Martine TangheBeeld Herman Selleslags

afscheidmartine tanghe

Martine Tanghe in 1980: ‘Ik heb zeker niet de ambitie om de hiërarchische ladder van de BRT te beklimmen. Dat laat me koud’

Op maandag 30 november zal nieuwsanker Martine Tanghe voor de laatste keer ‘Het journaal’ lezen. Ter ere van het tv-icoon doken we in het Humo-archief en diepten we de mooiste souvenirs aan haar op.

(Verschenen in Humo op 13 maart 1980)

De doorsnee tv-journalist doet me denken aan een etalagepop met groot opgemaakte verschrikte ogen; het enige verschil is (laatste snufje?) dat de mond op en neer gaat. Wie je dat soort Nieuwe Harkerigheid niet kunt aanwrijven is Martine Tanghe. Ze presenteert het Wereldleed met een charmant soort nonchalance, een monkellach als er weer eens een beeldband verkeerd binnenfloept en ze durft zelfs aandoenlijk spontaan haar ellebogen aan de kijkers tonen, iets wat bij elke andere tv-journalist een obsceen gebaar moet zijn. Vooral in het begin werd de eigen stijl van deze benjamin van het BRT-nieuws niet in dank genomen.

MARTINE TANGHE «Toen ik bij de BRT begon, wist ik niet dat er meer bij kwam kijken dan het eigenlijke werk. Er belden aanhoudend journalisten op voor interviews, sommige vroegen niet eens of ik daar wel zin in had, en als ik weigerde, verzonnen ze wel wat. Dat ik mooi en blond en zo alleen was, dat soort flauwe kul. Beschamend. Van verbolgen huismoeders kreeg ik dan weer brieven met kritiek op mijn kleding. Ze ergerden er zich aan dat ik het journaal presenteerde met geruite hemden aan. Anderen vonden dat mijn haar te lang was of dat ik onmogelijk goed mijn briefjes kon lezen met al dat haar in mijn ogen. Je kunt het niet zo gek bedenken, of ik kreeg het op mijn brood. Nu is dat over. Men is blijkbaar een beetje aan mijn stijl gewend geraakt. Dat is maar goed ook. Ik vind dat ze me moeten nemen zoals ik ben.» 

HUMO Is dat niet moeilijk op de BRT?

MARTINE TANGHE «In het begin vonden ze dat ik er niet vrouwelijk genoeg bijliep. Er werd gezeurd over de jeansbroek die ik aan had of over ‘t tasje dat niet kón, en weet ik veel. Maar ik ben pas 24, en ik heb geen zin om me nu al als een vrouw van 35 of 40 op te tutten. Ze gaven wel toe dat ik goed presenteerde, maar mèt jurk zou het nog veel beter zijn, terwijl dat toch nooit in beeld komt! Trouwens, als ik al eens een rok aandoe, dan krijg ik te horen: kijk, ze loopt verkleed als vrouw.»

HUMO Hoe is het anders werken in het macho-wereldje dat de BRT toch is?

MARTINE TANGHE «Moeilijk, zeer moeilijk. Ik heb daar echt op mijn tanden leren bijten, en ik heb er een brede rug gekweekt. Dat moet je sowieso al hebben, ook als man, maar zeker als vrouw, want je wordt door velen niet voor vol aangezien. Ze nemen je niet au sérieux. Voor sommige mannen is een vrouw per definitie dommer; dat zal men niet zo uitgesproken zeggen, maar men Iaat het je wel voelen. Bijvoorbeeld op vergaderingen; men luistert niet naar je, er wordt geen rekening met je gehouden, enzovoort. Ik heb daar nogal moeite mee. Ik vind dat pijnlijk.»

HUMO Nog altijd?

MARTINE TANGHE «Ik heb de indruk dat je als vrouw méér moet bewijzen dan als man, omdat men ervan uitgaat dat je minder kent en kunt. Ik heb natuurlijk mijn leeftijd tegen, ik ben pas afgestudeerd, en de oude generatie…»

HUMO ... en de vijfendertigers?

MARTINE TANGHE «Kan het waarschijnlijk moeilijk verteren dat ik net hetzelfde werk doe als zij. Ik moet natuurlijk nog veel Ieren, maar precies omdat ik jong ben, ben ik erg soepel en sta ik open voor alles en nog wat, ook voor kritiek. Ik wil ook bijleren, maar daar moet je de kans voor krijgen. Nu word ik nogal gauw over het hoofd gekeken.»

HUMO Omdat vrouwen onbelangrijk zijn? Geef eens een voorbeeld.

MARTINE TANGHE «Als ik dag-duider ben, doe ik soms voorstellen die de vrouwenproblematiek raken; dat is iets wat me enorm bezighoudt, maar dat wordt dan zondermeer weggehoond. Er wordt dan een beetje met mij gespot, zo van ‘ach, ons meiske’, ‘ach, onze feministe’, terwijl ik vind dat het onderwerp beslist de moeite waard is. In het begin wist ik niet goed hoe ik daarop moest reageren; want je woede laten merken is natuurlijk erg onvoorzichtig in dat milieu; dan weet men meteen hoe je op je paard bent te krijgen. Dus reageer ik niet meer. Elke reactie die je dat soort kerels geeft, bevestigt immers dat ze belangrijk zijn, en dat gun ik ze niet. Een ander voorbeeld. Er gaan vaak weken voorbij voor in het journaal een vrouw aan het woord komt. Het zijn altijd mannen die het voor het zeggen hebben. Ik vind dat erg, en daarom probeer ik, min of meer principieel, naar vrouwelijke gesprekspartners te zoeken. Een beetje ais tegenwicht. Het gebeurt ook wel eens, zeker nu met de bezetting van de Amerikaanse ambassade in Teheran, dat Reuter een bericht doorstuurt van een ‘spokeswoman’: ik vertaal dat dan door ‘zegsvrouw’ of ‘woordvoerster’, en dan krijg ik mijn kopij terug met een rood krabbeltje eronder. Zo van: Martine, we hebben het wel gezien, hoor. Het zijn details, ik weet het, maar ze bepalen de sfeer waarin je werkt. Ik vind het ook een teken aan de wand dat bij het laatste journalistenexamen geen enkele vrouw geslaagd is. Dat is zondermeer abnormaal, want daar zaten zeer bekwame meisjes tussen. Weet je, die oude generatie mannen hier pikt het niet dat vrouwen journalisten kunnen worden. Secretaresse, dactylo of regie-assistente, dat mag natuurlijk; daar zijn vrouwen goed genoeg voor.»

HUMO Pak ze, Martine!

MARTINE TANGHE «Ik ben geen mannenhaatster of zo, achter al dat soort extreme uitwassen kan ik moeilijk staan, maar mijn uitgangspunt is dat je de vrouw eerst als mens moet zien en pas dan als vrouw. Dat geldt trouwens ook voor de man. Maar wat stel ik vast? De vrouw komt overal te weinig aan bod. Ze wordt miskend, en erger nog: je kunt ‘s avonds als vrouw alleen niet veilig meer over straat lopen. Dat is toch tekenend? Er is iets fundamenteels verkeerd met deze maatschappij als de ene helft van de bevolking bang moet zijn voor de andere helft, zodra het donker is. Ik ben één keer van mijn fiets gegooid, en sindsdien loop ik ‘s avonds met kloppend hart rond. lk was toen mijn geld en papieren kwijt, en ik ging dus naar het politiebureau; en daar kreeg ik te horen dat dat ervan komt als je zo laat nog in de stad rondloopt. Hemeltje! Ik wil een vrij mens zijn, en ik wil rondlopen op de uren die ik zelf verkies. Waar gaan we naartoe als je je als vrouw vanaf zeven, acht uur thuis moet opsluiten?»

HUMO Als ik jou morgen tegenkom, en ik fluit naar je, krijg ik dan een mep?

MARTINE TANGHE «Waarom moet er naar vrouwen gefloten worden? Ik snap dat niet. Dat is toch belachelijk Dat is toch kinderachtig? Vrouwen fluiten ook niet naar mannen. En dan al die opmerkingen Draag je een broek, dan ben je niet vrouwelijk, draag je een rok, dan heb je o-benen, of te dikke benen, of te witte benen, of er staat haar op. Er is altijd iets. Uitdagend zijn we ook altijd; bij verkrachtingen komt dat verwijt telkens weer terug. Dan zijn het de vrouwen die het hebben uitgelokt. Ik kan me daar enorm over opwinden. Waar halen ze het? Mannen gaan er blijkbaar van uit dat vrouwen het fijn vinden om beledigd, geslagen en verkracht te worden.»

HUMO Heb je al een raam van een pornowinkel ingegooid?

MARTINE TANGHE «Nee, maar ik sta wel achter de acties van de Nederlandse feministen: porno is de theorie, verkrachting is de praktijk. lk heb niks tegen blaadjes als Playboy. Voor mijn part mogen er best boekjes met naakte mannen en vrouwen bestaan, dat doet me niks. Maar afbeeldingen of filmpjes over vrouwen met kettingen en leren laarzen aan, zetten aan tot geweld tegen de vrouw. Ze stellen de vrouw voor als iets dat zomaar te pakken is, en daar ben ik tegen. Dat neemt niet weg dat ik me niet wil opsluiten in een marginaal feministisch groepje: ik heb gekozen om in een mannenwereld te werken, en vandaaruit aan de emancipatie te sleutelen. Tenslotte hangt de vrouwenemancipatie af van de mate waarin ook de mannen emanciperen.»

HUMO Slaag je daarin Ik heb de indruk dat je zo’n beetje het boegbeeld van het journaal bent: een vrouw als reclamespot voor de mannenwereld.

MARTINE TANGHE «Ik presenteer niet meer dan een andere journalist. Wij werken met beurtrollen; presenteren is maar een heel klein onderdeeltje van mijn werk. Het komt er bij, maar het is zeker niet het belangrijkste. Ik vind wat ik overdag doe - teksten maken - veel essentiëler.»

HUMO Maar nieuwslezen doe je wel uitstekend, terwijl collega’s die met jou begonnen zijn, na twee jaar nog cameraschuw zijn.

MARTINE TANGHE «Het vreemde is dat ik zeer rustig overkom, terwijl ik telkens weer bijzonder nerveus ben als ik eraan moet beginnen. Zodra de generiek van het journaal loopt, krijg ik hartkloppingen, moet ik drinken, begin ik te hoesten, mijn neus te snuiten of te niezen. Ik krijg dan het gevoel dat ik mijn stem ga verliezen, maar na het eerste bericht trekt die onrust weg, en dan mag er veel gebeuren; ik val altijd op mijn pootjes. Bij het laatste journaal heb ik trouwens helemaal geen trac. Ik weet niet waarom, maar dan mogen ze op hun hoofd gaan staan, dan nog blijf ik rustig doorlezen.»

HUMO Ben je zo zelfverzekerd als je op het scherm overkomt?

MARTINE TANGHE «Ik ben gewoon mezelf. Ik heb niet het probleem van mijn mannelijke collega’s. Dirk Lesaffer heb ik ooit ‘s horen zeggen: als ik mijn dasje en mijn jasje aantrek, ben ik iemand anders. Zij verkleden zich dus, en dat is waarschijnlijk geen prettig gevoel. Ik hoef geen spannende das aan te trekken. Er blijft natuurlijk wel een verschil tussen hoe ik overkom en hoe ik ben: ik ben bijvoorbeeld niet zo’n prater. Ik denk meer dan ik zeg. Ik hou veel voor mezelf. Ik loop met mijn gevoelens niet te koop. Ik ben dus aan de stille kant. Als ik geen boodschappen moest doen, zou het misschien kunnen voorkomen dat ik drie dagen niets zeg. Ik heb een enorm grote behoefte om alleen te zijn. Op de BRT moet je al zo erg je nek uitsteken en je sterker tonen dan je bent, dat ik blij ben als ik weer alleen ben om er van te bekomen. Ik zit hier dan heel rustig met een boek en muziek op de achtergrond. lk heb niet veel nodig om me goed te voelen. Soms is alleen zijn natuurlijk ook vervelend: als je een rotdag hebt, zou je dat aan iemand willen zeggen, of als je je gelukkig voelt, zou je dat graag willen delen, en dan is er niemand. Maar het heeft hoedanook voordelen: ik kan doen en laten wat ik wil. Als ik zin heb om ‘s avonds een biertje te drinken, hoef ik niet naar huis te bellen om iemand te waarschuwen dat ik blijf plakken.»

HUMO Je bent een nachtraaf?

MARTINE TANGHE «Ik ben een avondtype, ja. ‘s Ochtends ben ik nog minder spraakzaam dan anders. Ik heb tijd nodig om aan iedere dag te wennen. Pas na de middag komt er wat leven in mij.»

HUMO Je hebt Germaanse Filológie gestudeerd. Zou je die studies overdoen, mocht je nu kiezen?

MARTINE TANGHE «Nee, al zou ik niet goed weten wat ik wel zou studeren. Geneeskunde misschien.»

HUMO Geneeskunde?

MARTINE TANGHE «Dat zat destijds al in mijn hoofd. Toen ik me op de universiteit ging inschrijven, wist ik nog altijd niet of ik Germaanse of Geneeskunde zou doen. Op het moment zelf heb ik voor Germaanse gekozen, al wou ik eigenlijk heel graag dokter worden. Ik denk wel eens: als ik nu dokter was, zou ik naar Nicaragua kunnen gaan om er de mensen te helpen. Nu kan ik daar niks gaan doen, ik zou alleen maar in de weg lopen.»

HUMO Zeer nobel.

MARTINE TANGHE «lk wil me altijd nuttig voelen; ik kan er niet tegen dat ik ergens overbodig ben. Ik ben eigenlijk Germaanse begonnen om in het onderwijs te gaan, maar de weinige lessen die ik gegeven heb om mijn agregatiediploma te halen, waren al genoeg om te weten dat daar mijn roeping niet lag. Tegen zo’n muur van apathie en desinteresse kon ik niet op.»

HUMO Voel je je nuttig op de BRT?

MARTINE TANGHE «Ik vind het journaal heel belangrijk, ja. Sommige collega’s kijken nogal eens neer op het journaal: dat is hen te min. Ze maken liever hun nummertje voor ‘Panorama’. Ik ben het daar niet mee eens: voor veel mensen is het journaal de enige bron van informatie, en daarom vind ik het belangrijker dan de ego-tripperij bij ‘Panorama’. lets anders is natuurlijk of wat wij brengen allemaal zo nuttig is en of het niet verloren gaat. Maar daar mag je niet te erg over piekeren.»

HUMO Pieker jijzelf over het wereldnieuws?

MARTINE TANGHE «Er zijn weinig dingen die me onverschillig laten. Ik dreun niet zomaar mijn tekstjes af, ik vind dat alles wat in de wereld gebeurt met mij te maken heeft, ik voel me daarbij betrokken. Ik kan er bijvoorbeeld moeilijk inkomen dat de mensen zich niet interesseren voor wat bijvoorbeeld in Afghanistan gaande is. Ik zit daar met al mijn gevoelens bij, en ik heb het er vaak nogal moeilijk mee dat ik niet kan laten merken wat ik er persoonlijk van vind. Ik accepteer natuurlijk het objectiviteitsbeginsel van de BRT, maar ik word vaak opstandig bij al die onmenselijke praktijken in de wereld. Collega’s zeggen dan dat je niet kunt blijven huilen om die dode Ethiopiër of die verdwenen Argentijn, maar ik huil daar niet om; ik word opstandig.»

HUMO Dat merk je dan toch niet op het scherm.

MARTINE TANGHE «Natuurlijk niet, en dat is het frustrerende. Ik was onlangs een tekst aan het maken over de Spaanse ambassade in Guatemala, die door sukkels van boeren bezet was. Al die boeren, op één na, waren op bevel van hogerhand neergeschoten, en bij die slachtpartij was ook vice-president Hupsaké gesneuveld. De regering van Guatemala kondigde daarop een driedaagse rouwperiode voor die vice-president af. Dan denk ik: en al die boeren dan? Betekenen die dan niets? Ik zou dan ‘Smeerlappen!’ willen roepen, maar dat kan natuurlijk niet. Het enige wat ik dan doe is de twee feitjes sec naast elkaar zetten, in de hoop dat de kijkers het begrijpen. Het frustrerende is dat je je altijd op de vlakte moet houden, dat het nieuws zo grijs moet blijven. Het zit hem al in de woorden: je mag een dictator geen dictator noemen, terwijl vrijheidsstrijders zo gauw terroristen heten. ‘Terroristen’ is trouwens een woord dat ik angstvallig zal vermijden als het niet zwart op wit vaststaat dat het om terroristen gaat. Die boeren in Guatemala, die door het regime op een onmenselijke manier uitgebuit worden, zijn voor mij geen terroristen dat zijn vrijheidsstrijders, of guerillero’s, of gewoon boeren.»

HUMO Je bent blijkbaar gepassioneerd bezig met Zuid-Amerika. Je bent onlangs bijvoorbeeld op vakantie geweest naar Cuba.

MARTINE TANGHE «Dat was de mooiste vakantie die ik ooit heb gehad. Je kunt over Cuba veel lezen of dromen, maar je moet het gezien hebben. Op Cuba kan je meemaken wat socialisme in de praktijk kan betekenen. lk heb daar volop genoten, al was het een werkvakantie. Ik zeg niet dat alles er perfect is, ik ben geen kritiekloze aanhanger van het Cubaanse socialisme, maar ik ben toch vol enthousiasme teruggekeerd.»

HUMO Wat vind je er zo goed?

MARTINE TANGHE «Het onderwijs bijvoorbeeld. Daar doe ik mijn hoed voor af. Eike arbeider is er student en elke student arbeider. Vrijwel alle scholen zijn er op het platteland, en haast geen in de stad, dus net het tegenovergestelde van bij ons. Er wordt een halve dag gewerkt en een halve gestudeerd. ‘Arbeiders-studenten-één-front’ is daar geen loze kreet: dat is daar werkelijkheid. Begrijp me niet verkeerd, ik hou geen pleidooi om het Cubaanse onderwijssysteem bij ons in te planten, dat gaat niet, maar ik vind wel dat zij dat fantastisch hebben aan-gepakt.»

HUMO Maar van onderwijs alleen leef je niet.

MARTINE TANGHE «Nee, maar het is wel de basis van waaruit alles begint. De jongeren krijgen daar een heel ander wereldbeeld mee dan bij ons. Ze worden opgevoed in solidariteit met elkaar. Je hebt daar geen elite kindertjes die bang zijn om hun handen vuil te maken. Je kan natuurlijk zeggen: de jonge Cubanen worden geïndoctrineerd. Dat zal wel, maar bij ons zeggen de kinderen: ‘In de naam des vaders en des zoons’, en op Cuba ‘Seremos comme Che’. Dat is het verschil.»

HUMO Waarom ben je precies naar Cuba gegaan?

MARTINE TANGHE «Ik was het al enkele jaren van plan, en toen ik over die werkbrigades hoorde, dacht ik: dat is het. Het leek me de beste manier om Cuba te leren kennen. Je bent dan geen toerist, maar je leeft dag in dag uit met de Cubanen zelf. Het was wel hard werken: we stonden om zes uur ‘s morgens op, en na je dagtaak moest je nog naar de vergaderingen: kritiek en auto-kritiek, weet je wel. Een van de grootste kankers in Cuba is namelijk het absenteïsme. De arbeiders zijn zeker van hun werk, ze verdienen voldoende, maar het enthousiasme van de revolutie is er bij sommigen uit, omdat ze met hun geld geen consumptiegoederen kunnen kopen. Dus zijn ze al eens ziek, of ze blijven gewoon thuis.»

HUMO Heb je over de aanwezigheid van Cuba in Afrika gepraat?

MARTINE TANGHE «Daar hebben we veel over gepraat, maar het blijft moeilijk. Zij verdedigen voor 100 % hun aanwezigheid in Eritrea bijvoorbeeld. Daarin staan ze op een lijn met Moskou. Die slaafsheid gaat me wel wat te ver. Het is begrijpelijk dat ze de Sovjet-Unie verdedigen, want ze hebben er veel aan te danken, maar op sommige punten zouden ze toch onafhankelijker mogen denken. Cuba is de Sovjet-Unie niet. Wat mij zo aantrekt in Cuba is juist dat mengsel van communisme en Zuidamerikaanse sfeer: het is een vrolijk, levendig communisme, een joviaal volk ook. Die mensen zingen, lachen en dansen voortdurend; dat kan ik me in de Sovjet-Unie moeilijk voorstellen. Als je Cuba vergelijkt met de rest van Zuid-Amerika, besef je pas hoe groot de prestaties van Castro zijn. Op 20 jaar tijd is Cuba er enorm op vooruit gegaan, terwijl men in Guatemala en El Salvador nog steeds arme mensen die uit ellende op straat komen, afmaakt.»

HUMO Wat zijn je verdere verwachtingen op de BRT? Ben je ambitieus?

MARTINE TANGHE «Ik heb zeker niet de ambitie om de hiërarchische ladder van de BRT te beklimmen. Dat laat me koud. lk wil gewoon mijn werk doen, zo goed mogelijk. En verder? Ik maak nooit plannen. Ik leef van de ene dag in de andere. Plannen maken is me in het verleden te zuur opgebroken; er zijn altijd mensen die door hun beslissingen in je leven ingrijpen en je eigen dromen een andere wending geven dan je zelf wil. Dus, ik zie wel wat de dag brengt. Ik werk graag, het klinkt misschien ouderwets. maar ik heb nog arbeidsvreugde, en ik ben altijd goedgezind als ik naar de BRT kan gaan, en ik hoop dat dat nog een tijdje blijft duren. Er lopen bij ons ook mensen rond die tegen hun zin werken en die daarmee openlijk te koop lopen. Ik vind dat heel erg. Dat is slecht voor ons, dat is slecht voor het journaal en dat is vooral slecht voor de kijkers. » 

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234