© Bas Bogaerts

Dag drie op The Ark: Ibiza zien, en een beetje sterven

, door (gunter van assche)

19

Lees ook deel 1 en deel 2 uit deze serie van De Morgen-journalist Gunter Van Assche.

Dag drie is het windstil op The Ark. De organisatie gaat er gemakshalve van uit dat de aantrekkingskracht van Ibiza het allicht wint van dj-sets op het aangemeerde schip, bij alle tweeduizend passagiers. Pas na middernacht belooft het weer alle hens aan dek te worden op het cruiseschip The Visions of the Sea.

Een gezelschap van een tiental vrienden, dat we al vanaf dag één leerden kennen, neemt fotograaf Bas en mij mee op sleeptouw. Ze blijken niet vies van een feestje, merkten we al snel. En dat komt voortreffelijk uit: wij ook niet. Vol vertrouwen in een baldadige middag storten we ons in sangria, wijn en Corona, om vervolgens het strand op te gaan.

Daar wordt de sfeer meteen doodgeslagen. Ibiza dat ligt te zieltogen? Het is echt geen zicht. Eind augustus is het eiland zijn wilde haren en streken verloren, en banjert de feestzomer op kreupele pootjes naar een finale reutel. Op het strand ligt één meisje op een badhanddoek te huilen met haar hoofd in handen. Oude mannen met metaaldetectoren speuren het strand af naar juwelen en kleingeld dat dronken toeristen per ongeluk kwijt raakten. Ondanks een overdaad aan beeldig gesculpteerde konten en uitgesproken balkons oogt het strand verrassend treurig.

Fotograaf Bas krijgt het al snel aan de stok met een verkoper van onnozele ballonnetjes, wanneer hij foto’s trekt van zijn cliënteel. Hij krijgt de indruk dat Bas zijn business model aan het wankelen brengt door zijn aanwezigheid: “If you want to take a picture, you have to pay me.”

Op de kade lopen West-Afrikaanse jongens zonder veel animo nephorloges en zonnebrillen te venten, even verderop worden we gewenkt door iemand die coke en bollen slijt, “maar ook aan alle andere gerief kan geraken”. We besluiten zijn snoepwinkeltje links te laten liggen. Een wijs besluit, valt een half uur later op: als zijn clientèle bestaat uit de grimassende zakkenwassers op de dansvloer in een nabijgelegen beach club, konden we net zo goed een lobotomie met een breinaald uitgevoerd hebben.

Bora-Bora is een discotheekje aan het strand, dat de 24 hour party people op Ibiza overdag moet chambreren voor het échte werk in clubs als Amnesia, Space en Pacha. Om in de stemming te raken voor een eindeloze feestnacht, gaan we in op het voorstel van een lokmeisje dat paarse polsbandjes uitdeelt: gratis inkom én een gratis drankje. Klinkt goed.

Tot we binnenstappen. Zo exotisch als Bora-Bora klinkt, zo exodus bevorderend is de club. Je botst er om de haverklap tegen dronken Britten en Duitsers die hun best doen om op hun benen te blijven staan, terwijl de black-out onvermijdelijk lonkt. Twee mooie, zwarte meisjes zien we een kwartier lang dansen, terwijl ze zichzelf onophoudelijk filmen met hun smartphone. Geen moment maken ze oogcontact met elkaar. Dit is tristesse van een sneu Snapchat-soort.

Op een podium danst een bezwete, harige beer in ontbloot bovenlijf. Als je dansen zou verwarren met spastische contracties, tenminste. We denken hem te herkennen. Tuurlijk! De dansende beer lijkt wat op Lou Ferigno als de Hulk. Maar ook op de ultieme posterboy voor “say no to drugs”. Als een onbehouwen Ork blijft hij onvermoeibaar op zijn podium stuiptrekken, terwijl een handvol bezoekers zowat vergaat van leedvermaak. We voelen ons plaatsvervangend onpasselijk worden.

Overdag is dit Ibiza niet het land van vrolijke excessen, maar een schraal excuus voor feestgedruis. Plots herinneren we terug dat Karl Hyde van Underworld ons al eens had gewaarschuwd: “Ibiza is much like Blackpool-on-the-Med.” Vrij vertaald: Marginalia-aan-de-Middellandse Zee. Ibiza zien, en een beetje sterven. Zo voelt deze trip aan.

Van de Ork naar The Ark dan maar?

Uitstékend idee. Het feestje op het schip begint pas na middernacht, maar gaat wel metéén in overdrive met een back-to-back van Davidov en Black Frank. Die smokkelen het party concept City Queens binnen op het schip, en die contrabande is precies het wondermiddel waar iedereen al een dag op zat te wachten. Mystical, Fat Joe en Beyoncé worden er binnen een kwartier doorgejast, waarna ‘Return of the Mack’ van Mark Morrison ‘Wegue Wegue’ van Buraka Som Sistema de dansvloer in lichterlaaie zet. De nostalgische muziekkeuze voelt aan alsof ze de harddrive van de tweede editie van City Queens hebben opgediept, maar die aanpak werkt magisch bij de dertigers en veertigers. Iedereen gaat uit zijn dak op het dek.

Fatman Scoop volgt hen daarna op met een adhd-set, waarin je op vijf minuten tijd drie songs hoort en schor geschreeuw van de dj. Wij willen na een half uur vermoeid afdruipen, maar uiteindelijk blijven we op aandringen doorgaan tot aan het ochtendgloren. De sfeer is er dan ook naar om te willen blijven plakken. Geen agressieve standjes van dronken festivalgangers, geen gore of buitenissige misstandjes. “Dit is de moedertjeseditie,” vertrouwde een Nederlandse dj ons op dag één toe. Daar valt iets voor te zeggen: op 1 september willen de meeste aanwezigen - vaak ouders van jonge kinderen en tieners - fris aan de schoolpoort staan, dus van extreme excessen is geen sprake.

In het café probeert één van de meisjes in ons gezelschap de barman te overhalen om het tweede rondje Caïpirinha’s gratis aan te bieden, in ruil voor een passionele kus. Die laatste grijnst tamelijk ongemakkelijk, om dan bloedserieus te bekennen dat hij wel wil, maar niet màg. “Als ik één van de passagiers zou binnendraaien, word ik zonder pardon ontslagen.” Daarna kijkt hij even moedeloos voor zich uit, met een doffe blik die stille wanhoop en brandend verlangen verraadt.

Het is ondertussen al half zeven geworden. “Morgen hebben we zéker prijs,” lachen twee meisjes net iets te luid voor ze het allerlaatste feestjes van de nacht de rug toekeren, en de kater of hamer zullen afwachten in bed. De zon verschijnt timide aan de hemel, en het schip glijdt door de Mediterraanse Zee, tussen Ibiza en Palma de Mallorca. Ze lachen even dronken in mijn richting. We weten alledrie: iedereen zit samen in de penarie. De volgende dag komt de kille realiteit van het dagelijkse leven weer meespelen. Wég parallelle wereld van een cruiseschip.

Afscheid nemen valt ons zondag trouwens oprécht zwaarder dan we vooraf hadden kunnen voorspellen. Ze valt zelfs zwaarder dan de rekening na drie dagen feesten (schade: een mooi afgeronde achthonderd dollar voor twee personen). Wanneer we de vliegtuigterminal van Mallorca binnenstappen, beseffen we wat we al drie dagen en nachten hadden moeten zien aankomen: zeezucht is de overtreffende trap van Sehnsucht. 

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?