Jorja Smith (AB)

, door ()

Deel
© Reporters

Je moet het parcours van Jorja Smith (21) bewonderen. Een jaar of drie geleden was ze nog een anonieme - en naar eigen zeggen: niet bijster goede - barista bij Starbucks. Sindsdien zei ze nee tegen Drake, om vervolgens met hem op het podium te kruipen (‘maar niet,’ liet ze fijntjes optekenen, ‘tussen de lakens’). Ze ging op tournee met Bruno Mars. Ze werkte samen met Kendrick Lamar (‘op weg naar hem was ik niet zenuwachtig, ik moest vooral denken aan de vaatwas’), en was zodoende de enige Britse op de ‘Black Panther’-soundtrack. Quincy Jones nodigde haar uit om op te treden op zijn 85ste verjaardagsfeestje. Elton John ligt aan haar voeten. Zelf heeft ze nooit een idool gehad behalve Amy Winehouse, en vergelijkingen vindt ze niks: ‘Mijn stem is een genre op zich. Ik ben Jorja Smith.’

En dan was er in juni haar debuutplaat ‘Lost & Found’. Een meer dan geslaagde fusie tussen soul, R&B en hier en daar een theelepel jazz, waarin naast haar klok van een stem ook haar krachtige persoonlijkheid te bewonderen viel. Ze huppelde van fladderende nummers over tienerliefde (‘Teenage Fantasy’) naar Londens clubvoer (‘Wandering Romance’) en nijdige protestnummers (‘Blue Lights’, ‘Lifeboats’). Voor ze de plaat uitbracht, kwamen Mensen Die Het Kunnen Weten bij haar mopperen: ‘Kunnen er niet wat meer vrolijke nummers op?’ Maar Jorja was niet onder de indruk, zoals ze nóóit onder de indruk is. ‘Ik doe wat ik wil, ciao!’ Wat is de AB dan nog behalve in luttele minuten uitverkocht?

Aan haar allereerste Europese headlinerset ooit ging een meesterzet vooraf: ze had een geweldige liveband mee. Soulvol en jazzy, alsof ze aldoor een gretig huppelend Grant Green-deuntje speelden: uitstekende begeleiding zonder poespas. Norah Jones, al zo lang bij Blue Note, had het niet beter kunnen treffen. De band - voor de helft zwart, voor de helft blank, net als Jorja zelf - speelde een mooie intro bij titelnummer ‘Lost & Found’, waarop Jorja’s stem door de geluidsmuur brak als de zon door een nukkig winters wolkendek. ‘Why do we all fall down?’ Misschien omdat we Jorja Smith net hoorden zingen!

‘Teenage Fantasy’ werd woord voor woord meegefluisterd. ‘Something in the Way’ was het muzikale equivalent van honing uit de nek van je hartenlapje likken. Of van iemand anders. Soms denk ik dat Jorja Smith een superintelligente alien is, een superieur wezen: die normale stervelingen zijn stuk voor stuk een vogel voor de kat.

De straffe start bolde verder met het aan een overleden kameraad opgehangen ‘Goodbyes’ (gestut door één gitaar), het slome ‘February 3rd’ (bekend van HBO-serie ‘Insecure’) en het haar als een broekpak passende ‘The One’. ‘Never had to work for love / Don’t need you to show me how.’ Iedereen was verliefd op haar, maar zij was dat al gewend: zij zou wel even beslissen wat ze daar al dan niet mee zou aanvangen. Haar stem gleed moeiteloos van verleidelijk over kwetsbaar naar stoer. Op Rock Werchter was ze bijwijlen kil en afstandelijk, in de AB was ze een zelfbewuste flirt.

‘Tomorrow’ bleek een Bondnummer, waarin Jorja deed met de notenbalk wat Daniel Craig deed met die helikopter in de eerste scène van ‘Spectre’: er met alle macht aanhangen zonder er een schrammetje aan over te houden. Als Jorja even - met alle gemak, alsof ze de koffiemachine aanzette - naar haar kopstem schakelde, verslikte de P.A. zich in zijn cola.

Een kort tegenvallertje in de set dankzij die vleesgeworden driekwartsbroek uit het voorprogramma: Maverick Sabre werd ingeschakeld voor ‘Carry Me Home’, wat het sex appeal van de set even volledig kelderde. Moet je kunnen. Jorja bewonderde de man in haar jeugd, maar zit nu al een niveau of acht hoger, wat ze zelf, charmant genoeg, toch nog niet lijkt te beseffen.

Dan liever de furieuze raps die ze bovenhaalde in twee van haar beste nummers: doorbraaksingle ‘Blue Lights’, over de jongens in Jorja’s geboortestad Walsall en hoe zij het in hun broek deden van de zwaailichten van de politie (‘better run when you hear the sirens coming’), en vooral ‘Lifeboats’: niet alleen over de vluchtelingencrisis maar ook over alle andere sukkelaars die in deze maatschappij uit de boot vallen. ‘Majority don’t even have the life jacket / Majority might fool with the tax bracket.’ Dat soort nummers - die niet alleen karakter verraden, maar ook woede en engagement - mag ze nog schrijven. Misschien voor die tweede plaat. Maar het hoeft ook niet: ‘I Am’ en ‘Where Did I Go?’ zong ze nóg scherper. Ze is alleszins al sluw genoeg om haar beste nummers tot het einde te bewaren - als er in het midden een gat valt, so be it.

Voor een echt grootse set heeft Jorja Smith simpelweg nog niet genoeg materiaal. Maar dat ze met één plaat al 75 minuten indruk kan maken, met hele nummers die integraal worden meegezongen, pleit voor haar. Ze is koeler dan de gemiddelde Adele, doet eerder denken aan een jonge Rihanna. En dan nog was ze al een stuk beter dan tijdens haar Werchter-passage: ‘t is amper drie maanden geleden, maar ze klonk authentieker, doorleefder, oprechter. Het is met haar zoals met de slimme witte haaien in ‘Deep Blue Sea’, of de velociraptors in ‘Jurassic Park’: in geen tijd is ze vast een nóg efficiëntere killing machine.

Adele? Rihanna? Bijna vergeten: geen vergelijkingen! Toch nog eentje. Het is al van Dua Lipa geleden, toen zij in 2016 in de AB stond, dat ik dacht: ‘Hier is een Echte Diva opgestaan.’ 

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: