Lisa Halliday - Asymmetrie

, door ()

Deel
ae

The New York Times noemde het boek ‘verschroeiend intelligent’. En The Guardian identificeerde Lisa Halliday (41) als één van de sprankelendste nieuwe namen van het moment. ‘Asymmetrie’ doet in de VS en Groot-Brittannië al bijna een jaar de oren flapperen van opwinding. De debutante heeft de schijnwerpers op zichzelf gericht met een uitzonderlijke, bij momenten verbluffende roman die, zeker de eerste 150 pagina’s, nochtans vederlicht lijkt.

‘Asymmetrie’ trapt af in het New York van 2002, waar de binnenstad nog nasmeult van 9/11. Twintiger Alice werkt als assistente bij een uitgeverij, maar wil liever zelf boeken schrijven. Haar vader is een samenzwerings- en wapengek die elke dag met een nieuwe theorie belt (‘Op de dag van de aanslagen was geen enkele Jood op zijn werk in de Twin Towers verschenen!’, ‘Gefluorideerd water is een duivels plan van de Nieuwe Wereldorde!’), maar verder komen we over Alice weinig te weten. Dat draagt bij tot het mysterieuze air van een personage, dat iets wegheeft van haar naamgenoot in Wonderland en schijnbaar onbewust van de ene verwondering in de andere stapt.

Al op de eerste pagina’s begint Alice een romance met de 45 jaar oudere Ezra Blazer, een tweevoudige winnaar van de Pulitzer Prize. Een Joodse, wereldwijd bejubelde, droogkomische New Yorker – een spitting image van de eerder dit jaar overleden Philip Roth. Hij overlaadt Alice met geschenken, literatuurtips en advies. Zij bedankt hem door tijdens het vrijen zorg te dragen voor zijn pijnlijke rug. De seks vergelijkt Alice met een spelletje Dokter Bibber: ‘Alsof zijn neus zou knipperen en zijn zoemer zou afgaan als ze zijn lachbotje er niet ongeschonden uit peuterde.’

Een paar Amerikaanse critici omschreven het eerste deel van ‘Asymmetrie’ als een ‘romantische komedie’. Ja, Blazer is een olijkerd (‘Het is heerlijk om een winderige vrouw te neuken als ze er met elke stoot van eentje wordt verlost. Ik denk dat ik Nora’s scheet uit duizenden zou herkennen’), de titel van dat deel is ‘Zotternij’, en de komische timing van Halliday is raak. Maar het is slechts patine, dik uitgesmeerd over een verhaal van venijnige ambities en scheefgetrokken machtsverhoudingen. Een verhaal dat hier en daar doet denken aan, bijvoorbeeld, ‘Sabbaths theater’ van Philip Roth. Maar Halliday maakt het zich mooi eigen.

Alice en Ezra schitteren door afwezigheid in het tweede, veel ernstiger deel, waarin Amar het woord neemt. Hij is een Irakese Amerikaan die, op weg naar zijn broer in Koerdistan, door de douane een weekend wordt vastgehouden op Heathrow. De lezer moet op eigen houtje het verband tussen delen één en twee zien te leggen, maar de schrijfster legt wel een zuinig spoortje broodkruimels. Halliday speelt nog meer spelletjes, maar je moet erg aandachtig lezen om ze allemaal op te merken.

De verleiding is groot om ‘Asymmetrie’ als een halve autobiografie of een sleutelroman te lezen. Halliday werkte zelf ooit bij een uitgeverij, en ze had in de periode waarin ze haar boek situeert een relatie met... Philip Roth. Ze werd bovendien ook ooit vastgehouden op Heathrow. Een deel van de buzz ontleent de roman aan dat voyeurisme: ‘Wow, dus zó moet het geweest zijn om te vrijen met Roth!’ Opnieuw een deel van het spel: de schrijfster goochelt met de verwachtingen en de grenzen van het genre.

‘Asymmetrie’ is blijkbaar niet voor iedereen. Veel lezers laten weten hun tanden te hebben stukgebeten op het boek. Op het ‘pretentieuze, vervelend postmoderne’ metagehalte; het zogezegd toondove, politiek incorrecte tweede deel (‘Een blanke vrouw die schrijft over de lotgevallen van een immigrant uit het Midden-Oosten? Wat weet zij daar nu over?’); en de ‘ondraaglijk lichte toon’ van de tortelscènes tussen Alice en Ezra, die een aaneenschakeling zijn van namedropping, dure merken en dialogen als doodlopende straatjes.

Het loont nochtans om door te lezen tot het derde deel, een vrolijke coda waarin Ezra op nog latere leeftijd wordt geïnterviewd in het radioprogramma ‘Desert Islands Discs’ over zijn favoriete muziek, en waarin Halliday de meeste gaten mooi dichtrijdt.

De opbouw van de roman, zowat alle intermenselijke relaties en het contrast tussen toon en inhoud: werkelijk alles zit schots en scheef in het toepasselijk getitelde ‘Asymmetrie’. Zo is ook Pisa groot geworden.

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: