Bon Iver (Vorst Nationaal)

, door ()

9
bon iver 1200
© Getty

Rockband. Americana-artiest. Elektronica-project. Klanklab. Futuristische r&b-unit. Bon Iver wilde het allemaal zijn in Vorst Nationaal. De zeskoppige band (met twee drummers!) rond Justin Vernon koorddanste tussen muziekgenres, jongleerde met erg uiteenlopende klanken en buitelde tussen beats en bonkende live-drums, tussen software en snaren, alsof het niets was. Frappant hoe de band bijna twee uur lang het groepsgeluid vaardig door de anders zo abominabele akoestiek van de kuip loodste. Het leek ons bij momenten even moeilijk als een nijlpaard op een naald laten balanceren. Maar kijk, Bon Ivers sound – nu frêle elektronische ballades, dan weer noisy countryrock – openbaarde zich als een onstuitbare natuurkracht.

De Amerikaanse indieheld rolde van bij het begin met de spieren. ‘666 ʇ’ was bijna progressieve rock, met zijn weinig orthodoxe structuur en bonkende drums die zowaar Phil Collins in gedachten riepen. Wie trouwens ooit Peter Gabriel live aan het werk heeft gezien, had vast de gelijkenissen met Bon Ivers set-up en sound in het snotje. Vernon die als master of ceremony achter een desk met geluidsapparatuur stond en slechts nu en dan een gitaar omgordde? Die klinische jarentachtigsynths die door haast elke song waaiden? Het overmatige gebruik van galm en protserige drumpartijen? Genesis was nooit veraf. Nu heeft Vernon zijn liefde voor prog en yacht rock nooit ontkend. Zie: ‘Beth/Rest’, dat gretig gebruik maakt van de Korg M1-synth en zowaar vergelijkingen met eightiesmalloot Bruce Hornsby opriep. Erg jammer dat de song in Vorst uit de setlist werd geweerd.

'Frappant hoe de band bijna twee uur lang het groepsgeluid vaardig door de anders zo abominabele akoestiek van de kuip loodste'

Plaspauze

Ach, we kregen genoeg moois op ons bord. ‘Towers’, bijvoorbeeld, waarin sax en klarinet gloeiende behaaglijkheid onder de ritmes schoven. ‘715 - CREEKS’, waarin Vernons experimenten met autotune hoogtij vierden en waarin de subbassen ons darmstelsel overhoop haalden. Of ‘Bloodbank’, dat Vernons songschrijverstalent onderstreepte: zelfs schijnbaar oer-Amerikaanse countryrock verzandt bij Bon Iver uiteindelijk in een deconstructie van rockmuziek. De band breekt de song open, toont de schroeven, radertjes en de loshangende kabels, zonder te demystificeren. Sterker: in Vorst puurde Bon Iver magie uit het ontmantelen van zijn liedjes.

Daarbij hield het niet op. “We hebben allerlei shit op het podium staan en we willen veel muziek spelen”, bezwoer Vernon. “Daarom houden we zo meteen een plaspauze en breien we nog een tweede stuk aan deze show.” Ja, dat was een beetje raar. What’s next?  Vernon die aan de fans popcorn en cola komt verkopen tijdens de pauze? Nu ja, daardoor kon de groep zijn energie beter kanaliseren. Zo sprokkelden de muzikanten aan het einde van het eerste deel genoeg bezieling bij elkaar om ‘Perth’ en ‘Minnesota, WI’ binnenstebuiten te keren. De eerste song met een roffelend marsritme en een drum-freakout die zowaar Slayer het hof maakte. De tweede song met een drastisch vertimmerd arrangement en Vernon die zijn tedere falset aan flarden schreeuwde. Vonden we een beetje jammer.

Vrieskou

Deel twee serveerde vooral tracks uit de recentste plaat 22, A Million waarop de elektronica zegeviert. ‘10 d E A T h b R E a s T’ en ‘33 “God”’ lonkten naar de toekomst met opgefokte autotunerock. ‘8 (Circle)’, duidelijk een publieksfavoriet, brak los uit aanzwellend orgelgezoem, werd met panache gezongen door Vernon en sjokte naar zijn einde op een mechanische hiphopbeat. De fans werden er euforisch van. Op de slierten doek die achter de band hingen flikkerden projecties van lange, kale takken. Wij huiverden bij zoveel verkillende poëzie.

Nog meer ontregelde romantiek school in ’22 (OVER SooN)’, dat dub én jazz én soul én r&b én avant garde in de baarmoeder droeg. Bon Iver klonk er tegelijk als Coldcut en Lee Perry, als Cocorosie en als Kanye West. “We moeten genieten van het feit dat we kunnen samenkomen in alle veiligheid om naar muziek te luisteren”, had Vernon even voordien gezegd. “Niet alle mensen genieten dat voorrecht.” 

‘The Wolves (Act I and II)’, zette die oproep tot harmonie kracht bij: een van de beste songs uit het debuut For Emma, Forever Ago, uit 2008 alweer. Het achtergrondverhaal bij dat album is een van de meest tot de verbeelding sprekende rock-’n-rolllegendes van vandaag: Vernon nam de plaat op in een afgelegen besneeuwde blokhut, na een zware relatiebreuk. Depressief, lijdend aan venijnige klierkoorts, met een knoert van een identiteitscrisis. Weg van de mensheid. Alleen met zijn gedachten en zijn muziek.

Toen wij Vernon tien jaar geleden spraken over die plaat, in de bar van een Brussels hotelletje, zat hij gemoedelijk ineengedoken achter een kop koffie, in een donkerrood houthakkershemd, glunderend bij alle persaandacht in Europa. “De mensen zeggen zulke vriendelijke dingen over mij en over mijn muziek”, zei hij toen met grote ogen. “Ik voel me zelfs spiritueel oververzadigd. Misschien moet ik alles even op een rijtje zetten. Want ik zit op een goede spoor, denk ik. Wie weet wat de toekomst brengt?” Een hartverwarmende eucharistie in Vorst Nationaal, bijvoorbeeld.

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: