Beeld Alex Vanhee

Onze Manals roadie op tournee met U2

‘Ik kan het Bono niet aandoen dat hij door het podium zakt’

Broadway of Hollywood, zou je denken, maar nee hoor: Beverlaak 3 (achter de kerk) in Werchter is waar de grootste artiesten ter wereld willen zijn. Op de eerste verdieping zetelt H. Schueremans, op het gelijkvloers is Hedwig De Meyer directeur van Stageco, een podium-verhuurbedrijf met wereldfaam. Tot de vaste klanten behoren The Rolling Stones, Pink Floyd, Bon Jovi, Metallica, Genesis, Simple Minds, Tina Turner, Guns N’ Roses, Madonna, Luciano Pavarotti, Céline Dion, Kiss, Phil Collins en andere reuzen. Vlaamse roadies, in dienst van Stageco, vergezellen deze sterren op hun tournees rond de wereld. Humo-reporter Martin Heylen werkte een week lang als roadie van Stageco voor de Ierse rockgroep U2. Straks treden ze op in Werchter; dit is, vanuit de lappenmand, zijn relaas.

(Eerder verschenen in Humo 2967 op 15 juli 1997)

Hedwig De Meyer, mijn nieuwe baas, ziet er niet strenger uit dan Guy Mortier, maar wel gevaarlijker. Hij heeft de torso van een bodybuilder, een wilde haardos, Harley Davidson-baard. De Meyer is ingenieur elektronica. Niet gehinderd door enige ervaring ter zake bouwde hij 21 jaar geleden een eerste podiumpje, voor het toen nog em-bryonale TM-dubbelfestival. De rockbusiness ontwikkelde zich spectaculair en Stageco groeide mee. Vandaag is het een interplanetair gerenommeerde podium-verhuurfirma. Er werken zo’n vijftig personeelsleden. ’s Zomers, als overal om podia wordt gevraagd, verdubbelt tot verdrievoudigt dat aantal. 

HUMO Waarom komen die vedetten uitgerekend hier aanbellen? 

HEDWIG DE MEYER «Omdat wij onschatbaar veel ervaring hebben. Buitenissige projecten maken bij ons meer kans om verwezenlijkt te worden. Alle grote groepen zijn koortsachtig op zoek naar nieuwe gadgets; het publiek is immers verwend. 

»De laatste zeven, acht jaar is er een explosie van nieuwe technologieën geweest. Pink Floyd bracht een lichtshow van lasers en computergestuurde lichtbundels en liet een varken zo groot als een zeppelin over het publiek zweven. Bij The Rolling Stones dansten reusachtige ballonpoppen van vijf meter hoog op het podium. En nu pakt U2 uit met een videoscherm van maar liefst zevenhonderd vierkante meter.» 

HUMO Komt Bono, zanger van U2, dan je kantoor in Werchter binnengestapt met wat losse ideeën onder de arm? 

DE MEYER «Neen, de meeste grote artiesten omringen zich met bekwame vaklui aan wie ze de productie toevertrouwen. De grootste podiumarchitect is Mark Fischer. Hij heeft al voor Pink Floyd, U2 en The Rolling Stones gewerkt. Wij bestuderen zijn ideeën, leggen ze voor aan een extern ingenieursbureau, en als die het haalbaar vinden, stappen we mee in de boot. 

»In feite zijn wij aannemers. We brengen een constructie on the road, zorgen dat ze in twee, drie dagen opgebouwd en in één dag afgebroken kan worden en dat ze per schip, per trein of vrachtwagens naar waar ook ter wereld kan worden gebracht. 

»Voor tournees van grote artiesten hebben we drie podia. U2 treedt om de twee à drie dagen op. Het is onmogelijk om één podium af te breken, 3000 kilometer ver te transporteren en het snel weer op te bouwen. Daarom zijn er altijd drie ploegen met elk een podium onderweg.» 

HUMO Waar haal je het materiaal? 

DE MEYER « We beschikken over een stock van duizenden onderdelen: stellingen, torens, kraanmasten, dakspanten, zeilen, aluminiumprofielen... In elk groot podium kunnen we zestig à zeventig procent van ons beschikbare standaardmateriaal verwerken. De rest moet speciaal bijgemaakt, afgeschreven en betaald worden. Veel van dat extra las- en constructiewerk wordt door onderaannemers uitgevoerd. 

»Zodra alles klaar ligt, stelt de projectleider laadlijsten op. Hij berekent hoeveel vrachtwagens er nodig zijn, hoe het materiaal moet worden verdeeld, hoe alles moet worden gestapeld... 

»Er gebeurt een proefbouw, zeg maar een generale repetitie. Een podium wordt op een terrein in de buurt helemaal opgebouwd. Is het goed, dan wordt het meteen weer afgebroken. 

»Van U2 hebben we er één in januari uitgeprobeerd. Daarna werden alle onderdelen in 35 containers gestouwd, die verscheept werden naar Houston, Texas. Pas een maand later zagen we ze terug. Alles werd overgeladen op drie goederentreinen met als respectievelijke bestemmingen Las Vegas, San Diego en Denver: de eerste drie concertsteden. Na het optreden werd elk podium over veertien zware vrachtwagens verdeeld en naar het volgende optreden gevoerd.» 

HUMO Uit hoeveel man bestaat mijn ploeg?

DE MEYER «Tien vaste roadies en een dertigtal lokale helpers. Jij wordt ingedeeld bij het team van Luc Dardenne. Onthoud die naam.» 

HUMO Mag ik eerst nog weten wat er zoal kan mislopen? 

DE MEYER «Alles! (lacht) Containers zoek, boot vertraging, vrachtwagen spoorloos - vooral in Europa, met al die files. Maar dat is geen algemene regel. Ik ken geen enkele business waar zo efficiënt en punctueel wordt gewerkt als in de rock-’n-rollindustrie. In een tourboek staat het werkschema van elke dag tot in detail uitgeschreven. Logisch: op het afgesproken uur staat er een fortuin aan mensen en materiaal te wachten om aan de slag te gaan.» 

HUMO Zullen we af te rekenen krijgen met kapsones van vedetten? 

DE MEYER «Och, volgens mij wijzen kapsones vooral op zenuwen en faalangst. Beeld je in dat jij voor zestigduizend man moet optreden! Als een artiest zich beter voelt als we een platformpje zestig centimeter hoger maken dan voorzien, dan doen we dat met plezier. Het is part of the job.» 

HUMO Bij welke artiesten duurt het het langst voor ze zich op hun gemak voelen? 

DE MEYER «Bij de Stones moesten we voortdurend veel kleine aanpassingen uitvoeren, altijd op bevel van Mick Jagger, die keer op keer kwam inspecteren hoe het liep.

»En Luciano Pavarotti eiste één dag voor de show plotseling dat er in de coulissen nog een wc zou worden gebouwd: en niet zomaar uit doek, neen, met houten wanden!» 

HUMO En geluiddicht en met een grote bril. 

DE MEYER « Hij was ook doodsbang voor stuifmeel. Dat was schadelijk voor zijn stem, zei hij. Er moest een batterij ventilatoren worden geïnstalleerd om de graspollen van het podium weg te blazen.» 

HUMO Welke reputatie hebben de Vlaamse roadies? 

DE MEYER «Ze zijn de beste ter wereld.»

'Om kicks te krijgen, moeten wij geen heroïne spuiten.'

Zaterdag 14 juni

Vrijdag de 13de heeft zijn reputatie waargemaakt. Met zes uren vertraging (de taxichauffeur kende de weg niet en vlucht Delta 083 vanuit New York had geen piloot aan boord - oeps, vergeten!) ben ik gisteravond in Oakland gearriveerd: een grote stad, gescheiden door een baai van San Francisco.

Het Hilton Airport Hotel ligt tussen een vliegveld en een industrieterrein. De omgeving is spuuglelijk, het stadscentrum ligt op 15 kilometer, het dichtstbijzijnde metrostation op drie kilometer. Er valt, kortom, geen lor te beleven. 

Aan het openluchtzwembad maak ik kennis met Luc Dardenne, Benny Sterckx, Bart Van den Bergh, de Deen Edward Labriola en met twee Amerikanen die voor het Amerikaanse filiaal van Stageco werken: Jay Schmit en Snake. Het is snikheet in Californië. Mijn nieuwe collega’s brengen hun vrije tijd zonnebadend door. 

‘Wanneer beginnen we?’ vraag ik. 

‘Rustig maar,’ zegt ploegbaas Luc Dardenne. ‘De Oakland Raiders spelen zondag nog een baseballwedstrijd en op woensdag treedt U2 voor het eerst op. Daarom moet er uitzonderlijk ’s nachts worden gewerkt in plaats van overdag.’ 

‘Wat doen we vandaag?’ 

‘Ons lichaam voorbereiden op de nachtarbeid. Vanavond gaan we op stap in San Francisco.’ 

Slik. Ik heb één dag tijd om de jetlag te verwerken; dan moet ik twee opeenvolgende nachten werken; dan twee opeenvolgende dagen; dan nog eens van ’s morgens tot ’s nachts, om het podium af te breken; en de ochtend daarop vlieg ik met een dag-en-nacht-vlucht naar België terug. Oesje! 

Madonna mia 

Met een geleende Chevrolet Camaro scheuren we plankgas over de Boy Bridge, die Oakland met San Francisco verbindt. Verderop verdwijnt de beroemde Golden Gate-brug in schilderachtige mistslierten, die elke avond uit de heuvels komen aangerold. Snake is de chauffeur. Hij is struis, heeft een dikke haarstaart en een ring door zijn neus. 

- ‘Nice,’ zeg ik.
- ‘Ja, cool.’
Vanaf nu wordt mijn woordenschat zin na zin verrijkt met roadie-jargon.
- ‘Wat vind je van U2, Snake?’
- ‘Best wel swinging dudes.’
- ‘Eh?’
- ‘Rocking daddies, weetjewel. Happening guys.’
Snake is al achttien jaar roadie. Voordien speelde hij basgitaar en keyboards bij punkgroepen.
‘Toen ik ontdekte hoeveel geld je als roadie kunt verdienen, twijfelde ik geen seconde,’ zegt hij. ‘Hoeveel? Dat hang ik niet aan je neus, vader.’
Na zijn werkuren studeerde hij massagetechnieken. Van een Japanner leerde hij acupunctuur. ‘Tijdens elke tournee geef ik massages aan iedereen met rug- of gewrichtsproblemen. Er zijn veel potentiële klanten in dit wereldje, want het is zwaar werk.’ 

Snake wil vooral beklemtonen dat hij geen piece of shit-van-een-fucking kinesistenmietje is. ‘Ik ben een rock-’n-rollmasseur! Geen flauwekul van ‘Opgelet voor het prikje’, neen: ‘Kom hier dat ik die naald in je fuckin’ lijf stop, motherfucker!’ Allemaal weten ze hem te vinden: roadies, licht- en geluidstechnici én artiesten. Zijn opklapbare massagetafel reist mee de wereld rond. In het stadion van Oakland krijgt hij zelfs een aparte suite toegewezen, om naast zijn werk als roadie pijnlijke gewrichten te behandelen. 

‘Ik heb er al veel onder handen genomen: Phil Collins, Pink Floyd, Madonna, noem maar op. Binnenkort verwacht ik U2 op mijn tafel.’
Hoe was het om Madonna te masseren, vraag ik hem. ‘Cool. Just a chick, zoals andere meisjes. Ze heeft pijnen en kwaaltjes, net als iedereen. Mijn beste klanten zijn de drummers; na een aantal jaren hebben ze pijn in hun rug, ellebogen en kuiten. Eigenlijk leveren ze atletische prestaties, waarbij ze sommige lichaamsdelen overbelasten. Gitaristen en keyboardspelers klagen vooral over pijn in hun polsen. I touch ’m once, they love me.’ Hoelang wil hij deze job doen? ‘Tot ik in weelde báád, man!’

De Chevvy stopt voor The Punchline Club in Battery Street. De manager heet Tod en zijn vrouw Rita, zegt Luc Dardenne; als we een tafel willen én free drinks moeten we die twee namen onthouden. Het blijkt inderdaad een wondermiddel om zonder ticket voorbij de portier te komen. Alle bezoekers moeten hun identiteitskaart tonen. In Californië is er namelijk een strenge leeftijdscontrole. Ik hoef het niet te doen. ‘Je werkt voor U2, dat volstaat,’ zegt Luc. 

Alles voor een backstage pass 

Roadies hebben altijd hun podiumpasjes op zak. ‘Pasjes openen deuren,’ grinnikt Bart. ‘We tonen ze aan de portier of de barman en zeggen langs onze neus weg dat we de plaats ‘eens komen bekijken’.

En dan hopen de uitbaters allicht dat jullie de volgende avond met het U2-viertal naar binnen zullen komen wandelen, opper ik. Bart lacht. ‘Het is één van onze truken,’ zegt hij. ‘Zo hebben we er een zak vol.’

Luc Dardenne (30), Bart Van den Bergh (28) en Benny Sterckx (35) trekken al jaren met megagroepen de wereld rond. Hun motieven zijn dezelfde als die van Snake: mooie reizen, een job met verantwoordelijkheid, met rock-muziek bezig zijn en goed geld verdienen. Hoeveel geld: daarover geven ze geen krimp. Voor ‘kleine onkosten’ krijgen ze per maand een rolletje dollarbiljetten van omgerekend 40.000 frank. De rest blijft geheim. Of zoals Benny zegt: ‘Veel is veel gezegd, maar voor minder zou ik het niet doen.’ 

HUMO Wat is er, behalve het inkomen, mooi aan deze job? 

LUC DARDENNE «Het reizen. We genieten meer dan de productie-roadies, die elk optreden moeten bijwonen. Wij moeten maar om de drie optredens een podium optrekken, dus blijven we altijd minstens een week op dezelfde plaats.» 

HUMO Hier in Oakland logeren we in the middle of nowhere, mijlenver van de bewoonde wereld. 

DARDENNE «Ach, met een huurauto zijn we op drie uur rijden in Yoshemite-park, of in de beroemde wijngaarden van Napa Valley. Een beetje verder ligt Lake Tahoe.» 

HUMO Rond roadies hangt een mythe van nachtbraken, drugs en geile meisjes in de hotelkamer. 

VAN DEN BERGH «Dat is jaren 60-romantiek.» 

DARDENNE «De tijden zijn veranderd. Acht jaar geleden, tijdens de tournee met Pink Floyd, werkten we tot tien of elf uur ’s avonds, namen snel een douche en doken dan in de bars. Elke nacht opnieuw. Slapen deden we nauwelijks. Maar dat hou je niet langer dan een paar jaar vol.» 

VAN DEN BERGH «Ik drink nooit alcohol.» 

DARDENNE «Roadies die in elke haven twee minnaressen hebben, alle kroegen afdweilen en hun neus vol drugs stoppen bestáán, maar het zijn uitzonderingen geworden.» 

VAN DEN BERGH «Ik ken er twee. Op dertig.» 

DARDENNE «Het hardrockwereldje is wel ruiger. lk ben op tournee geweest met Metallica en Guns N’ Roses: een groot verschil met de grand chique rond U2 of The Rolling Stones hoor, zeker wat groupies betreft. Amerikaanse meiden zijn fanatieker dan Europese. Hier doen ze alles voor een backstagepas. Ze vragen je op de man af: ‘Hé, wat moet ik doen voor een pasje? A blow job? Of meteen naar bed?’ 

»Lijfwachten van de groep mengen zich voor elk optreden met een stapel pasjes onder het publiek. Ze halen er de types vrouwen uit waar de band tuk op is. Na het optreden moeten de meisjes aan de dienstingang staan. Dan worden ze binnengelaten en begint het feest.» 

HUMO Mogen jullie daar ook naartoe? 

DARDENNE «In principe wel, maar het interesseert me geen scheet. De entourage van de groep heeft trouwens liever dat je er buiten blijft. Voor mezelf kan ik ook met pasjes rommelen en groupies opscharrelen, maar ik vind het weinig stijl hebben.» 

HUMO Hoe amuseren jullie je? 

DARDENNE «Bart en ik zijn pretparkfanaten. De beste rollercoasters ter wereld vind je in de Verenigde Staten. Collega’s van ons bezoeken in elke pleisterplaats de musea. We hebben ook een paar golfspelers in onze ploeg.» 

HUMO Help! Dit lijkt wel de KVLV van Bollegem. 

DARDENNE «Ga dan naar huis jongen, als je ’t zo soft vindt! Ik wil het je wel eens zien doen: van een platform van zestig meter hoog naar beneden springen, vastgebonden aan een kabel die aan een boog is vastgemaakt. Na zestig meter vrije val word je via die boog keihard opzij weggekatapulteerd. Durf jij dat?» 

HUMO Pf! Veel hoger en véél verder. 

VAN DEN BERGH «Als ik, waar ook ter wereld, een benji-toren zie, klim ik er gegarandeerd op. Wij zijn hoogtewerkers, hé, we willen weten hoe het aanvoelt om naar beneden te storten (lacht).» 

DARDENNE «Voor kicks en adrenaline hoeven wij tenminste geen heroïne te spuiten. In Philadelphia moesten we plaats nemen in een kooi die zeventig meter hoog werd getrokken en dan losgegooid. We haalden een snelheid van 120 kilometer per uur. Daarna gooide men in één klap alle remmen dicht.» 

VAN DEN BERGH «Leve de G-kracht!» 

DARDENNE «Nee, qua weer, stranden en rollercoasters is Amerika het beste land om op tournee te zijn.» 

14 maanden weg 

HUMO Hebben jullie thuis een vriendin, vrouw of vriend? 

STERCKX «Ik heb een vriendin. Zodra ik, na dit eerste luik van twee maanden, thuiskom, gaan we rondtrekken in Turkije. We zijn ook al eens zes maanden met de rugzak door Azië en Zuid-Amerika gereisd.» 

VAN DEN BERGH «Mijn vriendin kan zich verzoenen met mijn job, maar het is niet altijd makkelijk. We weten nooit precies wanneer we vertrekken of terugkomen. Met U2 zijn we veertien maanden onderweg. Tijdens de tournee in Europa kan ik wel eens naar huis vliegen, maar in Amerika ligt dat anders. Dan komt zij geregeld overgevlogen. In Chicago is ze naar de U2-show komen kijken; daarna zijn we samen naar Jamaica doorgereisd, voor een vakantie van twee weken.» 

STERCKX «Met The Rolling Stones zijn we zes maanden lang door Amerika getrokken. Dat is te lang. Heel mijn sociaal leven in België is eraan kapotgegaan.» 

DARDENNE «Ik heb slagwerk gevolgd aan de muziekacademie. Maar ik moest stoppen omdat ik twee keer per schooljaar voor drie, vier maanden op tournee moest. Daarom wil ik ook geen vaste relatie. Met dit soort werk kun je moeilijk iets moois uitbouwen. Ik heb mijn pleziertjes wel. Er zijn vrouwen genoeg in de wereld. De eenzaamheid neem ik er bij.»

Over de show in de Punchline Club kunnen we kort zijn. Drie Geert Hostes proberen het publiek te vermaken, helaas zonder lachband. Daarna duiken we in de muziekkroegen van 11th Street, tot we om twee uur met honderden tegelijk op straat worden gezet. Snake en ik ‘ontbijten’ dan maar in Denny’s Place, een keet waar de nachtbrakers frisdrank slurpen en spek en eieren eten. Mijn nieuwe maat slaat ook nog twee croque-monsieurs naar binnen met frieten, mayonaise, ketchup, toasts, een coupe vanille én een groot glas slagroom dat hij in één teug leegdrinkt. ‘Nu slaap ik gegarandeerd een deuk in de dag, vader!’

Brullende motoren, knarsende vorkliften, claxons, kreten en gehamer van ijzer op ijzer: Vlaamse roadies bouwen aan U2.Beeld BELGA

Zondag 15 juni

Het Oakland Alameda County Coliseum is een ronde, betonnen arena van drie verdiepingen hoog. De omgeving is herschapen in een werf met honderden stalen liggers, torenelementen, stellingen en dakspanten. Kolossale trucks, geladen met bodemplaten, wachten met draaiende motor voor een dienstingang. Voor de ingang van een zaaltje, omgebouwd tot refter, staat een aanhangwagen met daarop: Spectrum Film and Concert Catering. Daar trekken we naartoe. ‘Voor mij een steak met frieten,’ roept Luc Dardenne bij het binnenkomen. Achter een lange tafel met zes gasbrandertjes staan twee koks. Zij reizen met ons mee en koken in elke etappestad voor het werkvolk. Lucs vraag wordt weggelachen; om kwart voor acht ’s avonds moeten we ontbijten. We krijgen bacon met eieren, gebakken aardappelen en worstjes. Voor morgenvroeg wordt meer van hetzelfde beloofd. 

Tien minuten later haasten we ons naar de catacomben van het stadion. Naast het grasveld wordt ons bij wijze van werfbarak een container toegewezen. Dit is ons hoofdkwartier. Er is een telefoon, een fax, twee tafels, zes stoelen en een sofa. Bart monstert misprijzend mijn nochtans prima Nike-loopschoenen. ‘Aan die prullen heb je niks,’ zegt hij. ‘Als er een stalen buis op valt, zijn je tenen verpletterd. Hier, pak aan.’ Hij stopt me een paar sportschoenen met stalen uiteinden toe. We zetten onze helmen op en gespen onze werkgordel vast, voorzien van een tang, schroevendraaier, hamer, meter, sleutel 22/19, walkietalkie en - belangrijk - sigaretten-aansteker.

Baseball-toeschouwers zijn zwijnen. De tribunes liggen bezaaid met duizenden magnum-, cola- en ijskreembekertjes, plastic rommel en peulsnippers van apennoten. Een falanx Mexicaanse vuilnismannen probeert gewapend met stofblazers in een hels kabaal deze augiasstal uit te mesten. De grasmat is een pareltje; jarenlang gekoesterd door toegewijde grasmeesters. Uitgerekend op deze gewijde grond wordt klokslag acht uur een bende ongeregeld losgelaten met vorkliften, trucks en kranen, stellingen en dwarsliggers. Onze helpers, 32 potige Amerikanen, ontrollen beschermende, luchtdoorlatende doeken op het gras en bedekken ze met dikke bodemplaten, opdat de vrachtwagens en kranen het drainagesysteem en het ondergrondse vochtregelingssysteem niet zouden beschadigen. Het duurste gras ter wereld groeit op Wembley, zegt Bart Van den Bergh. ‘We hebben er podia gebouwd voor Pink Floyd, The Rolling Stones en Bon Jovi. Vijf officials hielden elke beweging nauwlettend in de gaten. Bovenop de kunststof en de platen moesten extra trucks voor de kranen en vrachtwagens worden gelegd. Tussen twee optredens door was er een voetbalwedstrijd. We moesten dan het podium helemaal afbreken en na de match snel weer opbouwen.’

De hel breekt los 

‘Hey, waar the hell wacht je op?’ schreeuwt Snake. Hij is verantwoordelijk voor de aanvoer van materiaal. Brullend en heftig gesticulerend geeft hij de vorklift-chauffeurs aanwijzingen. Er breekt een felle bedrijvigheid los. De roadies verspreiden zich. Ze blijven via walkietalkies met elkaar in contact. De stadionpoort is te klein. Alles moet worden overgeladen. Acht vorkliften hevelen podiumonderdelen van International-vrachtwagens over naar kleinere Kenworths. Die voeren het materiaal langs een steile helling het stadion binnen. ‘Hey you! Uit de weg, kerel!’ Ik spring net op tijd opzij. Drie vorkliften denderen het stadion binnen met zware betonblokken van elk 1.200 kg. Het zijn ballastblokken. Onderaan het podium komt een ingenieus vlechtwerk van 12 grote waterbakken van elk vier ton, verbonden door dwarsliggers. Zonder die ballast zou het smalle, hoge podium (30m x 4m) kunnen omwaaien.

Stageco werkt voor deze tournee samen met Upfront, een Ierse podium-verhuurfirma waar U2 belangen in heeft. Zij leggen de podiumvloer, wij bouwen de rest. Samen zijn we met elf podium-roadies, uw dienaar inbegrepen. We krijgen hulp van 16 lokale materiaalsjouwers, 16 stellingbouwers, 8 vorklifters en 2 kraanmannen. Er wordt gewerkt in een kabaal van brullende motoren, claxons, kreten en gehamer van ijzer op ijzer. Overal rondom mij schreeuwen ploegbazen bevelen, kraken neusstemmen in walkietalkies en hollen mensen met witte helmen door elkaar heen. We lijken wel figuranten in een James Bond-film, waarin koortsachtig aan een moordend wapen tegen de mensheid wordt gewerkt 

22.00. De stadionverlichting is aangestoken. De basis van het podium is nagenoeg uitgezet. Zware stalen verbindingsstukken worden met een kraan ingepast. De twaalf waterreservoirs worden met behulp van een laserstraal-meettechniek heel precies waterpas gebracht. Als er beneden een hoogteverschil van vijf millimeter is, kan dat op dertig meter hoogte uitgroeien tot een verschil van twintig centimeter. Dan krijgen we problemen met de montage van het dak.

00.30. Er is een probleem met de hydraulische 50 ton-kraan. Ze slaagt er niet in een stuk beton van 1000 kg naar de achterkant van het podium te versassen. Ze kantelt bijna. Ijlings neemt de 80 ton-torenkraan de last over. ‘Hy-draulische kranen zijn wendbaarder, maar zwakker als ze hun arm te ver moeten uitschuiven,’ doceert Luc. Er is ook iets met de kraanman. Hij gaat al voor de vierde keer naar het toilet. Telkens moet het werk worden stilgelegd. In de walkietalkies wordt - in Brabants en Oost-Vlaams dialect - druk gespeculeerd.
- Wat heeft die pee? (krak)
- Gaat hij weeral pissen? (krak)
- Prostaat, zeker? (krak)
- Er is iets met z’n nieren, schijnt het. (krak)
- Dat hij dan een andere job zoekt! (krak)
- De Amerikanen zeggen dat hij nierstenen heeft. (krak)
- Prima, dat geeft extra tegengewicht! (krak)

Kreeft! Champagne! 

01.00. Schafttijd. Ik heb al slechter gegeten. Er is verse sla, tomaten, avocado’s, komkommers, wilde rijst, gebakken aardappelen, gestoofde paprika’s met paddenstoelen, heilbot in limoensaus, rosbief, een vegetarische schotel en vijf verschillende nagerechten. Er is goed bestek, en we worden vriendelijk bediend. Het cliënteel ziet er ruig, soms bijna woest uit, maar gedraagt zich opvallend welopgevoed: Please en thank you alom; iedereen ruimt zelf af, niemand boert of laat scheten of likt zijn bord af. We passen ons dan maar aan. De Canadees Chris Riceias (31) schept onze borden vol. ‘Het is hard werken,’ zegt hij. ‘Gedurende 48 uur non-stop bereiden we maaltijden. Mijn maat en ik lossen elkaar af. Vanmorgen om elf uur ben ik aan mijn werkdag begonnen, tot vijf uur morgenvroeg. Dan slaap ik vier uur en kom tegen 11 uur terug voor een shift van 24 uur. Als een podium overdag wordt gebouwd, werken we veel minder: zo’n zestien uur per dag, maar toch ook altijd zeven dagen op zeven.’ 

Peter McGoran, zijn chef, kookt al twintig jaar voor film- en muziekvedetten. ‘Vroeger eisten ze topgastronomie, nu willen ze eten als atleten,’ zegt hij. ‘Ze eisen veel groenten en lichte maaltijden. Of ze vragen om ‘home-made meals’: stoofpotjes zoals hun moeder die thuis bereidt. Alles moet vers zijn. Elke dag bereiden we een vegetarische schotel. En dat terwijl ik vijf jaar geleden niet eens wist wat een vegetariër wás!’

 Vroeger waren er geregeld uitspattingen en schranspartijen met kreeft en champagne. ‘Maar tegenwoordig houdt elke groep zich strikt aan zijn budget,’ zegt hij. ‘It’s a business, man! Als de leadzanger op zijn verjaardag een oesterbar wil, wordt dat één week op voorhand gemeld en onderhandelen we over de prijs. Sommige groepen zijn verzot op de Japanse keuken en vragen om sushi: rauwe vis met kleefrijst. Dan huren we een chef in die dat in hun kleedkamer bereidt, als het maar op voorhand geregeld is. ‘By the way, wil je je Belgische roadie-vrienden eens zeggen dat hun abnormale gewoonte om mayonaise bij hun frieten te eten, me onderhand de strot uitkomt?’ 

Humo’s eigen Popeye 

02.50. Die Amerikanen beginnen op mijn zenuwen te werken. lk draag net als zij een witte helm; de rode roadie-helmen zijn namelijk op. Maar daardoor denken sommigen dat ik één van de sjouwers ben en geven ze me voortdurend bevelen: ‘Hey, pick up this! Hey, pick up that!’ Ik help met steun- en stutblokken aandragen, wat knap lastig is. Mijn lichaam moet nog een paar jaar mee. Dus pak ik een grote Engelse sleutel en lummel daar wat mee rond. Het is een oude dokwerkerstruuk en hij werkt voortreffelijk. Iedereen denkt dat je iets omhanden hebt en laat je met rust.

03.30. Een koude zeewind is opgestoken vanuit de Stille Oceaan. Vanuit de heuvels rollen kille mistslierten naar beneden. Een T-shirt en sweater volstaan niet meer. ‘Bouten aanspannen is een prima opwarmer,’ zegt Bart. Hij geeft me een 41 mm-sleutel en wijst twee schroeven aan. ‘De bovenste moer hard aanspannen, de onderste iets minder,’ zegt hij. ‘Eindelijk!’ denk ik. ‘Eindelijk een taak met verantwoordelijkheid.’ Ik spreid mijn armen lichtjes, zoals echte krachtpatsers, echte vijzendraaiers doen. Het moet een lachwekkend beeld zijn: dat kleine mannetje met een witte pot op zijn hoofd dat dreigend als een sumoworstelaar naar een bout toestapt. Maar ik aarzel geen seconde. Sla de sleutel rond de moer. Haal diep adem. Geef een ruk van jewelste. Maar zie. De moer is nog los. Zo verwoestend, zo vernietigend, zo oer is mijn kracht, dat ik mezelf bijna omver heb getrokken. Dié vernedering blijft me gelukkig bespaard. Ik kijk snel om me heen. Niemand heeft het gezien. ‘Rustig,’ denk ik. ‘Je hebt de tijd. Niet de snelheid van uitvoering is belangrijk, maar de stevigheid van het podium. Stel je voor dat woensdag plots uit 50.000 monden de kreet weerklinkt: ‘Woeha, er zit een zak in dat podium!’ Neen, dat kan ik Bono niet aandoen. Dus: nog maar een ruk. En nog een (ik voel een steek in mijn zij). En hop! 

Krrrr... Mijn rug of die moer? Geen idee. Maar de bout zit wel muurvast. MIJN bout, jawel. Hebbes. Even later zie ik tersluiks, vanuit mijn ooghoek, hoe Bart probeert of hij het ding nog harder kan aandraaien. Tot mijn genoegen verroert het geen millimeter, en dus schraap ik snel even mijn keel. ‘Mooi werk,’ zegt hij (ik zweer het!). ‘Ginder is er nog één. Die hoeft niet zo vast, anders plooit de dwarsligger, want die is een stuk dunner.’ Met een basstem grom ik: ‘Komt voor mekaar, old boy.’ Ja hoor, ik zou deze stalen dwarsligger best wel eens kunnen plooien! 

06.15. Wachten. Gedwongen rust. Met man en macht hebben we de constructietorens gemonteerd. Ze fungeren als pijlers om het videoscherm van 700 vierkante meter aan op te hangen. De werkzaamheden verliepen voor-treffelijk, tot de grasmeesters van het stadion moeilijk begonnen te doen. Ze eisten dat de dekplaten meteen van het gras werden verwijderd. De afgesproken termijn was namelijk verstreken. Onze helpers zijn nu volop bezig zevenhonderd platen weg te nemen. De kraan rolt traag naar de achterkant van het podium. ‘Het heilige gras mag niet langer afgedekt blijven,’ zegt Bart schamper. ‘Nog één kwartier en de laatste toren van het podium zou rechtop hebben gestaan. Maar neen, de kraan moest onmiddellijk inpakken en verhuizen, poeh! Hiermee verliezen we een uur.’ Ondertussen zijn de ballastbakken tot aan de rand met water gevuld. lk heb met een grote T-sleutel de afsluitdoppen aangeschroefd. ‘Als er eentje lekt, zal het een bom geld kosten,’ waarschuwt Bart. ‘Voor een beschadigde grasstrook van één meter breed betaal je al gauw een miljoen frank schadevergoeding.’

07.45. Een vrouw, een snelwandelaar, komt het stadion binnen gewaggeld. Plots stokt haar tempo. Haar mond valt open. Ze deinst achteruit en valt bijna om als ze ziet wat wij op haar parcous hebben neergepoot. Twee, drie seconden staat ze als aan de grond genageld. Dan werpt ze ons een vuile blik toe en neemt een binnenweg over het bedauwde gras. Het is klaarlichte dag. Dardenne grijnst tevreden. Zes torens staan klaar om verder afgewerkt te worden: dat zijn er twee meer dan gepland.

08.30. De hotelportier kijkt verwonderd naar mijn kleren, vol roest- en vetvlekken, en naar mijn kapsel, in de vorm van een helm.
‘Wanneer vertrekken we voor onze volgende klus?’ vraag ik aan ploegbaas Dardenne.
‘Zorg dat je vanmiddag om kwart over drie klaar staat.’
‘Zo vroeg? Tot wanneer werken we dan?’
‘Tot alles af is. Zeven, acht uur morgenvroeg.’
Mijn mond valt open, de anderen grinniken.
‘Welkom in rock-’n-rollland, maat.’

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234