Ty Segall & The Freedom Band (Desertfest, Trix): ' De wereld kan gerust wat minder gezemel en wat meer hardblues gebruiken'

, door ()

15
ty 1200
© Damon Debacker

Het stonerpubliek lijkt ook meer aan de weed en de biertjes te zitten dan aan de coke of de piña colada. Op den duur begint ons hoofd van die muziek alleen al te zoemen en te dreunen als Black Sabbaths ‘Sweet Leaf’: in de riffs traag en zwaar, in de tekst een ode aan het roesmiddel cannabis. Maar dan betreden Ty Segall & The Freedom Band plots het podium. De rook om ons hoofd is op één-twee-drie verdwenen. Klààrwakker zijn we.

Ty Segall! Hij is ooit met de muziek van Black Sabbath begonnen, hij kent zijn fuzzpedalen ondertussen als zijn broekzakken, maar hij is geen typische stonerrocker. Eigenlijk worden stonerrockers verondersteld in Palm Springs, Californië te zijn opgegroeid. In Palm Springs woonden veel gepensioneerden die niet tegen rocklawaai konden en geen rockclubs toelieten, waardoor de jeugd de nabije woestijn in trok met generators, en met een geluid terugkwam dat je nergens beter kan horen dan bij Kyuss. Ty Segall - gebootejaar 1987 - komt ook uit Californië, maar dan uit Laguna Beach. Als kind surfte hij daar. Biografisch detail dat u verder mag interpreteren zoals u wil: hij werd er geadopteerd door een kunstenares en een advocaat.
Workaholic en multi-releaser Ty Segall was in Antwerpen luid en brutaal. De moddervette songs klonken soms overstuurd, waren aan de experimentele kant, vooraan werd erop gecrowdsurft en gepogood, wij zijn zelfs vier meter naar rechts moeten opschuiven. De groep was zes man sterk en stond opgesteld in een halve cirkel. Aan de bas herkenden we Mikal Cronin, die net als de anderen goed moest uitkijken welke kant Ty nu weer op ging.

Ty’s fuzzcomposities zijn sublieme garagerockminiatuurtjes, de live-versies waren nog slordiger dan de al snel neergekwakte plaatopnamen. Blijkbaar wil hij er tegen een deadline of een optreden aan niet té lang over nadenken.
Lekker-los-muziek maakt Ty niet, dat is van bij opener ‘Finger’ duidelijk: alles zit best strak, maar verfijning zou er gewoon te veel van het karakter van de liedjes uit halen. Ty heeft een prachtige stem, maar schreeuwt ze ook graag kapot. Halfweg de set zit een cover van ‘Cherry Red’ van The Groundhogs, de song is van begin jaren zeventig, ik denk dat ze dat genre toen hardblues noemden. De wereld kan - vinden wij toch - gerust wat minder gezemel en wat meer hardblues gebruiken.
Ty Segall leek een grote puntzak songs bij zich te hebben, en we zijn een paar van de snoepjes vergeten die we daar in Antwerpen uit gekregen hebben. Herinneren we ons nog wel: ’Squealer’, ’Emotional Mugger/Leopard Priestess’, ’The Hand’, ’Feel’, ’The Feels’ (in de kern een song even mooi als één van The Beatles) en ‘She’ (de ‘Born to Be Wild’ van de krautrock, sowieso lang, live nog veel langer en verslavender).
De vier sterren zijn dik verdiend, maar ik moet even uitleggen waarom ik toch op mijn honger blijf zitten. Er werd op Desertfest niks van ‘First Taste’ gespeeld: Segall spreekt op die plaat even vloeiend Garagerocks en John Lennons als op alle andere platen, maar hij doet het daar zonder gitaar. Hij dekt wel een muzikantentafel met ander speelgoed: saxofoon, mandoline, Omnichord, Japanese koto en een Griekse bouzouki. Sommige van die instrumenten heeft hij op deze tour meegebracht, hij liet er eerst ‘First Taste’ van voor naar achter mee uitvoeren, en bracht dan mét gitaren ofwel ‘Melted’ ofwel ‘Manipulator’ van A tot Z. Zo’n concert hadden we ook graag meegemaakt.
Nog dit: buiten, op het grote infobord voor de Trix, staat het volgende te lezen: ‘Tonight Desertfest. Sold Out. Slow heavy metal music playing.’ Slow? Raar vooral.

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: