'The Aviator'Martin Scorsese en Leonardo DiCaprio

‘Er was maar één ding groter dan de smetvrees van Howard Hughes: zijn libido’

Los Angeles, een warme winterdag. Terwijl het zweet tappelings langs mijn ruggengraat sijpelt -zelfs in december haalt het kwik hier meer dan 25 graden - stap ik door de rustige, met palmbomen afgezoomde straten van Beverly Hills. Hier, op een steenworp van de beroemde Los Angeles Country Club, stortte de miljardair Howard Hughes op 7 juli 1946 te pletter met één van zijn zelfontworpen vliegtuigen. Hughes probeerde nog een noodlanding te maken op het golfterrein van de Club, maar deze keer liet zijn vliegeniersgeluk - het was niet de eerste keer dat hij sputterend uit de hemel kwam vallen - hem in de steek: het vliegtuig rukte de daken van drie huizen en boorde zich in de villa van een gepensioneerde kolonel. Hughes overleefde het ongeluk, maar werd zo hard dooreengeschud dat zijn hart van de linkerkant in zijn borst naar de rechterkant verschoof. De crash vormt één van de spectaculaire hoogtepunten in ‘The Aviator’, de nieuwe, verrukkelijke film van Martin Scorsese. 

(Eerder verschenen in Humo 3359 op 18 januari 2005)

Lang voordat hij beroemd werd als een paranoïde, aan smetvrees lijdende kluizenaar die zichzelf in een hotelkamer in Las Vegas opsloot, codeïne in zijn aderen spoot, lege Kleenexdozen aan zijn voeten droeg, en zijn lunch liet bezorgen in vacuümverpakte zakjes, maakte Howard Hughes in Los Angeles furore als filmregisseur en luchtvaartpionier. ‘The Aviator’ zoomt in op die opwindende jaren, toen hij in de woestijn de oorlogsklassieker Hell’ Angels’ draaide, het ene snelheidsrecord na het andere brak, in drie dagen rond de wereld vloog, en de éne Hollywooddiva na de andere aar zijn bed lokte. Het is een fantastische film, met een grootse Leonardo DiCaprio in de rol van Howard Hughes. 

Omdat wij nou eenmaal graag méér wilden weten over Hughes en over ‘The Aviator’, lieten wij de crash site snel achter ons en gingen wij in het luxueuze Beverly Wilshire Hotel aan tafel zitten met Leonardo DiCaprio (30) en Martin Scorsese (62), die geestdriftig vertelt hoe hij in de regisseursstoel plaatsnam op uitdrukkelijk verzoek van DiCaprio. ‘The Aviator’ zou aanvankelijk worden ingeblikt door ‘Heat’-regisseur Michael Mann, maar die kwam ineens tot de vaststelling dat hij met ‘The Insider’ en ‘Ali’ al genoeg biopics had gedraaid. Waarop DiCaprio, de grote bezieler van ‘The Aviator’ - hij heeft negen jaar op de film zitten broeden - met het scenario naar Scorsese stapte. Die hoefde, ondanks zijn legendarische vliegangst, geen twee keer na te denken. 

MARTIN SCORSESE «Ik heb Howard Hughes altijd een buitengewoon fascinerende figuur gevonden. Ik hoorde zijn naam voor het eerst in de jaren 50, toen hij eigenaar werd van de legendarische filmstudio RKO. Ik zat in die tijd voortdurend in de cinema en zag zijn naam vaak op de begintitels. Die RKO-films waren heel bizar - eigenlijk begreep ik er geen snars van, maar dat was normaal, ik was nog maar tien jaar en ik was nog niet de kenner die ik nu ben (lacht). 

»Later heb ik hem natuurlijk leren kennen als die rare, excentrieke kluizenaar die op zijn eentje zat te vegeteren in een hotelkamer in Las Vegas. Dat beeld hebben de meeste mensen van hem - en dat is eigenlijk verschrikkelijk jammer. Precies daarom vond ik de invalshoek van ‘The Aviator’ zo interessant: we leren hem kennen als een krachtige, visionaire jongeman, die evenwel een barst in zijn genen meedroeg, waardoor hij zich na verloop van tijd heel vreemd is beginnen te gedragen. Al bij al vind ik Hughes een heel boeiend personage; toen Leo me voorstelde ‘The Aviator’ te regisseren, kon ik echt geen neen zeggen. 

»Wat ‘The Aviator’ voor mij persoonlijk zo interessant maakte, was dat ik het Hollywood van de magische jaren 20, 30, en 40 nog eens op het scherm kon toveren. Dat was echt kicken. In de eerste helft van ‘The Aviator’ zie je hoe Hughes in de bloedhete woestijn het pilotenepos ‘Hell’s Angels’ staat te regisseren. Drie jaar heeft hij aan die film gewerkt! Ongelooflijk! ‘t Was héérlijk die klassieke vliegtuigscènes te kunnen reconstrueren.» 

HUMO En zeggen dat u zelf vliegangst hebt. 

SCORSESE «Dat klopt. Wolken zijn best mooi om naar te kijken, maar ik vlieg er niet graag doorheen: véél te véél turbulentie (lacht). 

»Weet je, als het van mij had afgehangen, dan had ik nog véél meer van dat oude Hollywood getoond. Ik zou zo graag hebben laten zien hoe Hughes ‘Scarface’ maakte! Alleen al dáárover zou ik een film van drie uur kunnen maken!»

GEROOSTERDE HERSENS 

HUMO Was Hughes eigenlijk een goeie regisseur? 

SCORSESE «Hij heeft toch belangrijke en vernieuwende films gemaakt. Hughes was een onvoorstelbare perfectionist: hij liet niemand naar huis gaan tot het resultaat af was. Eén ding weet ik zeker: als ik in die tijd regisseur was geweest, had ik nooit in zijn dienst willen werken (lacht). En ik zou zéker niet met hem in hetzelfde vliegtuig hebben willen plaatsnemen (lacht). 

»Maar ik bewonder hem wel, hoor. Ik zie hem als één van de belangrijkste pioniers van de Amerikaanse cinema. Toen ik daar zelf in de woestijn stond, tussen die antieke vliegtuigen, op dezelfde plek waar Hughes ‘Hell’s Angels’ draaide, begon het pas goed tot me door te dringen hoe zwaar die opnamen voor hem en zijn filmploeg moeten zijn geweest. Het was daar verschroeiend heet; onze hele crew liep rond in speciale hi tech-koelpakken. Behalve ik - ik ben een New Yorker, ik droeg alleen een Panama-hoedje (lacht). Na drie dagen waren mijn hersens geroosterd. En dan te bedenken dat Hughes en zijn filmploeg daar maanden aan een stuk hebben rondgelopen! Ik snap echt niet hoe ze het voor mekaar kregen. Bovendien schrok Hughes er niet voor terug zelf met een camera in een vliegtuig te stappen en eigenhandig de actiescènes te filmen. Die mannen deden geen beroep op speciale effecten, hé, die vlogen daar echt rond, en ze haalden de meest waanzinnige stunts uit. Respect!» 

HUMO ‘The Aviator’ gaat niet in op Hughes’ latere jaren, toen hij in een paranoïde kluizenaar veranderde. Waarom laat u zijn finale neergang niet zien? 

SCORSESE «De film eindigt toch op een sombere noot: Hughes die wordt omringd door mannen met witte handschoenen en voortdurend - als in een tic - de woorden ‘The way of the future... The way of the future... The way of the future...’ staat te herhalen. Op dat moment beseft hij kristalhelder wat hem te wachten staat - hij beseft dat die barst in zijn genen hem fataal zal worden, en dat hij aan zijn ziekte (Hughes leed aan dwangneurosen, red.) onherroepelijk ten onder zal gaan. Eigenlijk is zijn levensverhaal een echte Griekse tragedie. Zijn moeder heeft hem die ziekte doorgegeven - hij liep al van bij de geboorte rond met een tijdbom in zijn bloed. En dan was er natuurlijk die verschrikkelijke vliegtuigcrash in Beverly Hills, waarbij de hersenlob in zijn voorhoofd werd verbrij-zeld. Nadien ging het snel bergafwaarts met hem. Jammer, want hij heeft zoveel mooie dingen gedaan... Hij heeft mee het grote Hollywood van de jaren 20 en 30 tot stand gebracht, en ook voor de luchtvaart heeft hij, achteraf gezien, heel veel betekend: de vliegtuigen die hij ontwierp, waren de voorlopers van de U2 en de stealth bomber.»

MENSEN EN ZIEKTES

HUMO Ik vond Cate Blanchett tot nu toe een vrij matige actrice, maar in ‘The Aviator’ zet ze een verbluffende Katharine Hepburn neer. Wat hebt u met haar gedaan? 

SCORSESE «Ik wist al heel snel dat Cate het erg goed zou doen. Ze stapte mijn kantoor binnen met een oude zwart-witfoto van Hepburn in haar handen: ‘Kijk eens naar die ogen,’ zei ze, ‘Volgens mij was ze een heel sterke en koppige vrouw met een eigen willetje.’ Ik wist meteen: ‘Oké, ze heeft Hepburn vast.’ Daarna heb ik haar in mijn projectiezaaltje een heleboel films van Hepburn laten zien, en toen Cate voor het eerst op de set verscheen, stond ik aan de grond genageld. Ik vind haar briljant. 

»Zelf heb ik Hepbum leren kennen toen ik tien, elf jaar was, en toen ik al die prachtige films zag die ze met George Cukor en Spencer Tracy maakte: ‘Adam’s Rib, ‘Keeper of the Flame’... Schitterende films! Ik wist toen nog niet dat Hepburn in Hollywood bekendstond als box office poison, en dat ze allerlei relatieproblemen had - ik had alleen interesse in haar films (lacht). 

»Hughes heeft honderden vriendinnetjes gehad, maar Hepburn was de enige met wie het echt goed klikte. Hun relatie is uiteindelijk kapotgegaan omdat ze allebei te ambitieus waren. Ze waren allebei verslaafd aan de roem. ‘We lijken te veel op mekaar,’ zou Hepburn tegen hem hebben gezegd, ‘het kan nooit werken.’ 

»De breuk met Hepburn heeft hem geknakt. Hij begon met de ene vrouw na de andere in bed te duiken, maar zijn hart was voorgoed gebroken. Hij heeft daarna nog even een relatie met Ginger Rogers gehad, maar toen ook zij weigerde met hem te trouwen, is hij volledig ingestort. Nadien begon hij als het ware zijn eigen vrouwen te creëren - op een bepaald moment hield hij in Los Angeles tientallen vrouwen tegelijk ‘onder contract’. 

»Ava Gardner was voor Hughes eigenlijk meer een makker dan een minnares. Zij was de enige die hem weerwoord durfde te geven: ‘Als je mij slaat, dan sla ik terug!’ Ava was een bikkelharde dame - toen ze ontdekte dat hij afluisterapparatuur in haar huis had laten installeren, begon ze met een loodzware asbak op zijn hoofd in te hakken! Echt waar, het staat in haar autobiografie! Ze stond op het punt Hughes te vermoorden - haar zus heeft haar van ’m weg moeten trekken, waarop Hughes hevig bloedend het huis uit wankelde. Wat een stel! Maar ze zijn wel meer dan twintig jaar vrienden gebleven!» 

HUMO Leo vertelde dat u hem die scène met de asbak dertig keer hebt laten overdoen. 

SCORSESE «Dat klopt, ik was niet tevreden over de cadrage. Ach, Leo is jong, hij kan tegen een stootje (lacht).» 

HUMO Je kunt je natuurlijk afvragen hoe het kan dat Hughes, die als de dood was voor bacillen en besmettingen, betrekkingen kon hebben met zoveel verschillende vrouwen. 

SCORSESE «Interessante vraag (lacht). Blijkbaar was er maar één ding groter dan zijn fobieën: zijn libido (lacht).» 

HUMO In het begin van ‘The Aviator’ suggereert u dat Hughes vooral het slachtoffer was van een overbezorgde moeder. 

SCORSESE «Die allereerste scène speelt zich af in 1909, toen de mensen in het zuiden van de Verenigde Staten doodsbang waren van de cholera. De kleine Howard krijgt van zijn moeder keer op keer te horen dat hij uit de buurt moet blijven van mensen, ‘want mensen verspreiden ziektes’. Ik begrijp haar. Ik herinner me nog goed hoe in 1950 iedereen doodsbang was van polio; en toen ik twee jaar oud was, ben ik zelf bijna gestorven aan de kinkhoest. Ik heb er een verschrikkelijke vorm van astma aan overgehouden - eigenlijk ben ik mijn hele leven lang een invalide geweest. En dat was dan nog de jaren 50, in 1909 moet het allemaal nog veel erger zijn geweest. Bovendien woonde de familie Hughes in Houston. Dat was toen nog een heel moerassig gebied, vandaar dat je in het begin van de film kikkers op de geluidsband hoort. Howard is letterlijk opgegroeid in een broeihaard van ziekten. Ik snap dus wel dat zijn moeder een tikkeltje bezorgd was, al schijnt het wel dat die bezorgdheid na een tijdje extreem is geworden.»

Martin Scorsese met Leonardo DiCaprio op de set van 'The Aviator': 'Ik hoef geen Oscar. Mijn tijd is toch voorbij.’Beeld REPORTERS

VADER EN ZOON 

HUMO Herkent u zichzelf in Hughes? Ook u bent immers een dromer. Zo probeerde u in de jaren 70 samen met Coppola, Friedkin en Cimino het aanzicht van Hollywood te veranderen. 

SCORSESE «Ja, ik herken wel bepaalde karaktertrekken van Hughes in mezelf. Er zijn periodes geweest dat ook ik me compleet wilde afsnijden van de wereld, en ook ik heb me in mijn leven niet altijd even nobel gedragen in mijn omgang met andere mensen. Misschien voel ik daarom zoveel sympathie voor Hughes: ik herken zijn zwakheden.» 

HUMO Vond u DiCaprio niet te jong om de rol van Hughes te vertolken? 

SCORSESE «Nee, want ook Howard Hughes zag er heel jong uit. Pas na zijn vliegtuigcrash, die hem niet alleen mentaal maar ook fysiek heel zwaar tekende, begon hij er wat ouder en rijper uit te zien. Trouwens, als je ooit de gelegenheid hebt, moet je de weinige beelden die we van de echte Howard Hughes hebben eens bekijken. De gelijkenis met Leo is verbluffend.» 

HUMO Dit is de tweede maal dat u werkt met Leonardo DiCaprio. Heeft u met hem dezelfde band als met Robert De Niro? 

SCORSESE «Nou, de relatie die ik met De Niro heb is echt wel uniek. Bob en ik kennen mekaar al van ons zestiende en we zijn ongeveer in dezelfde buurt opgegroeid, al hadden we verschillende achtergronden: ik kwam uit een working class-familie, Bob uit een familie van artiesten. Maar Bob kende mijn wereld; hij ging naar dezelfde bioscopen en ging om met dezelfde mensen als ik. Harvey Keitel maakte tot op zekere hoogte eveneens deel uit van die wereld, al woonde hij in het vijandige Brooklyn (lacht). 

»Ik zie wel overeenkomsten tussen Bob en Leo: zo zijn ze allebei de grootste acteur van hun generatie. En net als Bob wordt Leo vooral aangetrokken door personages met donkere kantjes; hij is niet bang in de huid te kruipen van personages die een schroefje los hebben. Geloof me, het vergt veel moed om zo’n zieke, vreemde en donkere man als Howard Hughes te vertolken. 

»Weet je trouwens dat Bob me toen ik ‘Gangs of New York’ voorbereidde, heeft aangeraden Leo te casten? Bob is meestal heel spaarzaam met commentaar op andere acteurs, maar over Leo kon hij niet zwijgen: ‘Met die jongen moet je absoluut werken, hij is briljant,’ zei hij. En hij had gelijk: ik heb, in weerwil van alle geruchten en indianenverhalen, uitstekend met Leo kunnen samenwerken op de set van ‘Gangs of New York’.»

HUMO Jullie zijn een beetje als vader en zoon? 

SCORSESE «Ja, zo zou je het kunnen stellen. Leo’s vader is overigens even oud als ik. 

»Op een dag verscheen Leo op de set met enkele platen van Django Reinhardt onder zijn arm: ‘Mijn vader vraagt of je hier eens naar wilt luisteren,’ zei hij. Ik zei: ‘Maar ik ben opgegroeid met die muziek!’ Vervolgens hebben we urenlang zitten babbelen over muziek en de volgende dag kwam Leo af met alweer enkele nieuwe platen. Ik vind dat heel positief. Ik hoop dat het blijft duren.» 

HUMO U hebt tot nu toe nog nooit een Oscar gewonnen, al wordt gefluisterd dat u met ‘The Aviator’ opnieuw een uitstekende kans maakt. Bent u daar eigenlijk mee bezig, of zegt u: ‘Het raakt mijn kouwe kleren niet’? 

SCORSESE «Ach... Als we nominaties krijgen: fijn. En als we Oscars winnen: zoveel te beter. Maar als ik eerlijk moet zijn: ik verwacht niets meer. 

»Maar je gaat mij niet horen klagen over een gebrek aan erkenning, hoor. De Academy of Motion Pictures, de instelling die de Oscars uitreikt, heeft me altijd gesteund. Ik weet nog goed hoe ik in 1988 in zak en as zat: ‘The Last Temptation of Christ’ was een gigantische flop, en iedereen zei dat ik had afgedaan. Het waren bijzonder sombere dagen voor me, maar net op dat moment, toen iedereen me in de steek liet, stak de Academy me een hart onder de riem door me de nominatie voor Beste Regisseur te geven. Ik ben ze daar nog steeds dankbaar voor. 

»Maar ik geef toe: telkens als de Oscars ter sprake komen, voel ik een steek door mijn hart gaan. Het was fijn geweest als ik voor sommige films een beetje meer erkenning had gekregen.» 

DE GROTE GULP

HUMO Hoe verklaart u het eigenlijk dat ze u nog nooit een Oscar hebben gegeven? 

SCORSESE «Ik vermoed dat ze mijn films te donker, te dreigend en te gewelddadig vinden. Bovendien hanteren de personages in mijn films veelvuldig het F-woord, en daar heeft de Academy blijkbaar moeite mee: zij willen alleen maar Oscars geven aan films die ook door een jong publiek kunnen worden bekeken. 

»Nu, ik hoop van harte dat ‘The Aviator’ een karrenvracht nominaties in de wacht zal slepen. En ik hoop vooral dat de acteurs en de technici beloond zullen worden. Ik persoonlijk hoef geen Oscar meer. Mijn tijd is toch voorbij.» 

HUMO Wat bedoelt u met ‘Mijn tijd is toch voorbij’? 

SCORSESE «Ik voel me niet meer thuis in deze tijden. In de jaren 70 was Hollywood in de ban van een heel speciale atmosfeer; er werden buitengewone films gemaakt. Vandaag besef ik dat ik me in de handen mag knijpen dat ik erbij was. 

»Het mooie was dat we films konden maken zonder dat we ons hoefden af te vragen of er wel een publiek voorwas. Wij maakten onze films alleen maar uit liefde, uit passie. Neem nu ‘Raging Bull’, of zelfs ‘Taxi Driver’: ik was er rotsvast van overtuigd dat geen hond naar die films zou komen kijken, maar dat deerde me niet: ik was gewoon blij dat ik ze kon maken. 

»Mijn eerste vijf, zes films waren het resultaat van een explosie van energie. Als kind liep ik al rond met een hevige, onbestemde drang - ik wist niet precies wat ik met mijn leven wilde doen, ik wist alleen dat ik die drang en die energie op de één of andere manier kwijt wilde. Ik heb daar dertig jaar mee rondgelopen, en toen, in de jaren 70, is het er allemaal in één krachtige gulp uitgekomen. Ik kogelde mijn films op het scherm, alsof dat het laatste was dat ik ooit zou doen, en de zalen explodeerden. 

»Ik heb vanuit die drang vijf, misschien zes films gemaakt, maar daarna is de storm wat gaan liggen. En dat is ook normaal. Je wordt ouder, je verandert, en je begint je onvermijdelijk af te vragen: hoelang kan ik hier nog mee doorgaan? Hoelang nog kan ik dezelfde film maken? Ik ken het antwoord nog altijd niet. Ik zie mezelf in ieder geval geen gangsterfilms meer draaien: dat genre heb ik intussen wel genoeg verkend. 

»Het enige wat ik nu nog wil, is rustig verder evolueren, me verder bekwamen in de kunst van de cinema. Voor Leo en Cate ligt het anders: zij beleven op dit moment het hoogtepunt van hun carrière, zij zitten volop in die roes. Ik ben daar al een tijdje uit.» 

HUMO Je hoort wel vaker zeggen dat de beste Amerikaanse films uit de jaren 70 dateren. Worden er vandaag dan geen goeie films meer gemaakt? 

SCORSESE «Er lopen nog wel goeie en talentvolle cineasten rond, hoor: Paul Thomas Anderson, Wes Anderson, Alexander Payne, Chris Nolan... These guys are doin’ it. Ik vind het alleen sneu dat ze geen grotere kansen krijgen; nu zijn ze veroordeeld in de marge te blijven werken. Het zou fijn zijn als ze ook eens met grote budgetten aan de slag zouden kunnen, zoals wij in de jaren 70. Wij probeerden het aangezicht van Hollywood te veranderen, en het wonderlijke was dat we er nog geld voor kregen ook (lacht). Maar die periode komt nooit meer terug.» 

DiCaprio: ‘Af en toe lieten we de opkomende waanzin van Hughes zien. ‘t Was behoorlijk intens die scènes te spelen, alsof ik zelf in een soort doorgetripte zone terechtkwam. Maar daar doe ik het voor.’

HUMO Klopt het dat u samen met Robert De Niro werkt aan een script over jullie gezamenlijke jeugdjaren in New York? 

SCORSESE «We proberen, maar we vinden nauwelijks de tijd om eens rustig samen te zitten. Bob draait heel veel films, hij is voortdurend op reis, en ik heb een hekel aan reizen. Maar we hebben afgesproken dat we zeker nog eens gaan samenwerken - maar alleen als we echt origineel uit de hoek kunnen komen. Dat is niet meer gebeurd sinds de jaren 70.» 

HUMO Nee? En ‘Goodfellas’ dan? ‘Casino’? ‘Cape Fear’? 

SCORSESE «Bob was fantastisch in ‘Goodfellas’ en ‘Casino’, maar eigenlijk hadden we die films in de jaren 70 al eens gedraaid. En ‘Cape Fear’ heb ik alleen maar geregisseerd op verzoek van Bob, die graag eens wilde schitteren als een soort Terminator: een moordmachine die altijd terugkomt. Ik dacht: ‘Bob als de Terminator? Hoe kan ik weigeren?’ (lacht).» 

HUMO Wat wordt uw volgende film? 

SCORSESE «‘The Departed’, een remake van ‘Infernal Affairs’, een gangsterfilm uit Hongkong. Ik weet het, ik heb daarnet gezegd dat ik geen gangsterfilms meer wilde draaien, maar dit wordt een heel speciale (lacht). Het verhaal speelt zich af in de Iers-Amerikaanse onderwereld in Boston. Een kleine, maar gedurfde film; ik ben trouwens van plan in de toekomst wat meer risico’s te nemen.» 

HUMO Laten we op een vrolijke noot eindigen. U hebt het afgelopen jaar wel degelijk een miljoenenpubliek bereikt: u was één van de stemmen in ‘Shark Tale’. 

SCORSESE «Zo zie je maar: zelfs ik heb gevoel voor humor (lacht). Weet je, ik heb alleen maar aan ‘Shark Tale’ meegewerkt omdat ik mijn jongste dochter, die net vijf is geworden, een plezier wilde doen. Jeffrey Katzenberg, de baas van Dreamworks, die mij al heel lang kent, zei: ‘Komaan, Marty, wil je niet één keer film maken die ook door jouw dochter kan worden bekeken? Come on!’ En hij haalde meteen enkele schetsen boven van mijn personage, Sykes de plofvis. Blijkbaar was Jeffrey zeker dat ik zou toestemmen, want ze hadden Sykes alvast mijn wenkbrauwen gegeven (lacht). Ik vroeg: ‘Oké, hoelang gaat dat duren? Een uurtje?’ Waarop Katzenberg zei: ‘Vermoedelijk wat langer, Marty.’ Ik ben uiteindelijk anderhalf jaar met ‘Shark Tale’ bezig geweest - om de zoveel weken werd ik naar de opnamestudio geroepen voor een nieuwe sessie - maar mijn dochtertje was heel opgetogen. Het bewijs: haar lievelingsknuffel is tegenwoordig een rubberen plofvis (lacht).» 

FILM EN MUZIEK 

Exit Scorsese, enter DiCaprio. De ster uit ‘Titanic’ en ‘The Beach’ blijkt een stuk minder praatlustig dan de eeuwig ratelende Scorsese, maar een groot acteur vergeef je alles, nietwaar. Een interview, snel! 

LEONARDO DICAPRIO « Een paar jaar geleden zat ik een beetje in een strop: ik vond geen goeie rollen meer. Ik ben dan zelf maar een paar historische boeken beginnen te lezen, in de hoop een mooi personage te vinden, en ineens stootte ik op een biografie van Howard Hughes. Ik wist wel dat Hughes een gekke miljardair was die rare dingen deed in een hotelkamer in Las Vegas, maar wat ik niet wist was dat hij in zijn jonge jaren een echte luchtvaartpionier was. En wat ik ook niet wist, was dat hij deel uitmaakte van de golden age van Hollywood, en dat hij de regisseur was van de allereerste multimiljoendollar film, ‘Hell’s Angels’ - de ‘Titanic’ van die tijd, zeg maar (lacht). Hij was ook de producent van de meest gewelddadige film uit de geschiedenis, ‘Scarface’, én van de meest seksueel expliciete film: ‘The Outlaw’. En, niet oninteressant, hij was de Casanova van zijn tijd: hij deelde de lakens met zowat elke Hollywooddiva (lacht). 

»Maar wat hem pas echt tot een boeiende figuur maakt, is dat hij werd geplaagd door een ziekte die in die tijd nog geen naam had, en dat hij is geëindigd als een eenzame, getormenteerde en erg ongelukkige man. Kortom: een fantastisch filmpersonage. Geen scenarist zou zoiets toch kunnen verzinnen? Ik wist meteen dat ik hem wilde spelen; het leek me een enorme uitdaging de juiste balans te vinden tussen de succesvolle pionier en de vreemde zonderling.» 

HUMO Waarom ben je na het afhaken van Michael Mann naar Scorsese gestapt? 

DICAPRIO «Marty was de geknipte man voor de job. Als filmregisseur heeft hij een heleboel gemeen met Hughes: het zijn allebei perfectionisten. Toen ik hem vroeg of hij interesse had, zei hij: ‘Wel, ik ken helemaal niks van vliegtuigen. Maar dat geeft niet: toen ik aan ‘Raging Bull’ begon, wist ik ook helemaal niks af van boksen.’ Ik wist meteen dat het goed zat (lacht). 

»Ik denk dat Marty uiteindelijk heeft toegehapt omdat we in het verhaal heel veel aandacht besteden aan Hughes als cineast. Ik wist dat Marty dat niet zou kunnen weerstaan (lacht). Je had zijn reactie moeten zien toen hij ontdekte dat Hughes drie jaar aan ‘Hell’s Angels’ had gewerkt: ‘Wow!’ zei hij, ‘als ik genoeg geld had, zou ik precies hetzelfde doen!’ (lacht). Volgens mij zag Marty ook gelijkenissen tussen Howard Hughes en Travis Melle uit ‘Taxi Driver’ en Jake LaMotta uit ‘Raging Bull’. Het zijn alledrie getormenteerde en geobsedeerde figuren, en niemand kan zulke mensen beter portretteren dan Martin Scorsese.» 

DiCaprio, met Cate Blanchett als Katharine Hepburn: ‘Hughes was de Casanova van zijn tijd: hij deelde de lakens met zowat elke Hollywoodster. Zéér interessante rol’

HUMO Vond je jezelf niet te jong voor de rol? 

DICAPRIO «Maar nee. De film bestrijkt de periode tussen 1928, toen Howard als 24-jarige jongeman ‘Hell’s Angels’ draaide, en 1947, toen hij de eerste testvlucht met The Hercules maakte. Verder gaan we niet; ik hoefde Hughes dus niet te spelen als oude man. Het leven dat hij na zijn 40ste leidde is filmisch ook niet zo boeiend: je zou alleen maar een man in een hotelkamer op het scherm zien.» 

HUMO Hoe was het eigenlijk om na het veelbesproken ‘Gangs of New York’ opnieuw met Scorsese samen te werken? 

DICAPRIO «Onvergetelijk. Ik sta telkens weer te kijken van zijn kennis over film. Hij weet echt alles - ’t is alsof je op de set staat met een filmprofessor - en hij schijnt precies te weten wat hij moet doen om de toeschouwers in hun stoeltjes vast te nagelen. 

»We voelen mekaar ook heel goed aan - hij liet me dingen uitproberen, en zelfs wanneer het niet goed was bleef hij me vertrouwen en liet hij me rustig voortwerken. 

»We gaan trouwens opnieuw samenwerken: volgend jaar beginnen we aan ‘The Departed’. Ik kijk er nu al naar uit. Het is eigenlijk vreemd: we zijn van totaal verschillende generaties, maar wat film en muziek betreft hebben we exact dezelfde smaak. Ik vind het fantastisch van hem te leren.» 

HUMO Heb je eigenlijk vlieglessen gevolgd? 

DICAPRIO «Ik wilde wel, maar van de verzekeringsmaatschappij mocht ik niet zelf achter de stuurknuppel kruipen. ‘Wacht tot de opnamen zijn afgelopen, dan mag je vliegen zoveel je wilt,’ zeiden ze. We hebben die scènes dus moeten simuleren; ik ben zelf geen enkel moment in de lucht geweest.» 

HUMO Hoogtepunt vond ik de scènes waarin Hughes tijdens een hoorzitting het vuur aan de schenen wordt gelegd door de senaatscommissie. Daar toon je dat je echt een groot acteur bent. 

DICAPRIO «Bedankt, ’t is ook één van mijn favoriete scènes. Weet je dat er maar heel weinig opnamen van de echte Hughes bestaan? Hij was een mythe, een icoon, hij was wereldberoemd, en toch vind je nauwelijks beelden van hem, tenzij enkele foto’s waarop hij tegen één of ander vliegtuig staat geleund en met ingenieurs staat te praten. Maar van die hoorzitting is indertijd een televisieopname gemaakt - ’t zijn de enige beelden waarop je de echte, rauwe Hughes ziet. Howard was enorm gekant tegen inmenging van de staat, en hij was allicht de enige Amerikaan die de ballen had om resoluut tegen de overheid in te gaan. Het was ongelooflijk moedig van hem om de senaat op zijn eentje aan te pakken. Ik heb die beelden, waarop je hem als een razende tekeer ziet gaan, eindeloos bestudeerd; eigenlijk heb ik mijn hele vertolking op die paar minuten film gebaseerd.»

EEN WERELDFENOMEEN

HUMO Scorsese zegt: DiCaprio wordt aangetrokken door personages met een donker kantje. 

DICAPRIO «Ja, dat maakt een rol natuurlijk interessant. Neem nu Hughes: die kerel had zoveel talenten, hij heeft zoveel fantastische dingen gedaan, maar op het einde van zijn leven stak hij zijn energie alleen nog maar in twee-honderd bladzijden tellende memo’s waarin hij tot in het kleinste detail beschrijft hoe zijn assistenten zijn lunch moeten komen bezorgen, hoe zijn blik soep moet worden geopend... En niemand mocht in zijn aanwezigheid kuchen! Onvoorstelbaar! In de film laten we een glimp van de opkomende waanzin zien, wanneer hij zichzelf opsluit in zijn cinemazaaltje. ’t Was behoorlijk intens die scènes te spelen; ’t was alsof ik zelf in een soort doorgetripte zone terechtkwam. Maar daar doe ik het voor.» 

HUMO Hughes was ook voer voor de paparazzi, net als jij. Op een bepaald moment zegt Katharine Hepburn tegen hem: ‘Let op voor de pers. Ze maken een freak van je.’ Voel jij je soms als een freak? 

DICAPRIO «De aandacht van de media kan echt wel overweldigend zijn: vooral na ‘Titanic’ had ik er last van. Ik heb toen twee jaar lang geen enkele film gedraaid, omdat ik tijd nodig had om alles weer onder controle te krijgen. 

»Ik weet ook niet of al die aandacht wel zo goed is voor mijn carrière. Kijk, als ik een acteur té goed ken, als ik alles over zijn privéleven weet, als ik hem té veel in de roddelbladen tegenkom, dan vind ik hem op het scherm niet meer geloofwaardig. Dan zit ik voortdurend te denken: ‘Die kerel is helemaal niet zo! Ik ken hem! Hij doet maar alsof!’ Ik blijf dus liever uit de schijnwerpers. Ik wil geloofwaardig blijven, snap je?» 

HUMO Voel je nooit de aandrang jezelf van de buitenwereld af te snijden, net als Hughes? 

DICAPRIO «Ik probeer me tegen die aandrang te verzetten. Als ik over straat wandel, word ik voortdurend aangeklampt, maar dat zal me niet tegenhouden met vrienden naar een pretpark of de cinema te gaan. Als je niet tegen de aandacht kunt, moet je maar uit de filmwereld stappen, vind ik. Trouwens, is dat nu zo erg, iemand die eens een foto wil nemen of eens je hand wil schudden?» 

HUMO Je bent niet alleen de hoofdacteur, maar ook de producent van ‘The Aviator’. Is dat een manier om meer controle te kunnen uitoefenen? 

DICAPRIO «Kijk, toen ik als acteur begon, wist ik nooit of ik de volgende dag nog werk zou hebben. Door zelf te gaan produceren, neem ik als het ware mijn eigen lot in handen, en dat geeft een geruststellend gevoel. Maar ik heb op de set van ‘The Aviator’ nooit rondgelopen met zo’n air van ‘Hey, ik ben hier ook producer! Iedereen moet naar me luisteren!’ Dat is ook niet nodig als je met Martin Scorsese samenwerkt. We stonden vaak te overleggen over de scènes en over het personage, maar als puntje bij paaltje kwam nam Marty de finale beslissing. Hij was de kapitein van het schip.» 

HUMO Is het misschien een eerste stap naar een carrière als regisseur? 

DICAPRIO «Nee, ik wil mezelf eerst nog als acteur bewijzen.» 

HUMO Je had het daarnet even over ‘Titanic’. Betreur je het dat je die film hebt gemaakt? 

DICAPRIO «Nee, absoluut niet. Kijk, er zijn in de filmgeschiedenis maar een paar films die de tand des tijds kunnen doorstaan, en ‘Titanic’ is er één van. Dat is toch iets om heel erg trots op te zijn? Het enige waar ik een beetje moeite mee had, was de media-aandacht - die nam op bepaalde momenten echt wel angstaanjagende vormen aan. ‘Titanic’ was geen film, maar een wereldfenomeen. Ik weet nog dat ik een reis maakte naar het regenwoud in Brazilië en werd aangeklampt door de indianen - zelfs zij hadden de film gezien! Onwaarschijnlijk.» 

HUMO Scorsese zei daarnet dat er nog maar weinig uitstekende films worden gemaakt. Heb jij dit jaar goeie dingen gezien? 

DICAPRIO « Ik heb in 2004 drie grote films gezien: ‘Eternal Sunshine of the Spotless Mind, ‘Fahrenheit 9/11', en een klein filmpje dat ‘The Aviator’ heet (lacht).» 

HUMO Gaat Scorsese dit jaar een Oscar winnen? 

DICAPRIO «Man, laten we het hopen. Het wordt verdorie tijd!» 

Lees hier de originele recensie van Erik Stockman. 

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234