‘10 procent van de bevolking kampt met één of andere verslaving, 25 procent is een probleemgebruiker’

afkickenOnze vrouw in de verslavingskliniek

Onze vrouw in de verslavingskliniek: ‘Wie binnenkomt, wordt gefouilleerd tot in de bilspleet. Het is hier erger dan in een gevangenis’

Vanavond wordt de laatste aflevering uitgezonden van ‘Axel gaat binnen’, een reportagereeks waarin Axel Daeseleire zich vijf dagen laat opsluiten op een uitzonderlijke plek. Vandaag laat hij zich opsluiten in een afkickkliniek. Zes jaar geleden bezocht Humo-journaliste Annemié Bulté een verslavingskliniek. Lees hier haar relaas.

(Verschenen in Humo op 11 maart 2014)

Marcus zit hier omdat hij zich bijna doodgedronken heeft. Guy heeft een sport- en seksverslaving. Jan zag zijn tandartspraktijk ten onder gaan aan cokegebruik. Bart heeft het huis van zijn moeder vergokt. Tien procent van de bevolking kampt met één of andere verslaving, en dat aantal neemt alsmaar toe. In de Nederlandse verslavingskliniek SolutionS in Voorthuizen proberen verslaafden uit verschillende disciplines samen af te kicken. Om te kijken hoe ze het ervan afbrengen, mocht ik een week lang vertoeven tussen de cliënten van Voorthuizen. Er waren drie voorwaarden: neem geen waspoeder mee (triggert cokeverslaafden), geen deodorantspray (snuiven alcoholverslaafden op) en draag zéker geen decolleté (doet seksverslaafden onrustig op hun stoel wiebelen).

We zitten in een ruime, gezellige huiskamer, weggezakt in zachte zetels voor het haardvuur. Grote raampartijen waar veel licht binnenvalt, een dieprood tapijt dat de voetstappen dempt, een vergeten schaakbord onder een schemerlamp. Het interieur, dat rust en luxe uitstraalt, doet denken aan een sterrenhotel, maar schijn bedriegt. Nergens klinkt muziek of het gerinkel van een telefoon. Nergens slingeren tijdschriften of kranten rond. Er is geen televisie, geen internet, geen radio. Boeken zijn verboden. Wie in de ontwenningskliniek van SolutionS binnenkomt, wordt volledig afgesneden van de buitenwereld. Het domein is omheind met zware hekken en wordt bewaakt met camera’s. ‘Het is hier erger dan in een gevangenis,’ zucht Karel, seksverslaafd. ‘In de gevangenis heb je tenminste nog televisie en binnengesmokkelde gsm’s. Privacy is hier al even zeldzaam als een fles wodka. Je mag overdag niet naar je kamer, of maar heel even. Als ik een kwartier wegblijf, staat er al een counselor aan de deur te kloppen. Ze houden je elk moment van de dag in het oog. Vanmorgen verscheen er een mooie meid aan het ontbijt. Als ik daar langer dan twee seconden naar kijk, hebben ze dat meteen in de mot.’ De verslavingskliniek SolutionS in Voorthuizen, een plaatsje in de protestantse Bijbelgordel van Midden-Nederland, begon zeven jaar geleden als een soort Nederlandse Betty Ford-kliniek voor de superrijken. Witteboordverslaafden kickten hier af in verschillende disciplines: alcohol, drugs en pillen, seks en sport, gokken, gamen, eten, shoppen. De stichter, Don Schothorst, was ooit een internationaal gevierd reclameman, die zelf met een alcohol- , drugs- en seksverslaving heeft afgerekend. ‘Er wordt meer gedronken in de boardroom dan onder de brug,’ is één van zijn oneliners. Niet toevallig werden de scènes van de Nederlandse serie ‘Gooische vrouwen’ waar-in de alcoholverslaafde Claire van Kampen naar de afkickkliniek moet, hier opgenomen. Schothorst bouwde een netwerk van partnerklinieken uit in Zuid-Afrika, Thailand, Portugal en Italië, en opende ook een kantoor in Antwerpen, voor de Vlaamse verslavingsmarkt. Vandaag zijn de prijzen van SolutionS iets democratischer geworden, en het publiek diverser. Nederlandse cliënten betalen een eigen bijdrage van 5.000 euro, de rest wordt bijgepast door de ziekteverzekering. Belgische cliënten betalen 32.000 euro voor een behandeling van 28 dagen, all inclusive, plus het nazorgtraject in Antwerpen. Tegenwoordig is er ook een formule vanaf 13.900 euro in de partnerkliniek in Zuid-Afrika.

Van coma naar coma

Angelique Marmelstein (66), was één van de allereerste clienten van SolutionS. Ze stelt zich zonder veel pathos voor als ‘alcoholiste, perfectionistische workaholic, met een eetstoornis’.

ANGELIQUE «Dat ik als jong meisje niet meteen zwaar aan de drank ging, had te maken met die andere verslaving: mijn werk. Ik maakte deel uit van de directie van een groot bedrijf, ik werkte tot 100 uren per week en wilde helder blijven, presteren. Pas toen ik na een burn-out op mijn vijftigste thuis ging werken, liep het mis met de drank. Alle remmen gingen los. Drie jaar voor ik naar hier kwam, dronk ik 24 uur per etmaal. Vier, vijf flessen wijn per dag, en dan topte ik het nog af met een fles wodka. Ik werd elke nacht acht tot tien keer wakker omdat mijn lichaam schreeuwde om alcohol, en dan dronk ik.

»De gevolgen bleven niet uit. Ik was een wrak. Mijn geheugen ging niet verder terug dan vijf minuten. Ik wist niet meer wat andere mensen gezegd hadden maar ook niet wat ik zelf vijf minuten eerder had gezegd. Mijn man vond me geregeld bewusteloos in bed, op de grond of beneden aan de trap. Ik leefde van black-out naar black-out, van coma naar coma. Ik had met mijn man de afspraak gemaakt: als je me vindt in een levensbedreigende toestand, dan laat je me maar doodgaan. Ik vind het leven niet leuk meer. De dokter zei: ‘Mevrouw, als u zo doorgaat, zult u kerst niet halen.’ Ik maakte een rondedans: dan hoefde ik me niet meer uit te sloven voor dat kerstdiner en de borrel op Nieuwjaar!

»Toen is er een mirakel gebeurd. Ik kreeg een helder moment van een paar minuten. Ik werd me ineens bewust van iemand naast me die zat te snikken, heel wanhopig. Dat was mijn man. ‘Waarom huil je?’ vroeg ik. Hij antwoordde: ‘Als je zelfs al niet meer bang bent voor de dood, wat moet ik dan nog doen om je te doen ophouden met drinken?’ Dat heeft zo’n ontzettende indruk op me gemaakt dat ik toen besloten heb dat het moest ophouden. Ik kon mijn eigen leven wel vergooien, maar niet dat van mijn man. Op die manier ben ik hier terechtgekomen, nu zes jaar geleden. Sindsdien ben ik clean.»

Tsunami van seksverslaafden

Het programma van SolutionS is gebaseerd op het 12 stappenplan uit het gedachtegoed van de AA (Anonieme Alcoholisten), gecombineerd met (cognitieve) gedragstherapie, lichaamsbeweging en wellness. Eigenlijk komt het neer op een doorgedreven ‘herprogrammeren’ en ‘herconditioneren’ van de ver slaafde: psychisch, lichamelijk en sociaal. De resultaten zijn bemoedigend, al zijn er geen onafhankelijke cijfers. Volgens een studie uitgevoerd in opdracht van de kliniek zelf, zou zestig procent van de cliënten een jaar na de opname nog clean zijn. Dat is spectaculair, in vergelijking met de vijf procent in de reguliere zorg. ‘Tien procent van de bevolking wereldwijd heeft één of andere verslaving,’ zegt verslavingsdeskundige Daan Deenik. ‘En we zien het aantal alsmaar toenemen.’

DAAN DEENIK «Dat heeft onder meer te maken met het internet, dat allerhande verslavingen stimuleert. Seksverslavingen bijvoorbeeld, die enorm onderschat worden. Er komt een tsunami van seksverslaafden op ons af! Eén op de vier zoekopdrachten op het internet heeft te maken met seks. In Amerika is vijf procent van de volwassen bevolking seksverslaafd. De meest voorkomende oorzaak voor keel- en mondkanker in 2012 was er orale seks, méér dus dan alcohol en roken samen.

»Door de toegankelijkheid van internet zien we ook de koopverslavingen toenemen, want de webshops zijn 24 uur op 24 open. Hetzelfde geldt voor gokken en gamen, en sociale media – de nieuwste verslaving.

»De toename van verslavingen heeft ook te maken met de tijdsgeest, die draait rond directe behoeftebevrediging. Alles moet meteen, hier, nu, en snel! Geduldig voor iets sparen, is volledig uit de tijd. We leven ook in een complexe samenleving, waarin jongeren moe-ten beantwoorden aan hoge verwachtingen en veel stress hebben.

»We zien hier vaak mensen met creatieve beroepen, en high achievers, die succesvol zijn en verslaafd geraken aan applaus. Ze willen van de ene high naar de andere leven en willen de dalen ertussen niet meemaken: popartiesten, sporters, mensen in het bedrijfsleven. Er is een enorme stijging van het aantal alcoholverslaafden bij oudere succesvolle vrouwen. Die zeulen niet met een golfkarretje, maar gaan aan de drank. Ze gaan trouwens ook steeds vaker vreemd.

»Jongere vrouwen slaan dan weer massaal aan het gokken. Dat heeft rechtstreeks met de economische crisis te maken: ze proberen wat geld bij te verdienen, vaak stiekem, achter de rug van hun partner. Dat lukt op termijn natuurlijk niet, en dan verliezen ze alles. Gokken is een verslaving die zwaar onderschat wordt, met de hardnekkigheid van een heroïneverslaving en één van de hoogste zelfdodingscijfers. Gokkers zet-ten op de duur hun hele hebben en houden in om nog een kick te krijgen, en gaan ook overal geld lenen. Ze kunnen hun verslaving heel lang verborgen houden, meestal weet zelfs de naaste familie van niets. Op het moment dat alles dreigt uit te komen, is de schade en schande dan ook enorm. Dat is het moment dat ze er een eind aan maken. Het zelfmoordrisico bij gokkers is vier maal groter dan bij mensen met een depressie.

»Een totaal andere aanvliegroute voor verslavingen zijn de mensen met ADHD, Asperger, angst- of stemmingsstoornissen. Iemand met ADHD gaat blowen om rustiger te worden of neemt Ritalin – wat dan weer een opstap kan zijn naar andere middelen.

»We zien hier ook het fenomeen van de ‘nieuwe geldgeneratie’. Ouders die rijk geworden zijn door hard werken en een hard bestaan willen hun kinderen iets beters geven. Ze gooien hen alles in de schoot. Die kinderen worden meer verwend dan ze aankunnen. Dan krijg je situaties zoals die jongen die hier laatst zat: hij was stomdronken gaan rijden met de Bentley van zijn zus en had de Porsche van zijn ouders in de prak gereden.»

Lijken uit de kast

De kliniek zit goed vol, met zo’n vijftig cliënten. Er is Joost, een veertiger wiens alcoholverslaving rechtstreeks verband houdt met de drankslijterij die hij runt. Hij is hier nog maar twee dagen en maakt zich grote zorgen over de lijken die intussen uit de kast zullen vallen bij het familiebedrijf. ‘Ik heb de schijn tot nu toe altijd kunnen ophouden, maar van hieruit zal dat niet meer lukken.’ Er is bouwondernemer Karel (48), die de plaatsing van de mooiste keukens en badkamers in Maastricht combineerde met een destructieve seksverslaving, tot zijn vrouw en drie kinderen hem voor het blok plaatsten: afkicken of het huis uit. Stefanie (62), huisvrouw, vecht al meer dan 40 jaar met een drank- en pillenverslaving, en is hier omdat ze het aan haar man op zijn sterfbed heeft beloofd. Ze trouwde met hem op haar achttiende. ‘Op mijn trouwdag had ik al een fles cognac op voor ik mijn bruidsjurk aantrok. Niemand die iets had gemerkt.’ Zestiger Marcus met zijn warrige Einstein-kapsel, kwam een week geleden op de detoxafdeling binnen met 3 promille alcohol in het bloed en een kapotte lever. Tom is de jongste, 22 pas. Op zijn veertiende proefde hij voor het eerst van cocaïne en raakte meteen verslingerd. Omdat hij geen geld genoeg had om zijn verslaving te betalen, ging hij werken voor dealers, en raakte zo verstrikt in een netwerk van drugs, prostitutie en vrouwenhandel. Vijf zelfmoorden heeft hij in zijn omgeving al gezien, waarvan twee letterlijk voor zijn ogen. ‘Ik heb geprobeerd om ze van die brug af te praten, maar dat is me niet gelukt.’ Kristoff, een jongen van 24, begon te drinken op zijn twaalfde en was de helft van zijn leven beneveld. En Daniël, advocaat met een dronkemansneus, waant zich niet in een kliniek maar in een filmscenario, ‘met al die ongelooflijke levensverhalen!’

Billen Bloot

‘Wie verstopte flessen?’ Vier vingers gaan omhoog – alle alcoholisten in het gezelschap kijken grinnikend naar elkaar. ‘Jij ook?’ ‘Alle alcoholverslaafden verstoppen flessen,’ zegt counselor Caroline. ‘Ik wilde gewoon even kijken of jullie eerlijk zijn.’ Ik bevind me in een kringgesprek met acht verslaafden en een counselor. De jonge twintiger naast me stelt zich voor. ‘Hallo, ik ben Wilfried, alcohol-, hasj- en weedverslaafd.’ Waarop de eenstemmige groep: ‘Hi Wilfried!’ Dit ken ik enkel uit Amerikaanse films, maar hier vindt iedereen het heel gewoon. De sessie van vandaag gaat over stap 1 van het 12 stappen-plan: waarin een verslaafde onder ogen moet zien dat hij machteloos staat tegenover zijn verslaving, en dat hij een puinhoop van zijn leven heeft gemaakt. Dat is voor velen heel moeilijk, want de meesten vinden dat het nogal meevalt met hun eigen verslaving.

KRISTOFF (24) «Je maakt jezelf wijs dat je niet verslaafd bent. Dan dronk ik bijvoorbeeld een hele week niks en leefde ik heel gezond: goed eten, veel sport, genoeg slaap... ‘Zie je wel? Ik kan een hele week zonder, ik heb dus geen drankprobleem!’ Dat verdiende wel een beloning. En dus knalde ik er weer tegenaan, en werd twee dagen later wakker in een andere stad.»

‘Elke verslaafde liegt en bedriegt, manipuleert en marchandeert.’ Counselor Caroline schrijft het op een groot papier, en zal het nog een paar keer als een mantra herhalen. Iedereen in deze kring heeft het herhaaldelijk, bewust en zonder scrupules gedaan: je moeder of je partner in de ogen kijken en staalhard liegen. Je ouders tegen elkaar opzetten. Je partner kleineren. Ontkennen dat je stom-dronken was toen je de kinderen van school ging halen met de auto. Vechten met je vader. Je baas bedriegen. Sjoemelen met geld. Stelen bij vrienden. Zonder een greintje schuldgevoel. ‘Ik voelde gewoon niks meer,’ vertelt Karel, seksverslaafd. Pas nu, in zijn laatste week in de kliniek, komt hij terug iets dichter bij zijn gevoel. ‘Er daalt een soort onverschilligheid op je neer.’ Willem (30), alcohol- en cocaïne-verslaafd, knikt: ‘Het kan je zelfs niet schelen of je dood gaat.’ Wilfried (25), ooit een briljant student, vertelt hoe hij zich steeds meer ging isoleren. ‘Sinds 2010 zijn er zeven mensen bij mij thuis over de vloer geweest. Meestal was ik alleen, tussen stapels lege pizzadozen en dwangbevelen.’ Het kringgesprek is intens. Alle gedachten worden onder een loep uitvergroot, iedereen moet met de billen bloot. Na afloop zien de groepsleden er lichtjes afgepeigerd uit. Marcus is een paar keer bijna weggedommeld. ‘Die counselor had dan ook een heel goeie stem om op weg te dommelen, heel sonoor.’ Het zijn achtentwintig lange dagen, die volgens een strakke structuur en strikte regels verlopen. Je móét om halfzeven op, je móét om halfacht mediteren. Je móét je scheren, je móét drie keer per dag eten, en om elf uur naar bed. Je móét mee op boswandeling én naar de yoga én naar de praatsessies. Kom je te laat, dan word je gestraft en mag je die week niet naar huis bellen. Zo wordt elk moment van de dag voor je uitgestippeld en vastgelegd, van de meditatie ’s morgens vroeg tot de dagafsluiting om negen uur ’s avonds met de ‘Serenity Prayer’. Er zijn ook de Absoluut Verboden Dingen. Verliefd worden is er één van – dat stuurt je dopaminegehalte helemaal in de war. Agressie wordt ook niet getolereerd. Vorige week nog werd een beroepsmilitair met een kort lontje ‘verwijderd’, toen hij een paar keer te hard met de deuren sloeg – de laatste van een reeks incidenten. Roken mag dan weer wel, vreemd genoeg. En roken doen ze bijna allemaal, als ketters. Altijd staat er wel een groepje te dampen op het rookterras.

DEENIK «Als we iedereen zouden verplichten om meteen ook met roken te stoppen, zouden mensen om de verkeerde redenen beslissen om de kliniek te verlaten.»

Combiverslavingen

Velen in de kliniek hebben niet één verslaving, maar twee of drie. Willem, een dertiger, had eerst een alcoholverslaving en nam er daarna de cocaïne bij om het langer vol te houden. Alcohol en benzo’s zijn ook een populaire combinatie: benzodiazepines (slaap- en kalmeermiddelen) maken je weer schijnbaar nuchter – een truc om de familie om de tuin te leiden. Ook een gokverslaving komt zelden alleen, maar gaat vaak samen met coke, speed, alcohol of seks. ‘Uiteindelijk komen alle verslavingen op het-zelfde neer,’ zegt verslavingsdeskundige Deenik.

DEENIK «Je zoekt een middel of een gedrag op dat je in een bepaalde roes brengt. Door de tolerantieopbouw moet je er steeds meer van hebben om dezelfde roes te bereiken, tot je er geen controle meer over hebt en het je leven gaat beheersen. We behandelen alle verslavingen op dezelfde manier: als een ziekte in de hersenen. Het is een stoornis in je beloningscentrum, deels genetisch bepaald, deels gestimuleerd door omgevingsfactoren en frequent gebruik, die er op de duur voor zorgt dat je geen bewuste keuze meer kan maken tussen gebruiken of niet. Alcoholisten kiezen niet tussen drinken of niet, ze móéten gewoon drinken, en ze hebben er alles voor over om bij die drank te kunnen geraken. Voor de familie van een verslaafde is het belangrijk om dat te begrijpen. Want verslaafden beloven zo vaak: ‘morgen stop ik’ – en dan geloven ze dat zelf ook écht. Toch herbeginnen ze telkens opnieuw. Dat is geen kwestie van wilskracht, ze hebben gewoon geen andere keus.»

Dat gebrek aan een bewuste keuze is trouwens het verschil tussen een alcoholicus en een ‘probleemdrinker’.

DEENIK «Een probleemdrinker is nog in staat om rationele afwegingen te maken. ‘Ik moet straks nog werken’ of ‘ik kom in de moeilijkheden’. Bij de alcoholicus zijn de gedachten aan die negatieve gevolgen compleet afwezig. Je brein wordt zo misleid door de verslaving dat het denkt dat het om een kwestie van overleven gaat.

»Vijfentwintig procent van de bevolking – de verslaafden niet meegerekend – is een probleemgebruiker van één of ander middel of gedrag. Voor hen is de vraag: blijft het bij sociaal gebruik, of slaat het over in een verslaving? Een deel van hen zal die oversteek zeker maken.»

The unserved audience

De 28 dagen verlopen volgens een strakke structuur en strikte regels. Je móét om halfzeven op, je móét om halfacht mediteren. Je móét je scheren, je móét drie keer per dag eten, en om elf uur naar bed. Je móét mee op boswandeling én naar de yoga én naar de praatsessies.

Er zitten geen Vlamingen in de kliniek deze week. Maar vorige week was Linda nog hier, een heel leuk mens uit Antwerpen, vertelt Stefanie. ‘We behandelen zo’n 60 tot 80 Vlaamse klanten per jaar,’ zegt Eric Vereecke, directeur van de Antwerpse afdeling van SolutionS. De cliënten sturen we naar één van de klinieken in het buitenland, maar het jaar nazorg – heel belangrijk – gebeurt in Antwerpen.

ERIC VEREECKE «Er is een vergeten doelgroep, een ‘unserved audience’ zeg maar, in Vlaan-deren: die van de meer gegoede mensen die in de reguliere verslavingszorg niet geholpen worden. Ze willen niet herkend worden, ze voelen zich niet thuis tussen de andere clienten, ze vinden de aanpak te kinderachtig... We krijgen hier een hoop mensen die met hun kop in de media komen. Zo’n BV, een burgemeester of politiecommissaris die in een dronken bui bij een ongeval betrokken is, dat komt in de krant. De volgende keer belandt hij in de gracht, en als hij een reeks incidenten opstapelt, komt hij uiteindelijk hier terecht. Omdat hij wéét dat hij zich niet te veel blunders kan permitteren.

»We hebben een chirurg gehad die seksverslaafd was. Hij moest twintig keer per dag masturberen om de spanning uit zijn lijf te krijgen. Het was zo ver gekomen dat hij ook tijdens operaties soms ‘de nood’ voelde en dan even naar het toilet verdween. Dat begon zijn collega’s op te vallen, en die drongen erop aan dat hij naar zijn prostaat zou laten kijken. Toen is hij naar ons gekomen. Die man was doodsbang geworden om door de mand te vallen. In de reguliere zorg wilde hij niet rondlopen, bang om herkend te worden – er lopen op die afdelingen heel wat mensen uit de medische sector rond, ook onder de verslaafden.»

HUMO Zo’n verhaal lijkt te onwaarschijnlijk om waar te zijn. Mensen laten het toch nooit zover komen?

VEREECKE «U zou er versteld van staan hoe mensen met een glansrijke carrière er soms jarenlang in slagen om zo’n dubbelleven vol te houden. Het is de schrik om ontmaskerd te worden die hen vaak doet besluiten om af te kicken. Eén van onze eerste cliënten was de voorzitter van een raad van bestuur van een groot bedrijf. Hij was gescheiden en werkte keihard. Als hij ’s avonds thuiskwam, begon hij cocaïne te snuiven. Dat hielp hem om het vol te houden, zei hij. Elke ochtend trok hij om vijf uur zijn loopschoenen aan en ging joggen. Hij dacht dat hij zijn gebruik op die manier onder controle kon houden. ‘Ik loop de coke eruit,’ zo formuleerde hij het. Op een ochtend zat hij de raad van bestuur voor en deed hij het in zijn broek. Hij was even de controle over zijn sluitspier verloren. Nog dezelfde dag zat hij bij ons in het bureau. Het was net gebeurd, hij was helemaal van de kaart. Een controlefreak die plots besefte dat hij het helemáál niet meer onder controle had.»

Spel zonder grenzen

Vanmiddag is er sport voor de hele groep met Robbert, een boomlange, athletisch gebouwde sportanimator met speelse krullen. Vier jaar geleden was Robbert hier zelf als client. Op zijn zestiende behoorde hij tot de top tien van het jonge tennistalent in Nederland. Hij was één van die vele jonge topsporters die de druk van het succes niet aankon en zijn heil zocht in drugs. ‘Op mijn 29ste lag ik op intensieve zorgen met een overdosis. Ik ben twee keer bijna dood geweest,’ vertelt de sportanimator, blakend van levenslust. Robbert is niet de enige ex-cliënt die na zijn eigen gevecht zelf in de verslavingszorg is gaan werken. De helft van de counselors in Voort-huizen zijn ‘ervaringsdeskundigen’. Dat systeem blijkt goed te werken, want er is niemand die zo goed begrijpt waar een verslaafde doorheen moet als zij. En stropers zijn de beste boswachters: ze hebben het meteen door als een verslaaf-de hen om de tuin probeert te leiden. Het zijn vreemde taferelen op het sportveld achter de kliniek, waar de ene helft van de deelnemers hijgend het veld opstrompelt, klagend over een belabberde conditie en allerlei kwaaltjes. De andere helft van de sporters lijkt dan weer overdreven actief en beweeglijk. Ze voetballen en basketten alsof hun leven ervan afhangt. De architect (alcohol), de wiskundeleraar (gokken) en de bedrijfsleider (coke) zetten meteen een spurtje in. ‘We zien hier soms op een paar dagen tijd een maniakale competitiedrang ontstaan,’ vertelt Robbert. ‘Verslaafden zijn mateloos in alles. Heel vaak zien we dat afkickende drugs- en alcoholverslaafden obsessief beginnen te sporten. Dan fluiten we ze terug, want ze zetten gewoon de ene verslaving verder in de andere.’ Mateloosheid is het sleutel-woord. Het zorgt ervoor dat een alcohoverslaafde die afkickt plots maniakaal aan de chocolade gaat, of dat een gokverslaafde die zijn best doet om uit de casino’s weg te blijven een seksverslaving ontwikkelt. Een klassieker is de eetverslaafde die zijn maag laat verkleinen met een gastric bypass, en ver-volgens transformeert tot alcoholicus. Zoals Emmeke (35), die aan haar derde week in de kliniek begint.

EMMEKE «Je bent blij dat je afvalt, maar je wordt niet plots gelukkig of zo. Je zorgen zijn niet ineens verdwenen. Ik had nog altijd iets nodig om de stress van me af te houden. Eten ging niet meer, dus begon ik te drinken. Tot ik er letterlijk bij neerviel.»

Vier toetjes

Etenstijd: voor de counselors misschien wel het belangrijk-te moment van de dag om het gedrag van hun cliënten te observeren terwijl die aan het buffet (veel vis en groenten) aanschuiven en zichzelf bedienen. Aïda, een fijn, beweeglijk ding met een cokeverslaving, schept haar bord steeds voller, neemt yoghurt en een banaan, en ook nog eens zes sneetjes brood. ‘Voor de zekerheid.’ Dat doen cokeverslaafden: een voorraadje aanleggen, altijd doodsbenauwd dat ze zonder zullen vallen. Rudy, 73 jaar en alcoholicus, eet bijna niks, maar neemt iedere middag zes glazen melk. ‘Het enige wat hier te zuipen is,’ zegt hij met een knipoog. ‘En jij,’ wijst hij naar Joost, ‘jij had gisteren vier toetjes, toch?’ Joost lacht betrapt. ‘Ik eet me hier klem, joh.’ Koffie wordt hier met slo-ten verzet. Mensen drinken tot dertig kopjes per dag. Daarom is het cafeïnegehalte van de koffie in de eetzaal de helft minder dan normaal. In de huiskamer is de koffie zelfs helemaal cafeïnevrij. ‘Dat moet, als we willen vermijden dat mensen hier ’s nachts met opengesperde ogen door de gangen stuiteren,’ zegt counselor Caroline, die hier ooit zelf zat voor haar koopverslaving. Voor de eetverslaafden is de eetzaal lastig terrein. Zij eten meestal aan een aparte tafel, onder toezicht van een diëtiste. ‘Ik zal je besparen wat voor gedachten er door me heen gaan terwijl ik aan dat buffet sta aan te schuiven,’ zucht Hanne. ‘Ik kan je wel vertellen dat ik de croissants níét leuk vind.’ Croissants zijn Hannes achilleshiel. ‘Als ik er één eet, stop ik niet meer. Dat is net hetzelfde als een lijntje leggen voor een cokeverslaafde.’ Na het eten sloft Hanne naar de gang. ‘Hanne, voeten optillen!’ roept een counselor. – ‘Oh, sorry!’

DEENIK «Dat schuifelen doen eetverslaafden vaak, omdat dat meer wrijving onder hun voeten geeft en ze zo meer calorieën verbranden (lacht). Ze zijn zo slim! Je ziet ze hier soms ook de trap op- en afrennen, of ze slapen met de ramen open. Of dan zijn ze weer iets vergeten op de kamer, zodat ze nog gauw een spurtje heen en weer kunnen doen. Dat heet drooggebruik. De mechanismes van het oude verslavingsgedrag zitten er zo ingesleten. Daarom is het zo belangrijk dat het hoofd volledig wordt leeggemaakt.

»Ze doen het allemaal, hoor. Een huisregel is bijvoorbeeld dat je niet met je voeten op de bank mag. Een gokverslaafde legt met opzet zijn voeten op de bank en gokt welke counselor er het eerst iets van zal ze-gen. Bij de alcoholisten zijn het de war stories: ‘Die kroegentocht in Maastricht! Wat hebben we daar toen niet verzet!’ Of ze bieden tegen elkaar op: ‘Ik dronk vier flessen op een voor-middag.’ – ‘Vier maar? Ik zes!’ Soms zie je het water letterlijk uit hun mond lopen.»

Alle remmen los

Er zijn twee soorten verslaaf-den: zij die méér willen voelen (een kick, een adrenalineboost, het gevoel dat je in het middelpunt van het universum staat) en zij die minder willen voelen (stress, een minderwaardigheidsgevoel, de angst om oud en eenzaam te worden). 

HUMO Hoe word je eigenlijk verslaafd? Waarom kan de ene mens elke dag drinken zonder er last van te hebben en hangt een ander er al aan vast van bij het eerste glas?

DEENIK «Of je gevoelig bent voor verslavingen of juist helemaal niet, is deels genetisch bepaald. Er treedt een verandering op in de werking van het beloningscentrum van je brein, door een constante overprikkeling van de stof dopamine. Dit stofje is belangrijk voor onze overleving en motiveert ons gedrag. Het geeft ons een prettig gevoel.

»Alcohol en drugs kunnen het beloningscentrum op een krachtige manier prikkelen, omdat ze ervoor zorgen dat er dopamine wordt afgegeven, die wordt opgevangen door de zogenaamde dopamine-receptoren. Maar sommige mensen worden geboren met een tekort aan die dopamine-receptoren, waardoor ze veel minder van het leven kunnen genieten. Ze halen weinig plezier uit dagelijkse dingen, omdat ze veel meer dopamine nodig hebben dan een ander om hetzelfde goede gevoel te hebben. Het zijn bijvoorbeeld de thrillseekers, die pas iets voelen als ze met een parachute uit een vliegtuig springen. Als zulke mensen voor het eerst cocaïne gebruiken, voelt dat aan als thuiskomen.»

Een andere hersenstof die belangrijk is voor verslavingen is serotonine, dat ons helpt om met stress om te gaan en tegelijk functioneert als een soort remvloeistof: het vertelt ons wanneer we genoeg gege­ten en gedronken hebben, of wanneer we genoeg geld uit­gegeven hebben. Verslaafden hebben een te laag serotonine­gehalte in de hersenen, waar­door ze altijd maar meer wil­len. Genoeg is nooit genoeg. Te weinig serotonine leidt ook tot een versterkte stressreactie of angstgevoelens. Daardoor heb­ben sommige mensen meer be­hoefte aan verdovende midde­len om stress te bestrijden dan andere mensen.

DEENIK «Het gen dat het sero­toninegehalte in de hersenen reguleert, is bij sommige men­sen defect. Dat kan aangebo­ren zijn, maar ook stressfacto­ren in de puberteit, wanneer de hersenen volop in ontwikkeling zijn, kunnen de aanmaak van serotonine verstoren. Daar­om zijn mensen met trauma­tische ervaringen in hun jeugd – slachtoffers van seksueel mis­bruik bijvoorbeeld – doorgaans gevoeliger voor verslavingen. De interne rem is stuk.

»Veertig procent van onze cli­enten hebben trauma’s mee­gemaakt in hun jeugd. Ve­len hebben een laag zelfbeeld. Het duidelijkst zie je dat bij de mensen met eetstoornissen. We krijgen ook nogal wat mili­tairen binnen met posttrauma­tische stress (PTSD), die in een oorlogsgebied hebben gezeten. Als ze thuiskomen, kunnen ze niet tegen die voor hen prikkel­arme omgeving en zoeken ze de thrill zelf op, met drugs en drank.

»Let op, de andere zestig procent van de cliënten hier heeft géén trauma opgelo­pen. Don Schothorst, de op­richter van SolutionS, was bij­voorbeeld alleen maar sociaal geremd. Maar als hij een pint­je dronk, liep hij plots vooraan. Dat gevoel vond hij zo heerlijk dat hij het niet meer wilde los­laten.»

HUMO Er bestaat dus zoiets als een aangeboren talent voor verslaving. Ben je dan meteen ook een vogel voor de kat?

DEENIK «Niet automatisch. Je kan er de aanleg voor heb­ben, maar er moet ook een ‘besmetting’ plaatsvinden, en dat hangt af van je omgeving. Vloeide de drank thuis rijke­lijk of stopte je moeder je van kleins af vol pillen? Dan is de kans groter dat je naar dat mid­del zal blijven grijpen. Je bent ook niet meteen verslaafd. Dat word je door toenemend en frequent gebruik, waardoor je een tolerantie opbouwt, ver­oorzaakt door de afname van dopamine receptoren, en je hersenen naar steeds meer beginnen te verlangen. 

»Je bent verslaafd op het moment dat je niet meer nor­maal kan functioneren door je compulsieve gebruik. Eens de ziekte zich openbaart, glijd je naar beneden en is de terug­weg heel moeilijk. Verslaving is een ziekte van verlies: je verliest de controle, je sociale contacten, je werk, je partner, je huis.»

Slotsymfonie

Joost, alcoholverslaafd, is hier nu een week. Doodmoe sleept hij zich door de dag. ‘Vannacht heb ik geen oog dichtgedaan, de hele tijd op de pot gezeten. Diarree. Mijn darmen kunnen blijkbaar geen gewoon voed­sel meer aan. Ik at vroeger vaak dagenlang niets.’ Een week ge­leden kwam Joost op de de­toxafdeling aan met 2.4 alco­holpromille in het bloed.

JOOST «Ik had ook weer vier da­gen niks gegeten, maar wel een drankfestijn gehouden. Het laatste feest. Ik vind het een beangstigende gedachte dat ik nooit meer zal kunnen drin­ken. Ik ben bang dat het leven zo saai zal zijn.»

‘De slotsymfonie’, noemen de verplegers op de detox­afdeling het. Ze zien het zo vaak gebeuren. De vuilnisbak voor de ingangspoort puilt soms uit van de lege flessen. ‘Ze klok­ken nog snel een liter binnen voor ze binnengaan. Voor hen is het echt afscheid nemen van een vriend,’ zegt een verpleger. ‘Wanneer ze hier straks buiten­gaan, is de bar voor altijd dicht.’ Wie opgenomen wordt, moet eerst langs de ‘douane’. Cliënten proberen weleens drugs of medicijnen naar bin­nen te smokkelen. Laatst was er een dame met een pillenver­slaving die overal haar teddy­beer mee naartoe sleurde – het beertje zat tjokvol pillen, bleek later. Deodorantsprays zijn verboden, omdat er alco­hol in zit. Dat wordt soms wel­eens door een wanhopige al­coholicus opgedronken.

JOOST «Je wordt helemaal ge­fouilleerd, tot in je bilspleet en onder je voetzolen. Je koffer wordt doorzocht, alle zomen en kragen worden afgetast. Best vernederend. Maar goed, je weet het wel op voorhand. Voor mij was de detox zelf veel lastiger. Zweten en trillen! Ik kon geen bekertje meer vast­houden zonder de hele inhoud te morsen.»

Van ‘craving’ of ‘zucht’ heeft Joost nog niet veel last gehad.

JOOST «Bij alcohol komt het pas in de tweede of de derde week, zeggen ze hier. Maar ik loop wel heel moeilijk. Dat is mijn jicht die opspeelt – ook een gevolg van de drank. Bij elke stap voel ik een pijnscheut.»

Emmeke heeft wél last van craving. ‘Gisteren was één van de koks de deur van de keuken vergeten te sluiten, en hoorde ik muziek op de radio. Ik kreeg op slag zin in een slok.’ Achten­twintig dagen afgesneden van de buitenwereld: het lijkt wel een eeuwigheid. ‘Het treurige is dat je beseft dat de wereld daarbuiten gewoon doordraait zonder jou,’ zegt Emmeke. Van­nacht droomde ze dat ze dronk. 

EMMEKE «Ik liep recht af op een enorme koelkast, haalde er een fles koele witte wijn uit, schonk mezelf een glas uit. Toen ik dronk, raakte ik op slag in pa­niek: ‘Oh nee! Ik mag niet!’»

Ook Tom, cokeverslaafd, heeft het zichtbaar moeilijk. ‘Ik slaap heel erg slecht,’ zucht hij. Alles wat wit is en neigt naar poeder doet hem denken aan coke. (Vandaar dat waspoeder ook een verboden product is in de kliniek. En de oliebollen met oud en nieuw werden heel be­wust zonder bloemsuiker ge­serveerd.) Hij ziet erg bleek en heeft kurkdroge lippen. ‘Het trillen is nu onder controle, da’s al iets. Maar elke seconde denk ik eraan om naar huis te gaan.’ Als het écht lastig wordt, denkt Tom aan de 5.000 euro die hij heeft moeten betalen om hier te zitten. En hij telt af: ‘Ik zit hier nu 5 dagen. Nog 22 dagen en 6 uur.’

SolutionS België, Venusstraat 12­14, 2000 Antwerpen 03/808.05.94 info@addiction­solutions.be

De namen van cliënten en bepaalde omstandigheden zijn gewijzigd omwille van de privacy.

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234