null Beeld Getty Images
Beeld Getty Images

Hoe zou het nog zijn met...

Geena Davis, Thelma uit ‘Thelma & Louise’‘Bill Murray plaatste een massagetoestel op mijn blote buik. Ik verstijfde van angst’

Wie ‘Thelma & Louise’, de feministische roadmovie van Ridley Scott uit 1991, nooit heeft gezien en niet wil weten dat de rebelse hoofdpersonages hun bewogen trip door de VS besluiten met een gezamenlijke zelfmoord, was beter enige regels geleden gestopt met lezen. Voor meer ongevraagde spoilers, geinige geheimpjes en sappige roddels is er nu ‘Dying of Politeness’, waarin Geena Davis (66) veertig jaar Hollywood van zich afschrijft. De actrice neemt u ook mee naar de duistere hoekjes van Tinseltown, waar destijds niet zoveel te lachen viel. ‘Mannen deden wat ze wilden, vrouwen ondergingen het vulgairste machismo met de glimlach.’

Polly Vernon

Als je dan toch moet sterven, zou beleefdheid een genadige doodsoorzaak kunnen zijn: zachtjes, pijnloos, hooguit met een schroomvallig blosje op de kaken. Maar is ‘Dying of Politeness’ geen erg zwaarmoedige titel voor een biografie die een rijkgevuld leven viert en – net als Geena Davis zelf, wanneer ze vanuit Los Angeles aan de Zoom verschijnt – bruist van vrolijke energie?

GEENA DAVIS (lacht) «Ja, ’t is een nogal rare titel. Maar hij vat mijn karakter treffend samen: ik ben mijn leven lang, in alle mogelijke omstandigheden, véél te beleefd geweest. Nog altijd, trouwens. Je mag me beledigen en tergen zoveel je wilt: ik blijf de voorkomendheid zelve.»

– Een trekje dat u van uw ouders hebt geërfd, schrijft u.

DAVIS «Ik ben opgegroeid in Wareham, een slaapstadje in Massachusetts waar geen donder te beleven viel. Mijn ouders waren door en door fatsoenlijke mensen, en hun leven stond in het teken van beleefdheid en deugdzaamheid – bij gebrek aan verlokkingen, vermoed ik (lacht). Die waarden heb ik van jongs af meegekregen, en ze spelen nog altijd een hoofdrol in mijn leven.

»Zelfs de spelling van mijn voornaam verraadt hoezeer ze beducht waren voor onchristelijke gedachten. ‘Ik vind Gina wel een mooie naam,’ zei mijn vader, toen mijn moeder vertelde dat ze in verwachting was van een meisje. ‘Ik ook,’ antwoordde ze. ‘Maar wat als de mensen ’m verkeerd uitspreken? Je weet wel, zoals in ‘vagina’?’ (schatert) Dus hebben ze er Geena van gemaakt, met twee e’s.»

– U typeert zichzelf als een verlegen, onzeker kind, maar toch was u er al op jonge leeftijd van overtuigd dat Hollywood op een dag aan uw voeten zou liggen.

DAVIS «Mijn moeder heeft me ooit verteld dat ik als 3-jarige dreumes al door het huis liep te kwetteren: ‘Later word ik een beroemde film-mevrouw!’ Samen met een vriendinnetje voerde ik toneeltjes op in de woonkamer, voor een éénkoppig publiek dat onze acteerkunsten gratis – maar onder lichte dwang – mocht bewonderen: mijn arme moeder, die eigenlijk wel wat beters te doen had dan applaudisseren voor ons theatrale kleutergebrabbel (lacht).

»In de lagere school werden mijn klasgenootjes het slachtoffer van mijn podiumambities. Telkens als ik de muze in me voelde neerdalen, stond ik ongevraagd op en liep ik naar voren om mijn artistieke ei te leggen. Als mijn moegestreden juf wanhopig zuchtte dat er écht niet genoeg tijd was, haalde ik m’n schouders op: ‘De tafels van vermenigvuldiging kunnen toch wel even wachten?’ Best vreemd, want voor het overige was ik een erg bedeesd meisje.»

– Wat speelde u dan voor de klas?

DAVIS «Ik zag mezelf als een volleerde pantomimespeelster, die geen woorden of attributen nodig had om haar publiek in vervoering te brengen. Meestal bracht ik een variatie op hetzelfde thema, een moeder die ontroerd raakt terwijl ze haar huilende baby zachtjes in slaap wiegt. Later, in de middelbare school, kreeg die scène een morbide wending: ik voegde een strijkijzer toe aan het verhaal, voelde even met een vinger of het warm genoeg was – ksssjt! – en begon mijn baby dan liefdevol te strijken. Geen idee waar ik dat vandaan had (lacht). Een bizarre kronkel in mijn puberbrein, vermoed ik.

»Nu ik er zo over nadenk, is dat wellicht de reden waarom ik zo lang heb gewacht om kinderen te krijgen. Ik was 46 jaar toen mijn oudste dochter Alizeh werd geboren, en 48 toen de tweeling (Kaiis en Kian, red.) er kwam.»

– U wilde er zeker van zijn dat u uw strijkijzerfetisj definitief had overwonnen?

DAVIS (gespeeld ernstig) «Ik zweer plechtig dat ik mijn kinderen nooit heb gestreken.»

‘Mannen kunnen blijven acteren tot ze erbij neervallen, maar voor de meeste vrouwen houdt het na hun 40ste gewoon op: twintig jaar geleden is mijn telefoon gestopt met rinkelen.’ Beeld Photo News
‘Mannen kunnen blijven acteren tot ze erbij neervallen, maar voor de meeste vrouwen houdt het na hun 40ste gewoon op: twintig jaar geleden is mijn telefoon gestopt met rinkelen.’Beeld Photo News

52 TELEFOONTJES

– In 1979 ruilde u het kneuterige Wareham van uw jeugd in voor de grote stad. U trok naar Boston om er een acteercarrière na te jagen.

DAVIS «Ik had een jaar in Zweden doorgebracht als uitwisselingsstudent, en die ervaring had mijn blik verruimd. Plots besefte ik dat er een wereld op me wachtte buiten het stoffige provincienest waar ik vandaan kwam. Maar was ik er klaar voor om die wijde wereld te ontdekken? ‘Nee,’ fluisterde schuchtere Geena. ‘Jij kúnt toch helemaal niks?’ Maar op mijn andere schouder zat zelfbewuste Geena, en die brulde in m’n oor: ‘Luister niet naar die kwezel! Ga ervoor, wat heb je te verliezen?!’»

– Gelukkig heeft zelfbewuste Geena de bovenhand gehaald.

DAVIS «Het was een nipte overwinning, hoor. Hoe hard ik ook probeerde, ik slaagde er niet in om mezelf mooi of getalenteerd te vinden. Ik herinner me de eerste dag van mijn theateropleiding aan de universiteit van Boston: daar zat ik dan, in een aula met honderd aspirant-acteurs die blaakten van ambitie en zelfvertrouwen. Het lelijke eendje tussen sierlijke zwanen, zo voelde ik me. Maar zelfs toen zei een stemmetje vanbinnen dat ík ooit de top zou bereiken. ‘Maak je geen illusies: de poorten van Hollywood zitten stevig op slot,’ zei de docent in de eerste les. ‘Slechts één iemand van jullie heeft de sleutel.’ Ik weet nog hoe ik om me heen keek en dacht: ach, wat jammer voor jullie (lacht). Gek, hè? Wat voor een schizofreen wicht was ik toch.»

– Na uw theateropleiding verkaste u naar New York, waar u aan de slag ging als fotomodel, onder andere voor het lingeriemerk Victoria’s Secret. Was dat niet merkwaardig voor een jongedame die zichzelf als een lelijk eendje zag?

DAVIS «Ik vond geen werk als actrice, dus gooide ik het over een andere boeg: ik schreef me in bij een paar agentschappen, en dacht dat ik me via de modellenwereld een weg kon banen naar het grote Hollywood – zoals Lauren Hutton (Michelle uit ‘American Gigolo’, red.) me had voorgedaan. Tegen het bange meisje in de spiegel zei ik: ‘Let’s face it, je bent geen fotomodel. Maar je bent een steengoede actrice, dus je kunt er wel één spelen.’ (lacht) Bovendien bleef ik mezelf voorhouden dat ik niets te verliezen had.»

– Was dat ook zo?

DAVIS «Nee, maar het was een bevrijdende gedachte, die me hielp mijn zenuwen onder controle te houden. Toen ik in 1982 mijn eerste grote rol te pakken had (in ‘Tootsie’, naast Dustin Hoffman, red.), vroeg regisseur Sydney Pollack me op de eerste draaidag of ik niet zenuwachtig was. ‘Nee hoor, helemaal niet,’ antwoordde ik. ‘Moet dat dan?’ Hij viel haast omver van verbazing: ‘Je zou moeten sterven van de stress!’ (lacht)

»Nu, Sydney is lang niet de enige regisseur die ik met mijn nothing to lose-attitude in de gordijnen heb gejaagd. Toen ik het script voor ‘Thelma & Louise’ in handen kreeg, zag ik meteen dat de rol van Louise me op het lijf was geschreven. Er was echter één probleem: regisseur Ridley Scott had de vrouwelijke hoofdrollen al gecast, en Susan Sarandon zou Louise spelen. Tegen haar kon ik natuurlijk niet op, dus liet ik mijn agent voortdurend naar Ridleys kantoor bellen om de rol van Thelma te claimen. Na precies 52 telefoontjes – één per week, een jaar aan een stuk – kraakte hij: ‘Hou op, Geena! Thelma is voor jou, als je maar belooft om me niet meer lastig te vallen!’ (lacht)»

– Hoe was het om samen te werken met Susan Sarandon, indertijd één van de leading lady’s in Hollywood?

DAVIS «Een onvergetelijke ervaring. Ik had een paar notities gemaakt bij het script, over details die ik liever anders had gezien. Wekenlang had ik me het hoofd gebroken over hoe ik die suggesties aan Ridley verkocht zou krijgen. De harde tante spelen en keihard op tafel slaan? Dat paste niet bij mijn karakter. Braaf en onderdanig dan maar, zoals gewoonlijk? Dan zouden ze wellicht over me heen walsen. Ik was halfweg de 30 en had net een hoofdrol weten te versieren in een film over twee vrijgevochten vrouwen, maar ik was te beschaamd om mijn mening te verdedigen. Terwijl ik drie jaar eerder nota bene een Oscar (voor Beste Vrouwelijke Bijrol in ‘The Accidental Tourist’, red.) had gewonnen!

»Vóór de opnames van ‘Thelma & Louise’ van start zouden gaan, had Ridley een vergadering belegd met Susan en mij, om de violen te stemmen. Toen Susan de kamer binnenkwam, blies ze me ogenblikkelijk van m’n sokken. Wat een onvoorstelbaar krachtige vrouw! Ze ging zitten, legde het script op tafel en zei: ‘Deze zin moet eruit, Ridley. Dan gaat die repliek naar pagina twee, en daar kunnen we dat en dat schrappen.’ Ze sprak zacht en beheerst, maar met een vanzelfsprekende autoriteit die me verblufte. Ridley knikte alleen maar: voor hem was het allemaal oké. Wauw, dacht ik bij mezelf, zó moet het dus.»

– Toch hebt u het hoofdstuk over ‘Thelma & Louise’ aan iemand anders opgedragen: The Blond One, alias een jonge Brad Pitt in zijn eerste grote filmrol.

DAVIS (vertederd) «Brad was zo’n schatje. Toen Ridley de audities hield voor de rol van J.D., een sexy zwerver die op de vlucht was voor de politie, waren er nog vier kandidaten over: drie bruinharige mannen, en één blonde die mijn hart een slag liet overslaan zodra hij de kamer binnenkwam. Niet door z’n oogverblindende looks, maar omdat hij zo ongelofelijk lief was tegen iedereen. En dan zijn auditie… Brad speelde J.D. niet, hij wás ’m gewoon. Na tien seconden wist ik het zeker: die jongen wordt een wereldster.»

– Maar Ridley Scott twijfelde, lezen we in uw boek.

DAVIS «Stel je voor, hij stond op het punt Brad Pitt af te wijzen! Ik volgde de audities voor de rol van J.D. met bijzondere aandacht, omdat mijn personage halverwege de film met hem de koffer in zou duiken. ‘Ridley, nu moet je eens goed luisteren,’ zei ik op de rustige, zelfverzekerde toon die ik van Susan had afgekeken. ‘Binnenkort ga ik met één van die vier mannen seks faken voor de camera. Ik zou het erg appreciëren als je me dat met die blonde jongen liet doen.’ (lacht)»

– U verklapt ook dat Brad Pitt met een gênant geheimpje te kampen had, toen die liefdesscène werd opgenomen.

DAVIS (giert het uit) «Hij had een dikke, vette puist op zijn achterste! En bescháámd dat-ie was, de lieve schat. Ik stelde voor om ze uit te knijpen, maar gek genoeg wilde hij daar niets van weten. Ten einde raad haalde Ridley de schminksters erbij, en een paar tubes concealer later had Brad een vlekkeloos kontje.

»Het heeft trouwens niet veel gescheeld, of ik was met een ander lekker kontje in bed beland. Een paar jaar na ‘Thelma & Louise’ nam ik een vlucht van Genève naar Los Angeles, en toen ik bij het boarden mijn ticket aan de stewardess toonde, kon ze een giechel nauwelijks onderdrukken. ‘Wat scheelt er?’ vroeg ik. ‘U hebt geluk, mevrouw,’ antwoordde ze. ‘Raad eens wie er naast u zit? George Clooney!’ Daar was ik natuurlijk niet zo blij mee.»

– Waarom niet?

DAVIS «Omdat ze míj niet had herkend! ‘O,’ zei ik zo ijzig als ik kon, ‘wat leuk. En raad eens naast wie George Clooney mag zitten?’ (lacht) Maar ik vond het helemáál niet erg om die vlucht door te brengen met de droomprins van Hollywood aan m’n zijde: in het echt is hij nog galanter dan op het witte doek. ‘Wat jammer dat we nog nooit samengewerkt hebben,’ zei ik tegen hem. George trok een wenkbrauw op: ‘Ik heb een auditie gedaan met jou. Weet je dat niet meer?’ Toen was het mijn beurt om verbaasd te zijn. Oh my God, dacht ik, ik heb samengespeeld met dé George Clooney, en dat ben ik stomweg vergeten?! ‘Ik was één van de vier kandidaten voor de rol van J.D. in ‘Thelma & Louise’. Maar ja, jij wilde zo nodig rollebollen met Brad Pitt.’ (lacht)»

‘Susan Sarandon blies me meteen van m’n sokken. Wat een onvoorstelbaar krachtige vrouw! Wauw, dacht ik bij mezelf, zó moet het dus.’ (Foto: in ‘Thelma & Louise’.) Beeld Alamy Stock Photo
‘Susan Sarandon blies me meteen van m’n sokken. Wat een onvoorstelbaar krachtige vrouw! Wauw, dacht ik bij mezelf, zó moet het dus.’ (Foto: in ‘Thelma & Louise’.)Beeld Alamy Stock Photo

MASSAGE OP BED

– Niet Brad Pitt wist uw hart te veroveren, maar wel Christopher McDonald, die de rol van Thelma’s stompzinnige echtgenoot Darryl vertolkte. Kort na de opnames raakte bekend dat jullie zich verloofd hadden.

DAVIS «De vonk was overgeslagen op de set, maar eigenlijk pasten we niet zo goed bij elkaar. Na een paar maanden zijn we elk onze eigen weg gegaan. Niet lang daarna ontmoette ik Jeff (Goldblum, Dr. Malcolm in de ‘Jurassic Park’-films, red.), met wie ik ben getrouwd – maar ook die relatie was geen lang leven beschoren.»

– Dustin Hoffman had u nochtans gewaarschuwd voor romances met Hollywoodcollega’s, schrijft u.

DAVIS «Hij had overschot van gelijk. Toen ik in 1982 bij de cast van ‘Tootsie’ kwam, was ik nog een groentje. De eerste dagen waren een kwelling: ik liep hopeloos verloren op de set, omdat ik me geen houding wist te geven tussen al die wereldsterren. In mijn wanhoop wendde ik me tot Dustin, die toen al flink wat kilometers op de teller had. Of hij me soms enkele tips kon geven? ‘Er is maar één gulden regel,’ zei hij. ‘Begin nóóit iets met je tegenspeler, want daar komt alleen maar ellende van.’ Maar wat moest ik dan doen als de man in kwestie bleef aandringen? ‘Heel simpel: dan antwoord je dat je hem erg aantrekkelijk vindt, maar dat je de knetterende spanning die tussen jullie hangt, wilt bewaren voor het witte doek.’ (lacht)»

– U hoefde niet lang te wachten om dat advies aan de praktijk te toetsen.

DAVIS «Toen ik een paar dagen later na een etentje met enkele filmproducers in mijn hotelkamer kwam, vond ik op de vloer een briefje dat onder de deur was geschoven: ‘Jack Nicholson bellen op dit nummer, a.u.b.’ O, wat leuk, dacht ik, misschien heeft hij een interessante rol voor mij! Ik wist wel dat hij de reputatie had een onverbeterlijke rokkenjager te zijn, maar in al mijn onschuld was ik me van geen kwaad bewust. Even later klonk zijn diepe, doorrookte stem door de hoorn: ‘Sooo, Geeena… Whenzit gonna haaaappen?’ Ik was aan de grond genageld. Eén keer had ik ’m ontmoet, en die geile bok vroeg zich af wanneer ‘het’ eindelijk zou gebeuren! Rustig blijven, meid, zei ik tegen mezelf. Woord voor woord zei ik Jack wat Dustin me had aangeraden, in de hoop dat ik zijn ego niet zou krenken. Het bleef even stil aan de andere kant van de lijn, en toen schoot hij tot mijn stomme verbazing in de lach: ‘Damn, Geena! Goed gedaan, dat is verdomme het beste excuus dat ik ooit heb gehoord!’»

– Nam u hem dat oneerbare voorstel kwalijk?

DAVIS «Nee, helemaal niet. Vragen staat vrij, hè (lacht). Als hij had aangedrongen of kwaad was geworden, zou ik een slecht gevoel hebben overgehouden aan dat telefoontje. Maar Jack haalde onmiddellijk bakzeil en gaf z’n nederlaag ruiterlijk toe: dat siert hem.»

– Voor Bill Murray bent u minder vriendelijk: in uw boek beschuldigt u hem van grensoverschrijdend gedrag tijdens de opnames van ‘Quick Change’, een misdaadkomedie waarin jullie een roverskoppel speelden.

DAVIS «Bill was niet alleen mijn tegenspeler, maar ook de regisseur. De ellende begon al bij de audities: ik werd ontboden op zijn hotelkamer, waar hij me vroeg om op het bed te gaan liggen en mijn T-shirt uit te trekken. ‘Een kleine massage voor we eraan beginnen,’ zei hij. Ik antwoordde dat dat niet hoefde, maar Bill stond erop: hij haalde een thumper (massagetoestel met vibrerende bollen, red.) uit de lade en plaatste die op m’n blote buik. ‘Dit is écht niet nodig, Bill,’ protesteerde ik zwakjes. Alle alarmbellen in mijn hoofd gingen af, maar mijn lichaam was verstijfd van angst. Ik wilde niets liever dan die nare man van me afduwen en het op een lopen zetten, maar tegelijkertijd wist ik: als ik dat doe, is mijn carrière voorbij. Bill was indertijd een grote naam in Hollywood, ik dúrfde hem gewoonweg niet tegen te spreken. Gelukkig is het die dag bij een massage gebleven. Als hij verder was gegaan, weet ik niet hoe ik gereageerd zou hebben.»

– Recent zijn beelden opgedoken van een talkshow waarin jullie samen te gast waren. Bill Murray zit u voor het oog van de camera onophoudelijk te betasten, en u weet zich duidelijk geen houding te geven.

DAVIS «Zo ging het de hele tijd. Ook op de set van ‘Quick Change’ zat hij voortdurend ongevraagd aan m’n lijf. En als ik niet gewillig genoeg reageerde, vernederde hij me voor de hele crew. Wat je in die talkshow ziet, is een schrijnende illustratie van de machtsverhoudingen in het Hollywood van de jaren 90: de mannen mochten doen wat ze wilden, en de vrouwen moesten al dat vulgaire machismo met de glimlach ondergaan.

»Een paar weken na dat verschrikkelijke interview liep ik Warren Beatty tegen het lijf, die ik als een goede vriend beschouwde. ‘Wat Bill daar met je deed, was erg ongepast,’ zei hij. Toen ik hem bedankte voor zijn steun, boog hij zich naar me toe en fluisterde hij: ‘Ik weet dat je gelukkig getrouwd bent. Anders had ik je al lang geneukt, hoor.’ (Huivert) Zoiets zég je toch gewoon niet?!»

‘Ik zei tegen Ridley Scott: ‘Binnenkort ga ik met één van die vier mannen seks faken. Ik zou het erg appreciëren als je me dat met die blonde jongen liet doen.’’ (Foto: met Brad Pitt in ‘Thelma & Louise’.)  Beeld Alamy
‘Ik zei tegen Ridley Scott: ‘Binnenkort ga ik met één van die vier mannen seks faken. Ik zou het erg appreciëren als je me dat met die blonde jongen liet doen.’’ (Foto: met Brad Pitt in ‘Thelma & Louise’.)Beeld Alamy

OUDE DOOS

– De voorbije jaren zijn talloze acteurs van hun voetstuk getuimeld na beschuldigingen van ongewenst gedrag. Is de zwijnenstal van Hollywood definitief uitgemest?

DAVIS «Die vraag zul je aan iemand anders moeten stellen, vrees ik. Ik ben al een tijdje veroordeeld tot de rol van toeschouwer – blijkbaar de enige rol waar ik nog goed voor ben (lachje). Discriminatie op basis van je leeftijd is nog altijd een groot probleem in de filmwereld. Mannen kunnen blijven acteren tot ze erbij neervallen, maar voor de meeste vrouwen houdt het na hun 40ste gewoon op. Mijn telefoon is twintig jaar geleden gestopt met rinkelen: plots was ik onzichtbaar geworden voor de producers. Ik werd gedwongen om met vervroegd pensioen te gaan, terwijl ik dat helemaal niet wilde.»

– Indertijd gaf u een andere verklaring voor uw afwezigheid op het witte doek: u zei dat u bewust voor het voltijdse moederschap had gekozen.

DAVIS «Een leugentje om bestwil. Als ik de ware reden had verteld – ‘Ik zit thuis te kniezen omdat geen enkele regisseur nog interesse heeft voor een oude doos als ik’ – zou ik helemáál op een dood spoor beland zijn. Na de vliegende start die mijn carrière in de jaren 90 had genomen, moest ik me tevredenstellen met voice-overs en een paar onbeduidende rollen in tv-series.»

– U bleef niet bij de pakken neerzitten: in 2004 richtte u het Geena Davis Institute on Gender in Media op, dat ijvert voor sterke vrouwen op het scherm.

DAVIS «We doen meer dan dat, hoor. In de loop der jaren is mijn stichting uitgegroeid tot één van de belangrijkste Amerikaanse onderzoeksinstellingen voor gendergelijkheid – niet alleen in de media, maar in alle sectoren. Met de GDIQ (Geena Davis Inclusion Quotient, red.) hebben we bovendien een krachtige tool ontwikkeld die producers toelaat om genderonevenwichten op te sporen in hun films. De weg is nog lang, maar stapje voor stapje komen we dichter bij een Hollywood waar iedereen, ongeacht geslacht of ras, op een rechtvaardige behandeling kan rekenen.»

– En ondertussen blijven we, de titel van uw biografie indachtig, beleefd tot onze laatste snik.

DAVIS (lacht) «Dat zou mooi zijn, ja. Maar voor mezelf heb ik een ander einde in gedachten: ik zou graag nog één vuile, gewelddadige film maken. In mijn hoofd is het scenario zo goed als af, ik moet het alleen nog verkocht krijgen. Het wordt hoog tijd dat jullie eens kennismaken met de andere kant van Geena Davis: een vals, schuimbekkend gedrocht dat wild krijsend om zich heen schopt. Ik ben lang genoeg beleefd geweest, vind je ook niet?»

© The Sunday Times Magazine

Geena Davis, ‘Dying of Politeness’, HarperCollins

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234