leiden. Ze doen vandaag in vakblad Nature Human Behaviour uit de doeken met welk ingenieus experiment ze tot die conclusie zijn gekomen.

Mendes en Steinbeis deden experimenten, met chimpansees en met kinderen. Die kregen in beide gevallen iets moois aangereikt: de chimpansee kreeg van een menselijke helper een lekker hapje, het kind kreeg van een pop uit de poppenkast een stuk speelgoed. Dat gebeurde twee keer, met het verschil dat de eerste aanreiker chimpansee en kind liet genieten van het moois, maar de tweede dat direct weer terug griste. Beide aanreikers - de goede en de slechte - kregen vervolgens van de leiding op hun kop.

De onderzoekers keken hoe hun proefpersonen reageerden. Bij de kinderen is dat deels te zien aan hun emotionele expressie, maar bij apen is dat veel moeilijker. Om de twee vergelijkbaar te maken werd een tweede laag in het experiment gebracht. De uitvoering van de straf werd na een tijdje aan het oog onttrokken. Bij de apen werd het pak slaag voortgezet in een andere kamer, bij de kinderen ging het gordijn van de poppenkast dicht. Chimpansee en kind konden wel weer zicht krijgen op het uitvoeren van die straf, maar daarvoor moesten ze wel een prijs betalen: het kind kon met een paar muntjes het gordijn weer open krijgen, de aap kon een hek opentrekken naar de andere kamer.

De onderzoekers wilden zien of hun proefpersonen er iets voor over hadden om de slechte aanreiker, die het moois had weg gegrist, gestraft te zien worden. En jawel hoor, de chimpansees deden alle moeite om dat hek open te krijgen en weer getuige te zijn van dat pak slaag. En de kinderen betaalden om het gordijn weer open te krijgen als de boef op zijn kop kreeg. Maar alleen de zesjarigen. Kinderen van vier of vijf jaar zien ook wel het verschil tussen de goeie en de boef, en ze voelen dezelfde sympathie met de eerste en dezelfde afkeer van de tweede, maar ze vinden het niet belangrijk om te zien hoe de boef slaag krijgt. Daar gaven ze geen stuiver voor.

Mensen én primaten vinden het niet leuk om te zien hoe iemand op zijn kop krijgt. Maar als die iemand zich heeft misdragen, komt er een positieve emotie bij. Schadenfreude is het mooie woord daarvoor. En die emotie is cruciaal voor sociaal gedrag en voor het functioneren van een samenleving. In dit experiment is opnieuw duidelijk gemaakt dat Schadenfreude evolutionaire wortels heeft bij apen. En nu weten we ook wanneer de mens die emotie leert kennen: als hij zes is. 

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: