Pascal Deweze (CC Mechelen)

, door ()

156
vrijbeeld

Pascal Deweze is ‘Orange’ van Metal Molly en de erg aan Brian Wilson en zijn Beach Boys schatplichtige begintune van ‘Benidorm Bastards’. Deweze houdt van The Beatles. Toen hij Nirvana voor het eerst hoorde op MTV’s 120 minutes, dacht hij: dit was een fout in de programmering, dit hebben ze één keer laten doorglippen, maar morgen wordt die gast ontslagen.

Hij heeft zich dus ook in Claude François ingeleefd, zijn idool tussen zijn vier en zijn acht. Quote: ’Zijn teksten sloegen nergens op. Die vertrokken vanuit ritme, niet vanuit poëzie. Je moet kijken waar een artiest sterk in is en daarop focussen. De teksten van Bach zijn meestal ook niet zo goed.’ Klagen mag Deweze in dit leven overigens niet: in 2004, op De Nachten in Antwerpen, heeft hij op het podium gestaan met de man die ‘misschien de grootste invloed’ op hem is geweest: Alex Chilton.

In de onlangs uitgezonden Canvas-serie 'Hopen op de goden' maakten we kennis met de werkplek van Pascal Deweze en met die van Jasper Maekelberg (van Faces On TV en Warhaus). Het programma staat niet langer online, maar de trailer van 30 seconden vat al wat ik me van die aflevering herinner goed samen. Deweze zit twee sambaballen op te nemen en gaat daarna voor een grote analoge mengtafel in zijn Studio Jezus zitten: ‘Het is een beetje een monoloog, hé, een soloplaat opnemen. Ik mis een klankbord, maar ik ben de beste producer die ik me kan veroorloven’. De jonge, moderne, succesvolle nomade Maekelberg zit met de laptop in de tourbus. ‘Ik denk dat ik onderweg al de helft van de plaat heb geschreven. Computerke. Koptelefoon. Dat is het zowat.’

Het concertt opent met de donkere analoge synths van ‘Ep10’. De song die volgt staat niet op ‘Cult of Yes’ en is gloednieuw: ‘Some people are never gonna change’, zingt Deweze, maar de hoofdpersoon in de song wel, die verandert de hele tijd. Een maat die mee is hoort er ‘All the Tired Horses’ van Bob Dylan in. We zitten nochtans pas aan pint drie.

‘Think of Me’ is geen tekstmuziek, maar ik blijf wel aan een paar zinnen hangen ‘Will you think of me when you walk down the street on a distant day joyfully? / as someone who held you dear unconditionnaly / as someone kind and understanding, and funny of course?’. Op plaat wordt de song ambigue, ja zelfs sinister, en live is dit eerder een opwarmer dan een hoogtepunt, maar er zit wel al een spannende combinatie in die we nog gaan horen: één van enerzijds een mindfuck (en de grijns die daarbij hoort) en anderzijds funk (en de van daaruit opgeroepen levensvreugde).

Deweze heeft ‘Cult of Yes’ vooral alleen gemaakt, maar hij heeft - om ze live uit te voeren - een supergroep kunnen optrommelen. In de hoeken: drumster Karen Willems (Inwolves, ze schreef op haar Facebook: ‘Eindelijk nog eens spelen met de Pascal Deweze Explosion’) en percussionist Noah Melis (van Bed Rugs en vanavond ook van het bizar dromende voorprogramma Shy Dog, dat bij momenten klonk als naar Twin Peaks kijken in de ochtend). Op de bas Alan Gevaert (van bij dEUS).  Aan de meest als donkere bassen klinken keys: Hans De Prins (Go March). Op gitaar Sjoerd Bruil (Dez Mona, Gruppo di Pawlowski). En zeker niet vergeten: Lien Moris (van Piquet) en Anne-Sophie Ooghe (van High Hi): hun ‘We need to li-i-i-i-i-ive’-backings komen in ‘Paris’ uit een Björk-plaat gekropen, Pascal Deweze staat er rare stukken in het Frans tussen te zingen: ‘Je me soumis au bon coté de ton mépris’.

Invloeden die we live horen komen uit al wat in onze collectie aan de zeer ritmische kant belandt, ‘Percussion’ van Gainsbourg, LCD Soundsystem, ‘Gris Gris’ van Dr. John, Talking Heads. 'I’m out on the field’ begint als iets van Talk Talk en klapt halfweg harmonisch open als iets van Big Star. Deweze bestempelde het werkprocédé van zijn groep Sukilove ooit als traditionele schema’s en harmonieën uiteenrukken en ze daarna opnieuw in mekaar duwen, maar in de twee Sukilove-songs die vanavond in de set zijn opgenomen (‘Beatlesnake’  en ‘As Long As I Survive Tonight’), horen wij vooral traditionele en vlot weg happende pop.   

‘Don’t Look over Your Shoulder’ heeft een honky tonkend ritme, Deweze schreeuwt nu de eerste zinnen van aan de rand van het podium de zaal in. ‘I Only Have a Yes for You’ is wonderlijk als de backings even alleen ‘Say Yes’ zingen, en is sowieso de op één na mooiste Belpopsong van 2017; de mooiste heet ‘Beautiful Penelope’, is ook van Deweze en wordt terecht opgespaard als bis.  

De reguliere set loopt uit in een cover van het mij totaal onbekende Furniture. Hun ‘Why Are We In Love’ is ietwat scheve exotica, de tekst begint met  ‘I know you don't want me / You see no future in what we've got’, de muziek is voor wie de luduvudu ooit, lang geleden al eens heeft weggedanst - om te beginnen in het hoofd, mogelijk daarna ook met de benen - en zich dat moment glashelder herinnert, maar doet alsof het niet meer kan boeien.

Prachtig concert.

Het moment

'Beautiful Penelope', de enige bis. Eerst veel oosterse plingploing, daarna veranderde de tune zelfs in een soort 'Riders on the Storm'. Hé, hoe meer thermiek op het podium, hoe hoger wij inwendig beginnen te vliegen.

Het publiek

Veel volk was er in Mechelen niet. Maar Pascal Deweze stond erbij met een halfvol glas: ‘Er zijn minstens evenveel betalenden als er mensen op de guestlist staan, dus de avond is geslaagd’.

Quote

Deweze, eerst onvervaard in showbizzmodus: ‘Mocht u twijfelen, mocht uw brein af en toe overnemen, gewoon een beetje bewegen, een beetje dansen.’ Tien seconden verder in de intro van het machtige ‘Summer Bones’: ‘Ik ken al jullie donkere geheimen.’
 

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: