Beeld © VRT - Studio 100

WonderjarenGert Verhulst

‘Onder kennissen kan ik behoorlijk zeveren, hoor’

(Verschenen in Humo op 13 oktober 1993)

Veel meer dan als omroeper is Gert Verhuist bekend als de geestelijke vader van Samson. Inmiddels is de derde Samson-cd al twee keer goed voor platina en heeft het tweetal pas een tournee langs twintig festivals in het land gemaakt. Vijfduizend jeugdige toeschouwers bij een optreden is geen uitzondering. Gert Verhulst geniet van die aandacht. Het is bijna nooit anders geweest, zegt hij. Een wonderkind?

GERT VERHULST «In iedere klas is er wel een leerling die bepaalde taken mag doen: het bord schoonmaken, de boeken uitdelen, een boodschap overbrengen aan de directeur... Ik was zo’n leerling. Wanneer ‘s ochtends vroeg kartonnen met melk de school binnengebracht werden, kreeg ik van de directeur op-dracht die pakjes in de klassen rond te delen. 

»Het gebeurde wel eens dat een leerkracht tegen een leerling zei: ‘Kijk eens hoe Gert...’ Dat vond ik heel ambetant, maar ach, ik ben altijd extreem braaf geweest. In de kleuterschool nog het meest. Wij hadden een hele strenge lerares. Juffrouw Verboven, heette ze. Ik deed precies wat me gezegd werd en ik durfde niets te vragen. Niet eens of ik naar het toilet mocht gaan. Dus die ene keer, toen ik echt heel nodig moest... tja, toen heb ik het maar laten lopen (lacht)

HUMO Je was een verlegen kind?

GERT VERHULST «Ja, ik ben altijd zeer gesloten geweest, een binnenvetter. Ik ben nogal bang van aard. Ik vrees vaak voor het ergste, mijn fantasie slaat nogal eens op hol. Wanneer ik ‘s nachts vreemde geluiden in huis hoor denk ik onmiddelijk aan inbrekers. Mijn vriendin gaat meestal als eerste kijken (lacht). Ik ben een beetje een bangelijke gast.

»Wij woonden in Antwerpen, nabij het vliegveld van Deurne. Wij waren klein behuisd, wij hadden maar twee slaapkamers: één voor mijn ouders en één voor hun drie kinderen. Toen ik nog klein was sliepen mijn broer, mijn zus en ik in een kamertje van drie bij vier meter. Dat werd al gauw te klein voor ons drieën en daarom verhuisde mijn zus naar de ingebouwde kast. Die bood plaats voor een éénpersoonsbed. Mijn broer en ik moesten in een stapelbed slapen.

»Door het gebrek aan ruimte verhuisde mijn broer na een tijdje naar het tuinhuis dat mijn vader voor hem had uitgebouwd tot een soort studio. Ik volgde mijn broer al snel, omdat mijn zus de kamer voor haar alleen moest hebben. Het tuinhuis werd het jongenshonk. Maar mijn broer, die zeven jaar ouder is dan ik, ging al gauw van huis weg en toen sliep ik daar alleen in de tuin.

»’s Nachts leek het rond dat huisje te spoken, soms kon ik de geluiden niet goed plaatsen en dacht ik dat er buiten iemand rondsloop. Tien tegen één dat het een kat was natuurlijk, maar soft, ik voelde mij daar niet veilig.»

HUMO Je ouders hadden het niet breed?

GERT VERHULST «Nee, mijn vader was bediende bij de spoorwegen. Met zijn inkomen konden wij ons niet al te veel veroorloven, maar we zijn nooit iets tekort gekomen. Hoe mijn ouders het hebben klaargespeeld begrijp ik nog altijd niet, maar wij gingen toch elk jaar met in allen op vakantie. In de zomer verbleven we op een camping in Zuid-Frankrijk, in de winter gingen we skiën.»

HUMO Waren jullie een hecht gezin?

GERT VERHUIST «Het Grote Familiegevoel is mij niet vreemd, nee. Het was thuis precies zoals Stef Bos het omschrijft: zaterdagavond, net uit bad, de haartjes mooi gekamd, een pyama en een kamerjasje aan en dan met het hele gezin voor de televisie. Voeg daar nog de limonade, zakken chips, koekjes, de hond, de kat en een nest hamsters aan toe en je hebt een zaterdagavond bij Verhuist.

»Mijn ouders hadden een modelhuwelijk. Als ze al eens woorden hadden dan was dat meestal veroorzaakt door de kinderen. Dan had er eens één tegen vader gezegd: ‘Maar van moeder mag het wel...’ En ja, dan vielen er wel eens harde woorden.

»Ik heb een fantastische moeder, die er altijd voor zorgde dat ze thuis was wanneer ik uit school kwam. Ik heb nooit, zoals zoveel kinderen, een briefje gevonden met daarop: ‘Je eten staat in de koelkast.’ Ik hoefde geen sleutel mee te nemen, de deur stond altijd open en zodra ik thuis was praatte ik met mijn moeder of ik haalde mijn speelgoed tevoorschijn.

»Ik had niet veel behoefte om weg te gaan, ik was graag thuis. Ziek zijn was voor mij een feest. Dan maakte mijn moeder van de sofa een bed, ze schoof een tafeltje met lekkere dingen aan, ze bracht stripboekjes. Ze legde me echt in de watten. Wanneer ik eens een dag echt geen zin had om naar school te gaan, schreef ze een briefje voor me: ‘Wegens familiale omstandigheden...’ En dan bleef ik thuis of we trokken er samen een dagje op uit. Ik heb een onbezorgde jeugd gehad.»

HUMO Je ouders hebben je vrij opgevoed?

GERT VERHUIST «Ze hadden zeer ruime opvattingen, ja. Alles mocht, alles kon. lk denk dat veel kinderen wanneer ze achttien worden zoiets hebben van: nu is mijn tijd gekomen, nu kan ik uitgaan, laat thuiskomen... Maar ik heb in mijn jeugd zo veel vrijheid gekend dat ik dat niet zo heb ervaren. Ik mocht natuurlijk niet op mijn vijftiende om zes uur ‘s ochtends thuis komen, het moest een béétje redelijk blijven, maar ik kon mijn eigen gang gaan.

»Ik ben nooit tegen mijn ouders in opstand gekomen. Dat was niet nodig. Mijn broer en mijn zus hadden voor mij het pad geëffend. Zij hebben meer voor hun vrijheid moeten vechten dan ik, zij waren rebelser. Mijn broer heeft nog op de Arena-weide gekampeerd om tegen nieuwbouw te protesteren. Hij liet zijn haar groeien en hij droeg schoenen met plateauzolen. Dat was in de tijd van Mud en Slade.

»Mijn ouders hebben me altijd enorm gesteund. Bij elke belangrijke gebeurtenis, wanneer mij een diploma of een prijs werd uitgereikt, waren ze erbij. Mijn carrière hebben ze op de voet gevolgd. Ook nu nog, wanneer ik met Samson in het land optreed, komen ze naar de show. Ze zijn niet de meest kritische toeschouwers, maar ik vraag toch altijd wat ze ervan vonden. Meestal is het antwoord: “t Was goed’.»

HUMO Je bent geboren in 1968. Leefden je ouders in de geest van die tijd?

GERT VERHUIST «Mijn vader is altijd een uitgesproken socialist geweest, hij was lid van de partij en hij volgde de politiek op de voet. Met mijn broer heeft hij in Brussel tegen de oorlog in Viëtnam gedemonstreerd. Mijn moeder had het veel te druk met het gezin om zich met politiek bezig te houden. Toen wij al wat ouder waren heeft zij nog wel een tijd in de Wereldwinkel gestaan, maar dat was dan weer de invloed van mijn zus. Die spoorde het hele gezin aan om deel te nemen aan allerlei demonstraties: tegen kernraketten, tegen apartheid, tegen de honger in de Derde Wereld, ten behoeve van politieke vluchtelingen... Je kunt het zo gek niet bedenken of we hebben er gestaan.

»We boycotten ook de ver-koop van bepaalde produkten. Nadat mijn zus was thuisgekomen niet een affiche tegen apartheid, met daarop de slogan: ‘Drink geen bloed van Zuidafrikanen’, mochten we plots geen cola meer drinken. Ik was nog te jong om het te begrijpen, ik dacht: ‘Shit, wat is dit hier allemaal?’

»Ik vond het allemaal wel interessant, maar op een gegeven moment had ik er toch genoeg van. Op school was een staking georganiseerd tegen de voorgenomen uitbreiding van het aantal leerlingen in de klas. Al mijn klasgenootjes zouden staken, zeiden ze, maar toen het eenmaal zover was stond ik als enige van mijn klas op de Groenplaats in Antwerpen. Toen was voor mij de lol eraf.

»We zijn wel een zeer sociaal geëngageerd gezin gebleven. Mijn broer werkte aanvankelijk in de gehandicaptenzorg, later is hij bouwvakker geworden en heeft hij een bouwproject opgezet voor kansarme mensen. Mijn zus werkt ook in de sociale sector, als gezinstherapeute. Mijn broer en mijn zus hebben een grote invloed op mij gehad, we hebben een sterke band met elkaar.»

Beeld VRT

HUMO Wat is de belangrijkste gebeurtenis uit je jeugd?

GERT VERHULST « De overgang naar de humaniora, denk ik. Die betekende voor mij een keerpunt. Terwijl ik in de lagere school de vedette van het hele spel was, werd ik in het Atheneum van Deurre een nummer. Ik voelde me totaal verloren, vooral omdat mijn medeleerlingen uit een heel ander milieu kwamen. Zij woonden in Schilde en in Brasschaat, zij hadden rijke ouders, ik was een kind van gewone ouders. Ik was veel liever naar het Atheneum in Berchem gegaan, zoals veel van mijn vroegere klasgenootjes, maar omdat de bus naar Deurne vlak bij ons huis stopte, zei mijn vader: ‘Ga maar naar Deurne. Dan hoef je niet op de fiets naar school als het regent.’

»Ik was daar niet gelukkig. En mijn resultaten waren navenant. Ik presteerde nog steeds niet slecht, mijn gemiddelde was een zeven of een acht, maar het baarde mij grote zorgen dat ik tot de middenmoot behoorde en niet meer de beste van de klas was. Mijn ouders lagen daar niet wakker van, want voor hen hoefde ik niet zo nodig een tien te halen, maar ik was niet meer zeker van mezelf.

»Veel vrienden had ik niet. Ik nam vrijwel niemand mee naar huis, ik was bang voor de reactie van mijn klasgenoten als ze zagen hoe ik woonde. Ik heb me niet echt voor thuis geschaamd, ik vond gewoon dat ze daar geen zaken mee hadden.»

HUMO Je nam je lief niet mee naar huis?

GERT VERHUIST «Ik heb heel weinig lieven gehad, ik was veel te verlegen. Ik was wel vaak verliefd maar ik durfde nooit aan die verliefdheid toe te geven. Onderwijl droomde ik van een Bo Derek-type, ik hoopte dat zo’n meisje naar me toe zou komen, want zelf nam ik geen initiatief. Ik was bang afgewezen te worden.

»Toen ik veertien was had ik mijn eerste vriendinnetje. Zij zat ook bij het toneel. In de anderhalf jaar dat wij elkaar zagen is er niet veel gebeurd, zeker geen seks. Van seks moest ik toen nog niet weten. Zodra mijn moeder over de miertjes en de piertjes begon, kapte ik dat dadelijk af. ‘Ik ken dat allemaal al,’ zei ik dan.

»Sinds een paar jaar woon ik samen met Valerie. Nu kom ik wel los, bij haar hoef ik niet bang te zijn dat ik het deksel op mijn neus krijg. Toch heb ik nog regelmatig last van faalangst. Zo zal ik bijvoorbeeld nooit iemand aanspreken die ik niet ken. Als kind deed ik dat al niet. Wanneer wij op vakantie waren, duurde het soms een week voordat ik met iemand contact had gelegd.

»Ik ben gesloten, maar daarom nog geen stille, hé. Onder kennissen kan ik behoorlijk zeveren. Dat doe ik al de helft van mijn leven, denk ik (lacht). Soms is het echt platvloers. Hoe lager het niveau, hoe plezanter. Ik steek graag de draak met andere mensen. Serieuze gesprekken voer ik alleen met hele goede vrienden. Die heb ik niet veel, je kunt ze op één hand tellen.»

HUMO Zo te horen heb je altijd in de kijker willen staan. Wilde je daarom presentator worden?

GERT VERHUIST «Misschien wel, ja. Ik wist eigenlijk al vrij vroeg dat ik wildé doen wat ik nu doe. Vanaf een jaar of twaalf, denk ik. Met het buurmeisje speelde ik ‘Een van de acht’. Zij was Mies Bouwman en ik zat in het panel. We maakten microfoons van een potlood en papier en gingen mijn moeder in de keuken interviewen. Met tien jaar was ik bij het jeugdtoneel gegaan. Ik was ‘Het kleine stoute trolletje’: dat trolletje huilde zo hard dat Meneer De Wind er gek van werd. Het toneelstuk werd opgevoerd in de Arenbergschouwburg in Antwerpen, voor achthonderd toeschouwers. Mijn ouders zaten in de zaal, ze waren heel erg trots.

»Nadat ik in vier toneelstukken had gespeeld schreef ik een brief naar de redactie van ‘Vinger in de pap’, een jeugdprogramma van de BRT. Ik wilde in de uitzending komen. Dat lukte ook. Ik deed een paar studiogesprekken met Lea van Hoeymissen, die ‘Vinger in de pap’ presenteerde. Ik schreef ook een paar liedjes, waarvan ik er één in het programma heb gezongen. Dat ging over leerkrachten en over hoe zij leerlingen kunnen kloten. Mijn klasgenoten op de humaniora vonden dat natuurlijk fantastisch, maar de leerkrachten waren minder enthousiast (lacht)

HUMO Toen had je al een voet tussen de deur van de BRT?

GERT VERHUIST «Ja, maar omdat er geen opleiding voor presentator is, besloot ik een acteursopleiding te volgen. De ingangsexamens voor het conservatorium waren in juni en in september. Omdat ik er vast van overtuigd was dat ik met vlag en wimpel zou slagen, wachtte ik tot september.

»Er was een vijftigtal kandidaten. We moesten een gedicht voordragen, een stukje drama opvoeren en een aantal figuren uitbeelden. Na afloop werd de groep in tweeën gesplitst. De ene kreeg te horen dat ze naar huis kon gaan en de andere mocht meekomen naar de directeur. Ik was erbij. ‘Mooi zo,’ dacht ik ‘dat is geregeld.’ Toen we voor de directeur stonden zei hij echter tot mijn stomme verbazing dat wij niet voor het examen waren geslaagd. ‘Dat kán niet. Ze hebben een vergissing gemaakt,’ dacht ik.

»lk had een bloedende stier moeten spelen. Dat was de ultieme test geweest op basis waarvan ze hadden besloten dat ik niet geschikt was voor de opleiding. ‘Je bent a! te veel misvormd,’ kreeg ik te horen. ‘Het gaat ons te veel tijd kosten om dat te veranderen.’»

HUMO Je ego had een flinke deuk gekregen?

GERT VERHUIST «Ja, voor de eerste keer in mijn leven had ik gefaald. Mijn wereld stortte in want ik wilde niets anders doen. Van pure ellende besloot ik om zo snel mogelijk onder de wapens te gaan, maar ik had al uitstel gevraagd voor het leger en het zou nog anderhalf jaar duren voor ik in dienst kon.

»Toevallig las ik in de krant dat de BRT presentatoren zocht. Ik schreef een brief, waarvan ik achteraf heb gehoord dat ze die hebben weggegooid omdat ik nog maar achttien jaar was. Maar ik ben een volhouder, hé. Ik heb zo vaak naar de BRT gebeld tot ik een uitnodiging kreeg voor een auditie. Ik werd verkozen en kon aan het werk als presentator van ‘Speel op Sport’, een low-budget spelprogramma voor de jeugd. Daarna is de bal gaan rollen.»

HUMO Wat trekt je zo aan in het maken van kinderprogramma’s?

GERT VERHULST «De enorme waardering die je van die kinderen krijgt, hoe ze opgaan in wat je doet.»

HUMO Raak je niet eens dolgedraaid van al die enthousiaste kinderen?

GERT VERHUIST «Nee, ik ben het gewoon. Het zou pas vreemd zijn als ze niet meer zouden meezingen. Voor mij kan de respons niet groot genoeg zijn. Het succes heb ik wel een beetje leren relativeren, maar ik kan ook heel groots denken. Toen we de eerste Samson-cd maakten was ik de enige die dacht: dit wordt de best verkochte aller tijden. Dan zeg je: dat is niet rationeel, dat is zweven. Maar dat is de manier om iets te bereiken, denk ik: je moet ervan uitgaan dat het ‘t grootste en beste wordt dat er ooit gemaakt is. Waarom zou je er anders aan beginnen? Uiteindelijk moet je kunnen vertrouwen op wat je kunt.»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234