© Stefaan Temmerman

Punkdag op de Lokerse Feesten: rokjes, regen en... een vleugelpiano

, door (wim wilri)

41

Marky Ramone’s Blitzkrieg (**) trapte deze punkdag af. Met een welgemeend “Hey ho, let’s go!” van de drummer vooraan aan de micro. Het hoeft niet gezegd dat de Grote Kaai een grote medley aan Ramones-songs kreeg voorgeschoteld. Waarbij de jonge bassist het obligate ‘1-2-3-4' mocht aftellen voor klassiekers als ‘Sheena is a Punk Rocker’, ‘Blitzkrieg Bop’, ‘Commando’ en ‘Rockaway Beach’. Naar traditie in sneltreinvaart afgehandeld. Leuk voor de legende van een groep waar de voltallige oorspronkelijke bezetting (helaas) al even overleden is.

Marky Ramone kan rekenen op een lang verleden bij de New Yorkse punk-iconen en houdt op zijn 67ste de naam nog altijd levend. Van achter een klein en compact drumstel, waar zijn knokige armen en zwarte haar boven uit staken. Marky Ramone kreeg de vroege vogels aan het meezingen, ook tijdens ‘Surfin’ Bird’ (The Trashmen). Missie geslaagd dus? Mja, jammer dat het allemaal nogal rommelig klonk. De brulboei van dienst was helaas ook geen Joey Ramone. Dit was een veredeld coverbandje.

Plastic Bertrand op zijn Brits

The Damned (***) kwam veertig jaar Machine Gun Etiquette vieren in Lokeren. De Britse band (kloeke zestigers intussen) wilde zichzelf en het publiek vermaken. Captain Sensible en toetsenist Monty Oxymoron gingen met de meeste aandacht lopen. “Een toetsenist in een punkband, kan dat?”, vroeg zanger Dave Vanian. Waarom niet? Zeker als die krullenbol een broek vol doodskoppen aan heeft getrokken. En een sticker tegen het boren naar schaliegas in thuisbasis Sussex op zijn keyboard heeft plakken. Nog altijd de juiste punk-attitude, zeg maar. Vanian struinde onophoudelijk over het podium en bleef je interesse eisen. Het meeste respons kreeg de band in de finale. Met een strak en onverwoestbaar ‘New Rose’. Met ‘Neat Neat Neat’ ook, waarbij de zanger zelf met zijn smartphone de massa begon te filmen. Om af te sluiten met een speciaal ‘Jet Boy, Jet Girl’ van Elton Motello. Dat is - voor wie het niet kent - de Britse versie van ‘Ca Plane Pour Moi’. Lou Deprijck speelde de backing track destijds in, en liet zanger Alan Ward er een Engelse tekst op maken. Leuke cover, leuke spirit. Het klonk bovendien heel wat strakker dan toen Metallica diezelfde Belpop-klassieker twee maanden geleden in Brussel speelde.

Fuck the rain

“Samen doen wij iets wat Trump niet kan. Samen maken wij één feest!” De Heideroosjes (****) brachten niet alleen een boodschap en bakken energie naar de Lokerse Feesten, maar ook bakken regen. Brulboei Marco Roelofs kwam opgestormd om ‘Ik Wil Niks!’ in te zetten toen de eerste regendruppels naar beneden vielen. Per song nam de regenvlaag in gradatie toe. Dat deerde band noch publiek. Bij ‘Damclub Hooligan’ kon je je hemdje al uitwringen. Toch bleef de massa op de Grote Kaai meezingen en springen. “Fuck the rain!”, krijste de kale frontman. Om bij het aanschouwen van een gigantische circle pit nog meer liefs te roepen: “Ik zou liegen als ik zeg dat ik dit niet gemist heb.” 

De Heideroosjes splitten zeven jaar geleden en houden dit jaar een reünie-tour, om hun 30-jarig bestaan onder de aandacht te brengen. Terecht: Roelofs en zijn bende hebben het hart op de juiste plaats en de attitude van die eerste plaat in ‘92 zit nog in hun lijf. ‘I’m Not Deaf (I’m Just Ignoring You)’ werd onthaald als een hymne. “Jullie moshen even hard als toen we hier negentien jaar geleden een eerste keer stonden”, lachte de zanger de tanden bloot. ‘Goede Tijden, Slechte Tijden’ rolde voorbij. Er volgde een heuse wall of death. En het stopte zelfs met regenen. Roelofs prees de vele vrijwilligers die de Lokerse Feesten mogelijk maken, waarop gitarist Franky zich waagde aan een duik in de massa van op het podium. Grijnzende gezichten alom, de doorweekte massa overwonnen. Eind dit jaar nemen De Heideroosjes afscheid in Het Depot in Leuven. Als dat concert maar half zo leuk is als dit, is het al de moeite waard.

Rocken in een rokje

NOFX (***) is haast evenveel comedy-act als punkband. Frontman Fat Mike had zich uitgedost in een kort zwart rokje, wat keurig bij zijn blauwe haar paste. Rond zijn nek droeg de bassist geen hangslot maar een metalen hartje. NOFX begon met een (te) lange mopjes-routine, waarbij Trump andermaal kop van jut was. Eens deze bende vrienden (ze spelen nog steeds in de originele bezetting) aan het rocken sloeg, bewees de band uit Los Angeles dat ze tot de besten behoren. ‘Perfect Governement’ zat zo strak als het rokje rond de heupen van de zanger. 

Met een punky ‘Les Champs Elysées’ (Jason Crest) vond Mike het moment gekomen om het publiek wat te jennen. “België, dat is toch Frankrijk in het klein?”, sneerde hij. Ook hoofdact The Offspring moest er aan geloven. “Wij zijn de beste vanavond!”, brulde de frontman richting Noodles, die aan de rand van het podium stond. Of toch niet? Met NOFX weet je nooit. ‘I Don’t Like Me Anymore’ was een heerlijk bolletje energie dat crowdsurfers en moshpits bracht. “Zie je wel dat we goeie songs spelen”, grapte Fat Mike andermaal. Met trompetjes, een regenboogvlag en hun dansende toetseniste wist de band een uur lang te entertainen. NOFX dankte het publiek tijdens slotsong ‘Kill All the White Man’ voor het Belgisch bier. Iets minder grapjes en wat meer liedjes hadden hun amusante optreden meer vaart gegeven.

Kaarsen, piano en AC/DC

The Offspring (**) had moeite om de juiste versnelling én de correcte toonaard te vinden in Lokeren. Bij openingsduo ‘Americana’ en ‘All I Want’ was de band aan het zoeken. Toen frontman Dexter Holland een gitaar ombond en ‘Come Out and Play’ inzette, volgde een aanzet in de juiste richting. ‘Original Prankster’ was een leuke knipoog, die beter paste dan ‘Staring At the Sun’. Gitarist Noodles besloot NOFX de loef af te steken, en vroeg of het Lokerse publiek misschien een streepje Nicki Minaj verlangde. Of eerder een streepje Spice Girls. Om dan te kiezen voor een matige cover van AC/DC’s ‘Whole Lotta Rosie’ (“Een van de beste rockbands ooit”). Wat Dexter Holland nadien bezielde om kaarsjes aan te steken en achter een vleugelpiano te gaan zitten voor ‘Gone Away’ tartte elke verbeelding. Toonvast klonk het niet, inspirerend evenmin. 

In het tweede deel scoorde The Offspring gelukkig beter, en volgden er grote ballonnen en even grote hits. ‘Why Don’t You Get a Job?’, ‘(Can’t Get My) Head Around You’, ‘Pretty Fly (For a White Guy)’ en ‘The Kids Aren’t Allright’ (bijgestaan door NOFX-frontman Fat Mike) vormden een mooie finale. Als je er abstractie van maakte dat Dexter Holland door zijn stem zat. Het publiek in Lokeren vond het allemaal leuk en zette het op een crowdsurfen en pogoën alsof morgen nooit meer kwam. Met ‘You’re Gonna Go Far, Kid’ en een bruisend ‘Self Esteem’ zorgde The Offspring alsnog voor een mooie bisronde, waarin ze alle andere acts van de avond bedankten. Deze Californische punk-iconen hebben zelf al beter gescoord in België. 

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?