Concertreview: Ty Segall op Best Kept Secret 2018

, door (jm)

7

Ze bestaan nog, mannen die te kaap’ren willen varen. Die weten dat een plaat van Black Flag een mensenleven kan veranderen. Die geen kinderen maken die ze vervolgens Licht of Hoop noemen. Die een t-shirt van Jim Morrison dragen in plaats van eentje met een ironische subtweet erop. Die de garage niet in de eerste plaats zien als de slaapplek van hun Opel Omegaatje, wel als de plaats waar ze opwindende gitaarherrie bedenken. Die domweg verliefd kunnen worden op een Fender.

Ty Segall is er zo eentje. Geboren in 1987, maar met het zaaddodende troetelnaampje ‘millennial’ moet je bij hem allicht niet komen aankakken. Hij laat zijn witblonde haren nog altijd voor zijn ogen vallen façon Kurt Cobain. Eigenlijk is hij Kurt Cobain, of beter: wat Kurt Cobain had kunnen zijn, als de roem hem niet opgevreten had. Segall is de nummer tien van de rauwe garagerock, die platen maakt aan het tempo waarop Rik Torfs suffigheden tweet, druk gesolliciteerd wordt als muzikant en producer, en zijn lust for live voor niemand verbergt: schuif Ty Segall een podium onder de voeten, en hij is thuis.

Zondag waren u en ik de lucky bastards die op Best Kept Secret een uur lang opwinding mochten bingewatchen. ‘Wave Goodbye’, de opener, was meteen zo’n motherfucker die met z’n volle gewicht op je kop kwam zitten. ‘Verpletter me maar,’ prevelde het meisje naast me, headbangend met een door geluk bezwangerde blik in haar ogen. Even later zag ik een bonkige kerel uit de moshpit komen, en ik denk niet dat ik ooit al iemand zo blij heb zien zijn met een blauw oog. Ty Segall raasde intussen door z’n set, via het punky ‘Candy Sam’ en het meeslepende ‘Every 1’s a Winner’ - van Hot Chocolate, ja - over ‘Love Fuzz’ tot afsluiter ‘Sleeper’, de mooiste tatoeage die ik nooit heb laten zetten. Op geen enkel moment klonk het saai, eendimensionaal of gedateerd - het bittere levenselixir dat rock-’n-roll is, doet niet aan houdbaarheidsdatums.

Na dat uur gitaargeil stond iedereen voor podium twee zich wat beduusd in de ogen te wrijven: aan welke goeie god hadden we dat prachtig onweer te danken? Wat was hier eigenlijk gebeurd? Ik weet het ook niet goed. Wat ik wel weet: op het grote Monopolybord van de muziek is het lawaai van Ty Segall het vakje waarop ik een hotel wil bouwen.

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?