The Fellowship of the Ring

, door ()

Deel
2333_catalogue_3505_detail.jpg

Regisseur Peter Jackson heeft het 'm gelapt: 'The Fellowship of the Ring', het eerste deel van J.R.R. Tolkiens razend populaire, onverfilmbaar geachte, duizend pagina's tellende 'Lord of the Rings'-trilogie, overtreft de stoutste verwachtingen. De spectaculaire proloog, waarin de ontstaansgeschiedenis van de Ring - die beslist over heil en verderf in de wereld - in acht sensationele minuten wordt samengevat, was nog niet eens helemaal voorbij gedenderd, of we wisten het al: dit zit goed. En drie magische uren later wisten we het wel zeker: 'The Fellowship of the Ring' is een instant-klassieker, een overrompelend spektakel met alles erop en eraan, een met grenzeloos veel liefde en passie gemaakte superfilm, die op miljoenen en miljoenen toeschouwers wereldwijd, en hopelijk ook op u, een onuitwisbare stempel zal drukken. Als hartstochtelijke Tolkien-fan (mijn eerstgeborene heet Frodo, de tweede Bilbo, het nakomertje Gollem) kan ik hier en nu plechtig verklaren dat de befaamde Tolkien-spirit, die moeilijk in woorden te vatten mix tussen doorwrochte folklore, episch avontuur, dreigende atmosfeer, en rinkelende magie (u moet dat boek eens lezen!), absoluut ook in de film zit. Maar u hoeft echt geen kenner van de roman te zijn om volop van 'The Fellowship of the Ring' te kunnen genieten: iedereen met ook maar een ietsepietsie verbeelding, kan zich laten betoveren door de prachtige personages, de verschroeiend spannende achtervolgingen, de zinderende duels, de epische veldslagen, en door de schitterende landschappen van Midden-Aarde, waar de vrede tussen Hobbits, Dwergen, Elfen en Mensen wordt bedreigd door de kwaadaardige Sauron en zijn legers van Orks, trollen, Uruk-Hai en - beef en sidder - Zwarte Ruiters. 'The Fellowship of the Ring' is - we kunnen er niet omheen, we móeten de vergelijking maken - in alle opzichten superieur aan 'Harry Potter and the Philosopher's Stone': 'The Fellowship' is epischer, spannender, en heeft aanmerkelijk meer allure en fond dan het speelse 'Harry Potter' - hier wordt tenminste een verhaal verteld. 'The Fellowship of the Ring' ziet er ook indrukwekkender uit. 'Ik zal wat meer licht maken,' fluistert Gandalf (Ian McKellen) wanneer het reisgezelschap zich in de pikdonkere mijnen van Moria waagt, waarna de muziek majestueus aanzwelt, de camera langzaam uitzoomt, en ons een machtige blik wordt gegund op een gigantische ondergrondse kathedraal. Kijk, wie hier niet van onder de indruk komt, ligt waarschijnlijk in coma. De sets, van de rustieke Gouw (net Bokrijk) over Rivendel (pure Jugendstil!) tot het bosrijke, elfenrijk Lothlórien (krék mijn achtertuin), ogen stuk voor stuk indrukwekkend, maar - en dit is heel, héél erg zeldzaam in dit soort van special effects barstende big budget-spektakelfilms - toch zijn het de torenhoog opflakkerende emoties die de voorrang krijgen: de nu al legendarische 'Vlucht toch, dwazen!'-scène op de brug van Khazad-dûm is aangrijpender dan Leonardo DiCaprio's fatale duik in 'Titanic'; de verschijning van de Zwarte Ruiters griezeliger dan Linda Blairs tollende hoofd in 'The Exorcist'; het finale duel van Sean Bean even smartelijk als de laatste ren van Sergeant Elias (Willem Dafoe) in 'Platoon'. Die emoties lijken me zelfs niet eens geveinsd: scène na scène merk je dat tijdens die veelbesproken opnamen in Nieuw-Zeeland inderdaad iets wonderbaarlijks is gebeurd, dat de acteurs ginds daadwerkelijk iets uitzonderl

Humo's tv-tips in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: