Maartje Wortel - Er moet iets gebeuren

, door ()

Deel
Er moet iets gebeuren

Wortel doet verslag van een reis naar Istanbul en een verliefdheid die haar in een plaatselijke bar overvalt: ‘Voor het eerst in mijn leven had ik het gevoel dat ik werd aangeraakt.’ In haar verleidelijk heldere taal beschrijft Wortel de overweldiging door de liefde, maar de zelfbewuste schrijver gaat ook na wat ze vervolgens doet met die overrompelende liefdesnacht met het barmeisje. Hoe herijkt het overspel haar zelfbeeld? Wat vertelt ze haar vriendin over haar citytrip? Hoe gaat ze als schrijver met de ervaring aan de slag? Haar reactie is drie keer soortgelijk: ze geeft het gebeurde een plaats in het verhaal van haar leven dat haar als een schaduw vergezelt, ze dist haar vriendin een verhaal op over de striemen op haar rug, ze begint in haar notitieboek aan een verhaal over Istanbul. Zo leert haar Turkse affaire Wortel een lesje over de spanning tussen werkelijkheid en fictie: ‘Een roman volgt het echte leven op, maar vaker is het andersom.’

Wat voor de schrijver zelf geldt in ‘De schrijver II’, gaat evenzeer op voor de personages in de twaalf andere verhalen in ‘Er moet iets gebeuren’: ze schikken een onvermijdelijk onoverzichtelijke stroom belevenissen in een voor hen logisch verband en counteren aldus een gemis en een gevoel van onbehagen. Ze liegen zich een comfortabel leven bij elkaar: ‘Waarom vertellen mensen niet gewoon de waarheid?’ luidt het in het openingsverhaal. Die leugentjes om bestwil doen doorgaans onderhuids hun sussende werk, maar Wortel haalt ze naar de oppervlakte door de rustgevende logica van haar personages ten spits te drijven – tot die bij de lezer bevreemding opwekt. In die ontmaskerende kracht herinnert Wortel aan Arnon Grunberg.

Dit artikel volledig gratis lezen?

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: