© Stefaan Temmerman

Alcatraz zet alles op zijn kop: geen (grote) headliners, toch meer publiek

, door (wim wilri)

102

Alcatraz doet het met een persoonlijke aanpak. Alle 63 optredende bands krijgen speciaal gemaakte pralines en een fles Omer. Als het kan overhandigd door burgemeester Vincent Van Quickenborne (Open Vld) zelf. Die is een grote metalfan en voelt zich als een vis in het water. “Zo doen we dat graag”, zegt Van Quickenborne, terwijl hij Speedözer ontvangt met zijn Obituary-petje op. “Iedereen moet zich hier welkom voelen.” En dat geldt niet alleen voor de bands, die van overal ter wereld naar Kortrijk komen afzakken. Ook het publiek wordt vermaakt. Als je over het terrein stapt, ben je in het beruchte gevangeniscomplex van Alcatraz terecht gekomen. De hele site is ingepakt, tot wachttorens toe. Overal lopen gevangenen, freaks, sheriffs en schaars geklede bewaaksters in plunje rond. “Dit is geen Alcatraz waar je uit wil ontsnappen, maar eentje waar je graag in wil blijven”, zegt frontman Phil Rind van Sacred Reich.

Overleven zonder grote naam

Het is de inkleding en aanpak die de metalfans appreciëren. En dat merkt de organisatie aan de ticketverkoop. Die liep beter dan vorig jaar, terwijl toen ‘grotere’ hoofdacts als Limp Bizkit, Status Quo en Helloween geprogrammeerd stonden. Alcatraz moest het afgelopen weekend met afsluiters Avatar en Avantasia stellen. Twee bands die vooraan in de platenbakken onder de letter A liggen, maar die zelfs uw Nonkel Metal niet goed weet plaatsen. En toch kwam de massa in grote getale. “Zoveel volk als nu hebben we nog nooit gelokt”, zegt een tevreden Bernard De Riemacker van Alcatraz. Het bewijs dus dat festivals ook kunnen overleven zonder grote naam als lokkertje bovenaan de affiche. Het is een vraagstuk waar veel organisatoren al even mee worstelen. Zeker in het harde genre, waar veel grote namen op hun laatste benen lopen of al gestopt zijn. Black Sabbath en Twisted Sister hingen de gitaar aan de haak, Kiss is aan een afscheidstour toe…

'Alcatraz lokt het publiek door een knappe programmatie in de breedte aan te bieden. Met ook veel Belgisch talent.'

“Elk festival is bezig met ‘de toekomst’”, weet De Riemacker. “Er is een nieuwe generatie aan bands die nog zullen doorgroeien, denk maar aan Gojira en Amon Amarth. Maar eenzelfde mythische status als de grondleggers van het genre zullen ze nooit krijgen. En dus moet je anders gaan denken.” Alcatraz zet alles op zijn kop. Het lokt het publiek door een knappe programmatie in de breedte aan te bieden. Met nieuwere acts, vermengd met oude favorieten (in alle subgenres) en ook veel Belgisch talent.

Volledig Belgisch podium

Dit jaar is er zelfs een nieuw, derde podium toegevoegd. Met uitsluitend Belgische bands in een tent, die La Morgue werd gedoopt en waar kroonluchters voor veel sfeer zorgen. Elk van de groepen hier heeft zijn trouwe volgers, die naar Alcatraz komen afzakken om hun favorieten én een hoop andere acts mee te pikken. De beleving staat voorop. En dat op een compact maar ruim genoeg terrein, waar je makkelijk aan drank raakt en je vrienden niet snel kwijt speelt.

Het aanbod aan eten is er een van overvloed, met naast pizza’s uit houtovens en artisanaal ijs uit Kortrijk ook Surinaams en vegetarisch eten. In de altijd gezellige bar El Presidio krijg je je pint uit een glas, terwijl de DJ hardrock-klassiekers laat knallen en iedereen staat mee te zingen. “Ik vind het hier heel gezellig”, zegt Colin H. van Eeckhout. Het is de eerste keer dat de zanger van Amenra op Alcatraz is. “De omvang, de inkleding, het visuele: aan alles is hier gedacht. Het werkt.”

Thuismatch Amenra

The Swamp, het grootste overdekte podium, staat garant voor knappe groepen. Zoals afsluiter Amenra (****), dat zaterdagnacht een thuismatch kwam spelen in Kortrijk. Op een uur tijd bouwde de West-Vlaamse postmetal-band een muur aan sludge-gitaren op, om die telkens opnieuw vakkundig te slopen. Amenra startte ingetogen, met frontman van Eeckhout geknield. Hij sloeg op metalen staven en zette ‘Boden’ in. De tent stroomde vol, ook met uitgelaten festivalgangers die van Avatar kwamen. Ze waren luid en stoorden fans die ritmisch op de muziek headbangden. Wie naar voor trok, werd één met het geluid. Het machtige beukwerk in ‘Thurifer’ eiste je aandacht. Landschappen van bergtoppen en wolken vormden het decor, waarna van Eeckhout zich tijdens ‘Razoreater’ een eerste keer omdraaide naar het publiek. Zijn armen klauwden, de razernij stond hem in de ogen, hij krijste zich de ziel uit zijn vege lijf. Bassist Levy Seynaeve (na een onderbreking bij zijn eigen band Wiegedood terug bij de band) brulde haast even luid als de zanger. Hoe blij waren we dat ‘A Solitary Reign’ in de set zat. Amenra versnelde naar de finish toe. De planken vloer trilde mee met ‘Terziele’. De band wiegde op de wilde zee die ‘Am Kreuz’ teweeg bracht. Colin van Eeckhout viel voorover op de vloer. Om nog een laatste keer recht te kruipen bij ‘Diaken’. De rookmachine ging in overdrive, net als de gitaren van Mathieu van de Kerckhove en Lennart Bossu. Prachtig eindpunt. Amenra heeft nog twee aparte shows op het programma. Volgende week staat de band in Las Vegas, begin september in het Rivierenhof in Deurne.

Meteowing meet de wind

De stormwind speelde zaterdag wel een beetje voor spelbreker. De eerste twee acts op het hoofdpodium werden geschrapt om veiligheidsredenen. Ze werden herplaatst naar een ander podium. Ook het vip-deck, van waaruit je een hoog en mooi overzicht hebt op het festivalterrein, bleef tot zes uur ‘s avonds afgesloten. De aankondigers deelden iedereen mee dat “elke act kon gestopt worden, als dat nodig bleek”. Veiligheid voor alles, zeker na het drama van Pukkelpop acht jaar geleden. Specialisten van Meteowing waren op het terrein aanwezig en volgden alles op. Gelukkig zonder erg.

Gekke Japanners

Het maakte de beleving er niet minder op. Zaterdagmiddag zorgde het Japanse Crossfaith (****) al vroeg voor een geschift feestje op Alcatraz. Met alle groepsleden die constant meer vroegen én eisten van het publiek. De band uit Osaka kreeg de massa aan het bewegen met een heuse wall of death, terwijl toetsenist Terufumi Tamano bovenop zijn instrument stond en zanger Kenta Koie de eerste rijen opzocht. Het kunstje om de massa te laten hurken en weer opspringen werkte. Zeker met een publiek dat uit de handen at van deze band. Prong (***) uit New York volgde en bracht een lekkere groove mee in ‘Unconditional’. Frontman Tommy Victor spon sommige songs iets te lang uit. Maar als je nummers als ‘Beg To Differ’ en afsluiter ‘Snap Your Fingers’ in je catalogus hebt, kan je weinig verkeerd doen.

Flotsam & Jetsam (***) is zo’n groep die het nooit écht gehaald heeft. Uitstekende thrash-metal uit Arizona, die vooral bekend werd omdat bassist Jason Newsted werd ingelijfd bij Metallica. De groep koos voor een dubbele gitaaraanval in een volgepakte Swamp. Niet te verwonderen dat ze een song als ‘Iron Maiden’ speelden. “Genoemd naar een van mijn favoriete groepen”, grijnsde zanger A.K. Knutson. De kleine pitbull, met een Amerikaanse vlag en de tekst ‘These colors don’t run’ op zijn vestje, beet van zich af. En vermaakte het publiek vooral met wat het wou horen. Gouden oudjes uit Doomsday for the Deceiver, vermengd met nieuwe songs uit hun jongste plaat The End of Chaos.

Legende Lizzy (met Mastodon en Priest)

Wat moet je denken van een groep waarbij het belangrijkste bandlid al lang overleden is? Thin Lizzy (***) stond op het hoofdpodium van Alcatraz met gitarist Scott Gorham (68) als enige originele. Om te vieren dat Phil Lynott zijn iconische band een halve eeuw geleden oprichtte was er een gelegenheidsband samengesteld. En stond Troy Sanders van Mastodon plots voor je neus te bassen, terwijl Scott Travis van Judas Priest het ritme aangaf op een (naar zijn normen) klein drumstel. Thin Lizzy opende meteen met ‘Jailbreak’, op het ritme van liefst drie gitaren. Frontman Ricky Warwick (The Almighty, New Model Army) toonde zich een uitstekende volksmenner. Even sprong de band uit het gelid, door met drie trommelaars vooraan ‘Do Anything You Want To Do’ in te zetten. 

Voor het overige was het classic-Lizzy all the way. ‘Emerald’ werd aangekondigd als een Iers volksliedje en rockte als vanouds. ‘Rosalie’ werd door de zanger opgedragen “aan Phil en Gary Moore”, waarna ‘The Cowboy Song’ werd ingezet en er Ierse vlaggen werden bovengehaald in het publiek. Het slot van Thin Lizzy was erg sterk. ‘The Boys Are Back in Town’ werd door de hele wei meegezongen en ging over in een rockende versie van ‘Whiskey in the Jar’. Scott Gorham herbeleefde zijn oude dagen en ging op in zijn instrument. Waarna ook Troy Sanders wijdbeens ging spelen. Al bij al een waardige hommage.

Poppenkast zonder inhoud

Het Zweedse Avatar (**) bracht vuurwerk, gekleurde confetti en een gekke koning naar Alcatraz. Het was een poppenkast van niveau, met de band die door een tunnel onder het drumstel het podium op kwam. Maar inhoudelijk woog de hoofdact van Alcatraz wel érg licht. Avatar speelde met hun avant-gardemetal graag leentjebuur en klonk bovenal als bordkarton. Songs als ‘The Eagle has Landed’ botsten alle kanten op. Met een akoestische intro, een refrein waarbij iedereen aan het zwaaien ging en een slot waarop de verklede bandleden (en hun ‘koning’) Slipknot probeerden te evenaren. Mooi hoor, die muur van vuur. Maar echt warm kreeg je het nooit van Avatar.

Zondag was de wind deels verdwenen, de zon helaas ook. Gelukkig stonden er genoeg straffe bands op de drie podia. 

'Het maakt niet uit wie je bent of hoe je er uit ziet. Open je hart. Iedereen is hetzelfde.' Phil Rind

Hart op de tong

Sacred Reich (****) brengt voor het eerst in 23 (!) jaar een nieuwe plaat uit. Het materiaal dat de thrashmetal-band uit Phoenix al van Awakening speelde klonk veelbelovend. Zeker ‘Manifest Reality’ voelde knisperend fris aan. Binnen twee weken komt het album uit.

De Amerikaanse band heeft zich deels vernieuwd. Met Dave McClain achter de drums hebben ze (opnieuw) een echt powerhouse in huis gehaald. McClain speelde meer dan twee decennia bij Machine Head (vrijdag stond ook zijn broeder Phil Demmel al in Kortrijk met Vio-Lence) en is “nu opnieuw thuis gekomen”. Vooraan stond er een jonge nieuwe gitarist, die nog niet geboren was toen de groep hun vorige plaat uitbracht. Sacred Reich opende meteen met ‘The American Way’. Een statement van goedlachse frontman Phil Rind, die het justitie-systeem in eigen land aankaartte. De band stond bol van de politieke teksten. ‘Who’s To Blame?’ en ‘Independence’ werden luidkeels meegebruld. 

Naarmate het optreden vorderde werd de moshpit steeds groter. Des te meer fans begonnen te crowdsurfen. Rind had voor hen een boodschap van liefde meegebracht: “Op festivals komen we van overal, om samen te zijn. Het maakt niet uit wie je bent of hoe je er uit ziet. Dat hoort ook zo in onze maatschappij. Op onze politici moeten we niet wachten. We moeten zelf het initiatief nemen. Open je hart. Iedereen is hetzelfde.” Met een krachtig ‘Surf Nicaragua’ sloot Sacred Reich passend af. Topband.

Vrij van verkrachting

De technische death metal-band Decapitated (****) speelde nadien even loeihard als strak in The Swamp. De Polen wilden duidelijk aantonen dat ze niet klein te krijgen zijn. Twee zomers geleden werden de vier bandleden opgepakt in de VS, omdat ze een vrouw zouden hebben opgesloten in de tourbus en verkracht. De band hield zijn onschuld altijd staande. Het vermeende slachtoffer, dat kneuzingen aan haar armen toonde als bewijsmateriaal voor de groepsverkrachting, zou die volgens getuigen hebben opgelopen in de moshpit tijdens het concert. Na drie maanden in de cel te hebben gezeten werd de bewijslast onvoldoende verklaard en kwam Decapitated terug vrij. Als je weet dat diezelfde band twaalf jaar geleden ook al zijn drummer verloor in een auto-ongeluk, besef je dat ze nog niet veel geluk hebben gekend in hun carrière. Decapitated smeet het allemaal van zich af. Frontman Rafal Pjotrowski brulde de longen uit zijn lijf, terwijl de band aanhoudend een barrage aan gitaren en dubbele basdrums op het publiek afvuurde. Een circle pit, een massa crowdsurfers en een volle Swamp waren hun deel. Hopelijk blijft het noodlot hen voortaan gespaard.

Blaffende honden bijten niet

Met de Australische bluesrockband Rose Tattoo (**) stond een mythische naam op Alcatraz. Die helaas niet hetzelfde kon waarmaken als Thin Lizzy een dag eerder. Frontman Angry Anderson (72) is een vuist hoog en bleek, getuige songs als ‘Scarred for Life’ en afsluiter ‘Nice Boys’, nog steeds boos op de wereld. Je zag zo waar Axl Rose hier zijn inspiratie vond. Andersons stem deed denken aan zijn overleden landgenoot Bon Scott (AC/DC). Maar veel beweging kwam er niet op het podium. Ook op de wei bleef het publiek erg stil. Dit Rose Tattoo was niet dreigend of swingend, maar saai.

Dat kon je niet zeggen van Meshuggah (***). De Zweedse progressieve metalband speelde met hakkende gitaren, die lekker kort werden gehouden. Als een ratelende vingertik tegen je neus. Het podium was omgebouwd tot een decor vol kleurrijke spiralen. De groep liet vooral de muziek spreken, en daarbij werd haast geen noot fout gespeeld. Aan het einde van de set (met ‘Bleed’ en ‘Demiurge’) raakten zelfs de grootste kniesoren overtuigd. Of Meshuggah op zijn plek stond op het hoofdpodium is dan weer een andere zaak. De Griekse black metal-band Rotting Christ (***) is exact even lang bezig als Meshuggah. Een groep die de controverse vooral uit zijn naam haalde. De broers Tolis (op zang en drums) vormen nog steeds de basis van de band. Met The Heretics hebben ze een nieuwe dertiende plaat uit. ‘Fire, God and Fear’ bracht een laatste keer vuur naar The Swamp.

Splinternieuwe zanger

Off The Cross (****) is een jonge Antwerpse band die niet over dezelfde bagage beschikt als voorgaande groepen. Ze mochten La Morgue afsluiten op Alcatraz en speelden een speciaal concert. Dat een groep een wissel door maakt, is al bijzonder. Zeker wanneer de zanger vervangen wordt. Off The Cross haalde met Daan Swinnen (Lemuria) een nieuwe brulboei in huis, die met zijn krijsende zangstijl meer ‘metal’ aanvoelde als zijn voorganger Steven Van Crombruggen (die zich op zijn familie gaat concentreren). De twee zijn visueel onderling inwisselbaar, vocaal niet. Swinnen voelde zich meteen thuis bij zijn nieuwe groep, zo bleek bij ‘The Final Adjustment’ en ‘Megalomaniac’. Als je beseft dat de nieuwe line-up nog maar enkele keren repeteerde, bracht de band het er uitstekend van af. Terwijl gitarist Jens De Vos op een podium vol rook de riffs aan elkaar reeg, eiste vooral Swinnen de aandacht op. Hij torende boven iedereen uit en brulde de tent bijeen. Van Crombruggen kwam zijn opvolger nog even vervoegen tijdens het slotnummer ‘Red Seas Flowing’. Een mooie wissel van de wacht. Als deze band zijn evenwicht gevonden heeft, verwachten we een nieuw en boeiend hoofdstuk van Off The Cross. Dit was een mooie afsluiter op het nieuwste podium van Alcatraz, dat meteen de toekomst van dit festival aantoonde.

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?