Verlossend nieuws na 20 jaar wachten krijg wrange nasmaak: teruggevonden Simon wil familie niet spreken

, door (bjorn maeckelbergh) en (stephanie romans)

20

Gisteren pal op de middag werd er op de deur van de vader van Simon Lembi geklopt. 'Een politieman', zegt Bruno Lusakiovovo. 'De agent zei me vrijwel onmiddellijk dat ze mijn zoon hadden gevonden. Hij zei dat Simon leeft en dat het goed gaat met hem. Ik kon mijn oren niet geloven. Ik moest wenen van geluk.' De vader zegt dat hij eigenlijk al lang niet meer op een goede afloop durfde te hopen. 'Ik vreesde al een hele tijd dat er iets erg was gebeurd. Soms zelfs dat Simon dood was.'

'Ik heb de politieman veel vragen gesteld', zegt de vader. 'Zo wil ik graag weten hoe Simon er vandaag uitziet. Ik wil weten wat hij doet. Of hij getrouwd is. Of hij kinderen heeft.' Antwoorden kreeg hij niet. De politieman vertelde hem enkel dat zijn zoon ergens in de buurt van Amsterdam woont. 'Ik vroeg een precies adres. Dat kon hij niet geven. Hij zei dat het niet mocht. Van Simon. Blijkbaar wil mijn zoon mij niet meer zien. Niemand van de familie. Simon wil geen enkel contact meer met ons. Hij heeft blijkbaar zelfs een hele nieuwe naam.'

'We zijn in shock', zegt Pauline, Simons oudste zus. 'Ik zie mijn broer daar nog staan in onze woonkamer', zegt ze over vrijdag 12 november 1999, de dag van de verdwijning. Pauline was toen zes jaar, Simon veertien. 'We hadden destijds nog geen televisie thuis. Simon mocht die late namiddag enkele straten verder in het gemeenschapscentrum naar de tv gaan kijken. 'Ik ben weg', zei Simon. Ik kan mijn broer nog zo voor de geest halen. Hij had een zakje vast. Hij beloofde mama dat hij om 20 uur weer thuis zou zijn.'

Niet ontvoerd

Het gezin zegt dat ze al die jaren aan Simon zijn blijven denken. 'We zijn begin de jaren 2000 meerdere keren naar Nederland gereisd. Omdat we in de Angolese gemeenschap hadden opgevangen dat Simon in Arnhem zou wonen. We hebben dat ook aan de politie gemeld. Ze hebben dat opgeschreven. Maar net als wij konden ook zij Simon niet vinden.' Het Brusselse parket zegt dat er in november 2018 een nieuwe tip binnenliep over Simon Lembi. 'Iemand liet de Cel Vermiste Personen weten dat hij verwant was met Simon Lembi', zegt Ine Van Wymerschvan het Brusselse parket. 'Hij voegde eraan toe dat de vermiste onder een andere identiteit in het buitenland woonde.' De politie controleerde dat en ondervroeg ook de dertiger die werd aangeduid als Simon Lembi. Hij verklaarde dat hij dat inderdaad was. 'Hij heeft verklaard dat hij in 1999 alleen, zelfstandig en uit vrije wil is vertrokken door familiale moeilijkheden. Hij is dus zeker niet ontvoerd', zegt Van Wymersch.

Dat hij geen enkel contact wil met zijn familie is hard aangekomen. 'Onze mama heeft geweend', zegt Pauline. 'De verdwijning van Simon heeft haar fel getekend. Kort na Simons verdwijning kreeg ze door alle emoties een beroerte. Sindsdien is ze voor de helft van haar lichaam verlamd. Ze verblijft nu in een tehuis voor blinden in Brussel. Ze mist Simon erg. Wij allemaal. We zouden hem zo graag zo veel vragen stellen. Maar dan moet hij ons toelaten in zijn leven.' De 25-jarige vrouw zegt dat ze niet kan bedenken waarom haar broer thuis wegliep. 'Mijn ouders hebben mij en mijn zussen en broers alleszins nooit mishandeld, om maar iets te zeggen.'

Verjaardag vieren

'Misschien schaamt Simon zich omdat hij wegliep en durft hij ons daarom niet onder ogen komen', zegt zijn vader. 'Maar hij hoeft niet bang te zijn. We zijn helemaal niet kwaad. Enkel blij. Dolblij dat hij nog leeft.' De vader zwijgt lang en fronst de wenkbrauwen. 'Het enige dat ik kan bedenken is dat we het destijds heel moeilijk hadden. We kwamen uit Noord-Angola en waren pas enkele dagen in België. We waren arm en hadden eigenlijk niets. Ons leven was heel onzeker. Misschien wilde hij dat allemaal ontvluchten?' De vader keert terug op zijn eerdere woorden. 'Ik zei net dat ik dolblij ben, maar tegelijk ben ik ook zo triest. Omdat we Simon nog altijd moeten missen. Weet u wat mijn droom is? Dat we eindelijk nog eens allemaal samen de verjaardag van Simon kunnen vieren. Dat hebben we al die jaren niet meer kunnen doen.'

Plots verontschuldigt de vader van Simon Lembi zich. Hij woont sinds kort in Anderlecht in een opvangcentrum voor daklozen. 'Ik heb het even moeilijk', zegt hij. 'Ik ben mijn werk in het rusthuis kwijt. Ik bedeelde daar eten. Maar ik heb zicht op een nieuwe job bij Colruyt. Ik heb Simon zo veel te vertellen. Als hij dit leest: Simon, we missen je. We willen je terug in ons leven.'

'Deze ontknoping bewijst dat je niets mag uitsluiten', zegt Alain Remue van de Cel Vermiste Personen. 'Daarom zeg ik altijd: zeg nooit nooit.'

© De Morgen

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: