null Beeld FB
Beeld FB

Het retteketettende kwintetSläpstick eert ‘The Roaring Twenties’

‘Ontwrichte schouders! Bloedneuzen! Barstende aders!’

Zelden muziektheater gezien als ‘The Roaring Twenties’, de nieuwe show van het komische collectief Släpstick. Vijf virtuoze Hollanders brengen een visueel imposante show die pendelt tussen clownesk en aangrijpend. Van Beethoven tot Gershwin, via gospel, hotjazz, Balkan, barbershop en musichall, soms gezongen in een onweerstaanbaar eigen taaltje of buiksprekend vertolkt, mist Släpstick twee uur lang geen noot. Of ze nu stunten met een vliegend tapijt, een telefooncel of een schildering: ze denderen zo onweerstaanbaar door dat je vaak geen tijd hebt om te lachen. Dra in zes Vlaamse zalen, nu op deze bladzijden!

Serge Simonart

Släpstick viert dit jaar een kwarteeuw op de planken. Beginnen deden de Nederlanders in 1997 als Wëreldbänd. De buitenlandse doorbraak volgde in 2017, toen ze op het Edinburgh Fringe Festival in Schotland – waar dat jaar meer dan tweeduizend acts naar de gunst van het publiek dongen – de prijs voor het beste debuut wonnen. En ze weten van geen ophouden: het nieuwe familiespektakel ‘The Roaring Twenties’, een ode aan de grootheden van de stomme film, kreeg van de drie generaties in mijn gezin vijf sterren. Laten in hun kaarten kijken: bandleden Rogier Bosman en Willem van Baarsen.

HUMO Wat was de eerste sketch waarbij jullie beseften: dit is geen doordeweeks muziektheater, geen circusact, geen stand-upcomedy, maar echt iets van ons?

ROGIER BOSMAN «De tapsketch. Er staat een bassist op het podium. Naast hem komt een man staan die tapdanst. Naast hem komt nog een tapdanser staan, op klompen dit keer. De vierde tapdanser verschijnt op schaatsen – en wordt overtroefd door een vijfde man die tapdanst… op ski’s. Je moet dat zíén, natuurlijk. En het verrassingseffect helpt ook. Een belangrijke booker ging op één van onze try-outs het hele optreden lang met zijn rug naar het podium zitten. Hij wilde het publiek observeren: hoe vaak en op welke momenten lachte het? De volgende dag bood hij ons een tournee van 50 optredens aan.»

HUMO ‘The Roaring Twenties’ is al jullie vijfde grote show. En toch zag ik dat jullie 35 try-outs hebben gedaan.

WILLEM VAN BAARSEN «Wij zijn perfectionisten. Een sketch is nooit helemaal af, het kan altijd beter. Alle delen van een show moeten naadloos in elkaar overgaan, en elke seconde telt. Breng een clou een fractie te vroeg of te laat, en je verliest de helft van het effect. We gebruiken ook heel wat technische snufjes: zenders, filmbeelden, een mechanische piano, computergestuurde speciale effecten, enzovoort. En daarbovenop is er de coördinatie tussen onze vijf lijven. Of we nu struikelen of van een ladder vallen: alles moet totaal geloofwaardig zijn, zonder dat we écht in het ziekenhuis dreigen te belanden.»

BOSMAN «In een vorige show zat een moment waarop ik zo’n ouderwetse zware microfoon – hij hing met een kabel aan het plafond – van me af moest gooien en weer moest opvangen. Maar de stagiair trok de kabel iets te hoog op, waardoor het metaal tegen mijn voorste tanden sloeg. Bij een fout getimede trampolinesprong ontwrichtte ik mijn schouder, terwijl ik een vredig liedje van Schubert aan het zingen was. En ik herinner me een sketch waarin we elkaar met violen te lijf gingen: één keer was Willem iets te enthousiast, wat me op een bloedneus en een kapotte bril kwam te staan.»

HUMO Is jouw vrouw mooier dan de zijne?

BOSMAN «Op dit moment wel!»

VAN BAARSEN «Ik had dus een goeie reden (lacht). Onze collega Jon Bittman werd eens verschrikkelijk toegetakeld toen ik in Manchester met ladder en al op hem viel: hij kermde van de pijn, maar het publiek dacht dat het bij de show hoorde. Bij mij is een ader in m’n voorhoofd gebarsten toen ik met mijn hoofd tegen een luik ramde – overal bloed, echte horror. En dan zijn er natuurlijk de kneuzingen, de verzwikte enkels, de hernia’s... Ro Krauss, een andere collega, heeft aan onze stunts zo’n kapotte rug overgehouden dat hij recent forfait heeft moeten geven. Tja.»

HUMO Jullie helden zijn de grote komieken uit de glorietijd van de stille film: Laurel & Hardy, Charlie Chaplin, Buster Keaton, The Marx Brothers. Zij konden desnoods vijftig takes opnemen en daar de beste uit kiezen. Bij jullie moet het meteen goed zitten.

BOSMAN «Toen Charlie Chaplin in ‘The Gold Rush’ een uitgehongerde tramp speelde die z’n schoen verorberde, had hij ettelijke takes nodig: dat ding was gemaakt van zwarte drop – de rest van z’n leven kon Chaplin geen drop meer zíén. Wij zijn ons bewust van onze beperkingen, maar we geven nooit op. Soms mislukt het. Voor het liedje ‘Boum’ van Charles Trenet hebben we bijvoorbeeld geëxperimenteerd met explosies: bloem, ballonnen, kruit, een uit elkaar spattende contrabas. Dat zag er nooit spectaculair genoeg uit.»

HUMO Wat is het lastigste om voor elkaar te krijgen?

BOSMAN «Het lastigst is als je vijf ballen tegelijk in de lucht moet houden. In ‘The Roaring Twenties’ doen we iets met een auto die we zelf moeten draaien, terwijl we acteren en zingen en instrumenten bespelen, en dat alles moet perfect afgestemd zijn op de filmbeelden die ondertussen te zien zijn.

»Ik speel ook theremin in deze show. Dat is aartsmoeilijk, ook al omdat dat instrument werkt op basis van magnetische golven, die in elk theater anders zijn. Tijdens de soundcheck zijn de lichten bovendien niet aan, maar tijdens de voorstelling wel. Gevolg: die antennes reageren anders. Dan zie ik mensen naar me kijken met een blik van: die vent staat te playbacken (lacht).»

HUMO Slaat een goeie grap overal in, of zijn er culturele verschillen?

VAN BAARSEN «In Frankrijk werken Duitse liedjes niet, hebben we gemerkt. Maar als we daar een Franse klassieker als ‘La mer’ verbasteren tot Nederlands met een Haags accent, ligt iedereen plat. In Nederland geldt onder artiesten het cliché dat in België optreden lastiger is, omdat het publiek hier bedaarder is en minder snel een staande ovatie geeft. Maar ik merk dat jullie gewoon aandachtiger kijken. Als we aan een grap nog een subtiel staartje breien, gaat dat in sommige landen verloren in het applaus, terwijl de Vlamingen netjes wachten met applaudisseren tot de sketch helemaal is afgerond. Zij lijken echt te genieten van dat staartje.»

HUMO Jullie bespelen meer dan vijftig instrumenten. Zelfs met de terminaal onhippe panfluit doen jullie iets leuks: mijn felicitaties!

BOSMAN «Soms ontstaat een sketch zelfs uit een instrument. Zoals toen bleek dat je ook op de uit elkaar geschroefde delen van een klarinet een leuk deuntje kunt spelen, zélfs als de jaloerse violist alle delen heeft afgepakt behalve het kleine mondstuk.

»Ik heb Franse hoorn gestudeerd, dat is anno nu een extreem oncool blaasinstrument.»

VAN BAARSEN «Ik heb op school lang verzwegen dat ik viool speelde, omdat ik vreesde dat de meisjes dat stom zouden vinden. Jon vertelde me dat hij als jongeling elke dag z’n klarinet wilde kapotrammen, maar hij móést dat instrument studeren van z’n vader. Nu renderen die uren. De boodschap is dus: volhouden, kids!»

HUMO In ‘The Roaring Twenties’ komt geen enkele vrouw voor. Tenzij je de cartoonfiguur Betty Boop meerekent.

BOSMAN «Tja. We hebben wel met vrouwen samengewerkt, maar uiteindelijk blijken onze grappen het beste te werken binnen dit jongensclubje.»

HUMO Zijn er grappen die je in dit woke tijdperk niet meer zou maken? Als het zo voortgaat, komt er ooit een bananenvakbond die een proces inspant tegen artiesten die in hun show iemand over een bananenschil laten struikelen.

VAN BAARSEN «Jaren geleden hebben we een parodie gemaakt op de Chinese opera, waarin sowieso elk gebaar heel dik wordt aangezet en de vrouwenrollen ook door mannen worden gespeeld. Natuurlijk maak je dan een karikatuur van die Chinese artiesten, en toch heeft niemand er zo hard om gelachen als de honderden genodigden op een grote Chinese bruiloft waar we die parodie brachten. Maar wij schoppen nooit bewust tegen schenen. Het ligt niet in ons karakter, en makkelijke controverse biedt ook geen meerwaarde voor onze shows.»

HUMO Wat is het mooiste aan jullie vak?

BOSMAN «Dat we ons helemaal kunnen uitleven. Dat wat eens een piepklein gek ideetje in één van onze hoofden was, na een jaar zwoegen uitgroeit tot iets wat tegelijk spectaculair en beklijvend is.»

VAN BAARSEN «Geregeld huilen mensen. Echt tranen van geluk. Niet alleen omdat ze door te lachen even hun zorgen vergeten, maar ook omdat ze ontroerd zijn. Onze humor is anticynisch. Je wordt in good vibes ondergedompeld als in een warm bad. En dan volgt een emotionele ontlading. Daar doen we het voor.»

‘The Roaring Twenties!’, op 24/11 in Cultuurcentrum MUZE in Heusden-Zolder, op 25/11 in CC Achterolmen in Maaseik, op 26/11 in Cultuurcentrum Asse, op 27/11 in Stadsschouwburg Brugge, op 1/12 in Cultuurhuis De Leest in Izegem en op 2/12 in Cultuurcentrum Zwaneberg in Heist-op-den-Berg.

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234