Solange - When I Get Home

, door ()

46

Ook Björk voelde zich geroepen om, net als haar fictieve Scandinavische nicht Pippi Langkous, haar eigen zin te doen. Aphex Twin is ook zo’n rare: toen we in 1994 eindelijk gewend waren geraakt aan zijn kaduke, roteigenzinnige minisymfonietjes voor muziekdozen en Duracellkonijn, kwam hij op ‘Selected Ambient Works Volume II’ na een halfuur met zijn eerste percussie aanzetten, in een track die ‘5’ heette. De track erna heette ‘6’.

Natuurlijk deden we bij die moeilijke platen alsof we ze al na twee beluisteringen hadden doorgrond. Wel, ik kan u in alle eerlijkheid melden: mijn oren hebben lange tijd moeten wennen aan het ingetogen, nogal abstracte ‘When I Get Home’ van Solange, een artieste die zich dezer dagen in haar teksten ook durft te beperken tot een woord of vijf.

In de kern was veel jazz van elektronische en hiphopdrums en -bassen beloofd, maar ik kwam eerst niet verder dan ‘klinkt als bassist Thundercat en toetsenist Herbie Hancock, samen achtergelaten in een studio vol valium’. Solange was – háár woorden – ook gaan dansen en verdrinken in Joni Mitchells woorden, waarheid, melodieën en akkoorden, maar ik hoorde meer Aaliyah dan Joni. Kwam daarbij: de songs uit voorganger ‘A Seat at the Table’, die Spotify na elke luisterbeurt volautomatisch selecteerde, klonken telkens een pak catchyer en gloedvoller dan het nieuwe werk. ‘When I Get Home’ vervloog keer op keer.

Wat me dan, na een paar dagen met een grote ‘Huh?’ in m’n kop, over de streep heeft getrokken? Een klein beetje Solanges uitleg dat ze vroeger veel wilde zeggen, en nu vooral veel wilde voelen. Het feit dat ze de meeste songs niet alleen heeft geschreven, maar ook heeft geproducet: je kunt met haar dus praten zoals je met Rick Rubin kunt praten. De voorbeeldartiesten naast wie ze heeft gelopen: Stevie Wonder ter hoogte van ‘The Secret Life of Plants’, Steve Reich, Alice Coltrane en Sun Ra, muzikanten die nadrukkelijk met herhalingen werken. Maar dé klik kwam via de interludia die doen denken aan die op Earl Sweatshirts ‘Some Rap Songs’. Solanges naadloze overgangen tussen de songs voelen bijna even belangrijk aan als de nummers. Aan het eind van ‘Down with the Clique’ – op zich al een indrukwekkende opeenstapeling van stembuitelingen, aangevuld met keyboards van Tyler, the Creator – vormen de paar seconden (!) haperende vuilbakpercussie van het experimentele duo Standing on the Corner de perfecte overgang naar ‘Way to the Show’. Van daar af geloof je de Solange die over de vele mensen die aan dit meesterwerk hebben meegewerkt zegt: ‘Soms improviseerden we zes uur voor ik van iemand een vondst hoorde waarvan ik dacht: die gebruik ik.’ Van daar af luister je.

Voorbeluisteren

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?