Burning

, door ()

19
1200

Ja, ook wij zijn fan van de Japanse schrijver Haruki Murakami. ‘Spoetnikliefde’, ‘Ten zuiden van de grens’ en ‘Norwegian Wood’ nemen op onze boekenplank een ereplaats in, naast ‘De duivelsprinsen’ van Jack Vance en de meesterwerken van Tolkien. Prachtig gecomponeerde verhalen zijn het, die de bouwstenen van de realiteit langzaam maar zeker herschikken en die je hoe langer hoe meer het gevoel geven dat je huis je eigen huis niet meer is.

Opvallend: hoewel het oeuvre van Murakami intussen tientallen romans en kortverhalen beslaat, en hoewel zijn proza vaak heel cinematografisch aanvoelt, hebben nog niet veel regisseurs het aangedurfd om hem te verfilmen. In 1982, lang voor Murakami een literaire god werd, verfilmde Kazuki Ohmori zijn debuutroman ‘Luister naar de wind’; het mooie maar ietwat saaie ‘Tony Takitani’ dateert uit 2004; en in 2008 verscheen ‘All God’s Children Can Dance’ van Robert Logevall, gebaseerd op het kortverhaal ‘Gods kinderen dansen allemaal’. Veel werd verwacht van Tran Anh Hungs adaptatie van ‘Norwegian Wood’ (2010), maar wat het ook is dat die roman zo hartverscheurend mooi maakt, Hung klauwde er roemloos naast.

En nu komt de Zuid-Koreaanse cineast Chang-dong Lee aanzetten met de filmversie van het kortverhaal ‘Schuurtjes in brand steken’ uit de bundel ‘De olifant verdwijnt’. Hoofdpersonage Jong-su is een typische Murakami-figuur: een introverte, ietwat kleurloze eenzaat die altijd iets trager dan de anderen door de grootstad stapt, alsof zijn ziel vastzit aan een ketting met een ijzeren bol. Op een dag heeft Jong-su een mooie close encounter met een al even eenzaam meisje, Hae-mi, maar er is een kaper op de kust: Ben, een rijke jongen (‘Gatsby’, zo noemt Jong-su hem) die in een Porsche rondzoeft, zich niet herinnert ooit te hebben gehuild, en er een vreemde hobby op na houdt. Formeel begint het mysterie pas diep in de tweede helft, wanneer één van de hoofdpersonages spoorloos verdwijnt. Maar zoals we dat gewend zijn van Murakami, vangt het wáre mysterie eigenlijk al aan in de allereerste scènes. En dat mysterie is: wie zijn wij? Wat is de zin van het bestaan? Waarom raken we gesteld op dat ene meisje, of op die ene jongen? U vindt de antwoorden al dan niet in de raadselachtige diepte die ‘Burning’ schept.

Nu hoeft u het uiteraard niet met ons eens te zijn, maar wat ons betreft heeft Chang-dong Lee het proza van Murakami juist aangevoeld, en op een mooie manier naar het witte doek gebracht. Het rustige, bijna monotone tempo, de intrigerende maaltijdscènes (stoofpot van pens!), de eenvoudige maar magnifieke dialogen (‘Ik wil verdwijnen, net als de zonsondergang’), de steeds onwerkelijker wordende atmosfeer: veel aan ‘Burning’ voelt als vintage Murakami. En zo nu en dan lijken de randen van het scherm magisch op te lichten, zoals wanneer Hae-mi in het schijnsel van de zonsondergang begint te dansen op iets van Miles Davis terwijl de camera rond haar zweeft. Het is een scène die zal terugkeren in onze dromen. De eerste écht geslaagde Murakami-verfilming is gearriveerd.

Humo's tv-tips in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: