Beeld AP

REPORTAGE9 jaar na de ramp

Terug naar Fukushima: 'Onze auto's worden vernield, onze kinderen gepest en mijn eigen schoonzus wimpelde me af'

Op 11 maart is het negen jaar geleden dat het Japanse Fukushima werd getroffen door een driedubbele ramp: een aardbeving, een tsunami en een kernsmelting. Humo zocht enkele omwonenden op.

(Verschenen in Humo 4044 op 3 maart in 2018)

De herdenking van de ramp in Fukushima is anders geladen dan voorgaande jaren, nu de Japanse autoriteiten stilaan stoppen met het uitbetalen van schadevergoedingen en huursubsidies. Voor alle dorpen die binnen een grens van 20 kilometer rond de kerncentrale in Fukushima liggen – de evacuatiezone – was daags na de kernramp een evacuatiebevel van kracht. Dat is nu gedeeltelijk ingetrokken, waardoor terugkeren een optie is. De Japanse regering wil het getroffen gebied opnieuw tot leven brengen: een zegen voor sommigen, een vloek voor anderen.


KEIKO OWADA: ‘BOZE BUREN’

‘Ik wil helemaal niet terug!’ zegt Keiko Owada (65). ‘Mijn leven speelt zich vandaag in Tokio af. Maar nu mijn huursubsidie wordt stopgezet, zie ik geen andere optie dan terug te keren naar Naraha, het dorp waar ik woonde voor de ramp.’

We spreken Owada in een koffiezaak in hartje Tokio. Het mondkapje gaat af, en Owada tovert een stralende glimlach tevoorschijn.

OWADA «Ik sta positief in het leven, ik ben een optimist. Al zijn er ook die nooit echt over de ramp heen zijn gekomen.»

In de rest van Japan is de ramp allang vergeten, maar voor een evacué als Owada is het leed nog niet voorbij.

HUMO Wat kunt u zich nog herinneren van 11 maart 2011?

KEIKO OWADA «Ik was op het werk. Het was een prachtige dag: de hemel was helderblauw en de zon scheen. Toch werd het ineens donker en begon het gebouw te schudden. Nooit eerder had ik zo’n hevige aardbeving meegemaakt. Mijn baas beval me naar buiten te gaan. Daar stond ik dan, in weinig meer dan een broek en een dun truitje. Het was nog winter. Ik ging nog snel terug naar binnen voor mijn jas, en reed naar huis. Normaal is dat een ritje van tien minuten, nu deed ik er dertig minuten over. De wegen waren zo goed als verwoest. Ik had het geluk dat er mij niets overkwam, maar onderweg zag ik dood en verderf.»

HUMO De tsunami slokte uw dorp Naraha niet op, in tegenstelling tot andere dorpen aan de Japanse oostkust, die volledig van de kaart zijn geveegd.

OWADA (wijst op haar smartphone) «Kijk, mijn huis ligt niet ver van de kust, maar gelukkig raakte de tsunami zo ver niet. Toch zijn er ook in Naraha mensen overleden door de vloedgolf, op weg naar hun werk bijvoorbeeld.

»Er waren twee grote golven. De eerste was niet sterk genoeg om onze huizen te vernietigen. Hulpverleners waren snel ter plaatse en riepen op om naar hooggelegen plekken te vluchten. Toen kwam de tweede golf... Ze was reusachtig, en heeft veel huizen vernield.»

HUMO Op 13 maart moest u uw dorp Naraha halsoverkop verlaten, nadat een noodbevel was afgekondigd voor dorpen die binnen een straal van 20 kilometer rond de kerncentrale lagen. Hoe verliep die evacuatie?

OWADA «We verbleven een aantal dagen in een basisschool, die als noodopvang moest dienen. Na enkele dagen vertrok ik naar Tokio, met mijn man en twee kinderen. Ons derde kind woonde al in Tokio, dus daar hebben we in de weken na de ramp overnacht. Er waren in eerste instantie zeshonderd huizen in Tokio beschikbaar voor evacués uit Fukushima, en binnen de maand kregen we ons eigen huis.»

HUMO In de jaren die volgden zouden vluchtelingen uit Fukushima veelvuldig gediscrimineerd worden. Kunt u daarover meepraten?

OWADA «Ik ben nooit anders behandeld. (Denkt) Nu ja, sommige mensen uit Fukushima moesten het wel ontgelden. Soms werden auto’s met nummerplaten uit Fukushima vernield. Ik parkeerde mijn auto soms in een hoekje van een parkeergarage, om te voorkomen dat mensen hem zouden vernielen.

»Onze buren begroetten ons nooit, omdat ze wisten dat we uit Fukushima kwamen en compensatie kregen. We betalen niet voor ons huis en verblijven hier gratis. Misschien was dat afgunst, of onbegrip?

»Veel Japanners vroegen zich na verloop van tijd af wat die evacués in hun stad deden, en waarom ze geld kregen van de overheid.

»Een groot aantal slachtoffers verhuisde van Fukushima naar een stadje nét buiten de evacuatiezone, Iwaki. Dankzij compensatieregelingen met TEPCO, de exploitant van de kerncentrale, waren deze mensen financieel in staat om huizen te bouwen. De oorspronkelijke bewoners van Iwaki hadden in sommige gevallen ook alles verloren, maar zij kregen geen compensatie van TEPCO. Dat zorgt voor scheve gezichten, natuurlijk.»

HUMO Nu de overheid niet langer voor uw huisvesting betaalt, keert u terug naar Fukushima. Zou u anders in Tokio blijven?

OWADA «Ja. Ik ben inmiddels gewend aan het leven in Tokio, en zou graag blijven. Het leven is hier nu eenmaal gemakkelijker. In Naraha is geen ziekenhuis of supermarkt. Blijkbaar zijn er niet voldoende mensen in het gebied om die infrastructuur te organiseren.

»Ik heb ook geen huis meer in Naraha: dat is allang gesloopt. We zullen een nieuw huis krijgen, speciaal voor ons gebouwd door de gemeente. Daar zal ik vanaf volgende week gaan wonen met mijn echtgenoot. Mijn oudste zoon woont in een nabijgelegen stad, mijn twee andere zoons blijven in Tokio.»

HUMO Keerde u in de tussentijd al eens terug naar Naraha?

OWADA «Twee jaar geleden werd het veilig geacht om er terug te keren. Ik ben er intussen al een paar keer geweest. Ik heb een groot rijstveld en een groentetuin. Ik moest terug om pesticiden over mijn land te strooien, zodat we later nog groenten kunnen telen. We waren altijd zelfvoorzienend met de groentetuin en het rijstveld. Ik had twee banen: een kantoorbaan voor een bedrijf dat badkamers verkocht, en in het weekend werkte ik op het land. »

HUMO Kreeg u de kans om uw persoonlijke bezittingen mee te nemen, na de ramp?

OWADA «De eerste keer dat ik terugkeerde naar mijn dorp was in juni 2011, drie maanden na de ramp. We droegen beschermende kleding en hadden slechts een uur. (Geëmotioneerd) We kregen een kleine plastic tas voor persoonlijke bezittingen, veel te klein voor ons gezin. We konden maar weinig meenemen. Gelukkig was er niets gestolen. Maar overal lagen uitwerpselen van dieren, het was smerig. Overal ratten en ongedierte, het was geen prettig gezicht.»

HUMO Wat is er nog over van het dorp dat u in 2011 verliet?

OWADA «Veel mensen hebben verderop, in de grote stad, hun leven opnieuw opgebouwd. Vroeger waren er veel evenementen voor de lokale bevolking. De voordeur hoefde niet op slot, het was er veilig. Nu wonen er vooral onbekenden. Voornamelijk buitenlanders, die naar Naraha zijn gekomen om te werken: ze maken de besmette huizen schoon. Van de gemeenschapszin blijft weinig over.»

HUMO De autoriteiten zeggen dat het veilig is om terug te keren. Gelooft u hen?

OWADA «Eerlijk? Het baart me zorgen. Mijn huis en onze buurt zijn schoongemaakt, maar de omringende natuurgebieden niet. Hoe kan ik zeker weten dat ik niet besmet raak, als de omgeving niet volledig wordt schoongemaakt?»

HUMO Zijn er aspecten van het leven in Fukushima die u mist?

OWADA «Ik mis de natuur en de uitgestrekte landschappen, de lucht en de sfeer, de warme temperatuur. Fukushima en Tokio zijn elkaars tegenpolen. Ik kan niet wachten om weer mijn eigen groenten en fruit te eten.»

'Mijn vriendin had een boerderij met tien koeien. Toen ze terug naar huis kon, waren er al zeven verhongerd. Hun kadavers lagen gericht naar het pad dat ze altijd nam om hen te voeren’

AKIKO KAMATA : ‘EVEN IN DE HEL’

Er zijn ook mensen die niet terugkeren, bijvoorbeeld Akiko Kamata (66). We ontmoeten de kleine Japanse in een café vlak onder een brug waar zo nu en dan een kogeltrein over raast.

HUMO Wat kunt u zich voor de geest halen van die gitzwarte 11de maart?

AKIKO KAMATA «Ik werkte in de naschoolse opvang in mijn dorp Odaka. Rond kwart voor drie ’s middags maakte ik wat snacks klaar voor de kinderen. Plots ging het alarm af, het was de eerste keer in mijn leven dat ik het hoorde. Ik was verrast, maar vooral bang. De aardbeving moet drie minuten hebben geduurd, maar het leek wel eeuwen te duren. Om tien voor drie liep ik naar buiten. Aan de overkant van de weg stonden de kindjes, ze huilden en gilden, het leek alsof ik even in de hel was.

»Mijn huis lag op ongeveer 10 kilometer van de kust. Vóór de ramp kon ik de zee niet zien vanuit mijn woning, na de tsunami plots wel. Ik zag hoe de vloedgolf alles op zijn weg meesleurde. Het was beangstigend. Mijn huis bleef oké, maar in andere gebieden was alles verwoest.»

HUMO Hoe was de tijdelijke opvang?

KAMATA «We hadden een eigen kamer in de noodopvang, dat was aangenaam. Maar het was er ook koud, er was nauwelijks verwarming. Ik zal niet snel vergeten hoe ik er voor het eerst in tien dagen een bad mocht nemen.

»Er was weinig te eten, dat was zwaar. Iedere dag slechts een rijstbal met wat sesamzaad. Verder niks, geen groenten of fruit. (Begint te huilen) Op een dag mocht ik langs huis om een doosje kabeljauw op te halen. Ik heb het gedeeld met de andere evacués. Vis had nog nooit zo lekker gesmaakt. In het doosje zat een kaart van de fabrikant die uitnodigde om feedback te geven. Ik schreef dat het de lekkerste kabeljauw was die ik ooit had gegeten. Als reactie kregen we drie dozen met kabeljauw en snoepgoed van het visbedrijf. Dat raakte mij enorm.»

HUMO Hoe heeft u het leven als vluchteling ervaren?

KAMATA «Ik had het geluk dat mijn echtgenoot bij me bleef, maar er zijn talloze mensen die zijn gescheiden na de ramp. De ramp sneed als een mes door families en gemeenschappen. Zowel fysiek als mentaal raakte men van elkaar verwijderd.

»Ik ken een vrouw die net als ik neerstreek in Chiba, nabij Tokio. Haar man woont in Fukushima, en hij wil dat zij ook terugkeert. Maar zij wil niet terug, en denkt eraan om van hem te scheiden. Ze wil haar kind niet blootstellen aan straling. Bovendien gaat het kind hier al jaren naar school. Ze zijn gewend geraakt aan dit leven.

»(Met gebroken stem) Ik zie mijn vrienden uit Fukushima niet zo vaak als ik zou willen. De gemeenschap is in stukjes verbrokkeld. We bellen wel, en met nieuwjaar sturen we elkaar een kaartje. Maar iedere keer als ik ze terugzie, huil ik. Alleen al de gedachte dat ik vijf uur in de trein moet zitten om de mensen die me dierbaar zijn te kunnen zien.»

HUMO Toch besloot u niet terug te keren naar Fukushima.

KAMATA «Ik kan me geen leven zonder Fukushima voorstellen. Maar mijn man had al gezondheidsproblemen, en die zijn door de evacuatie alleen maar verslechterd. Zijn zenuwstelsel is aangetast, waardoor hij nauwelijks nog controle heeft over zijn lichaam. Ik zorg voor hem, en dat lukt beter hier. Ik weet niet of nog een keer verhuizen hem goed zal doen.»

HUMO Hoe was het om elders een leven op te bouwen?

KAMATA «Ik werd goed opgevangen in Chiba, de mensen waren over het algemeen vriendelijk. Toch merkte ik dat men ook argwanend was. Toen ik de regionale overheid om financiële steun vroeg, was het antwoord: ‘Neen, mensen in Chiba zijn ook slachtoffer van de aardbeving.’»

HUMO Kreeg u te maken met discriminatie?

KAMATA «Na de ramp wilde ik vluchten naar mijn familie in Chiba. Maar aan de telefoon zei mijn schoonzus doodleuk dat ik maar beter niet naar hen moest komen. ‘Je bent besmet.’ Tja, dat is dan familie... Ik was diep geschokt toen ze ons zo afwimpelde. Maar in Fukushima blijven kon simpelweg niet, dus is het uiteindelijk toch Chiba geworden, omdat onze twee dochters er al woonden.

»Er is veel verkeerde informatie verspreid in de nasleep van de ramp. Dat mijn schoonzus zegt dat ik radioactief besmet ben, is daar een gevolg van. Kinderen van evacués worden gepest om hun afkomst. De mensen denken écht dat ze radioactief besmet zijn.

»Ik ben trots op mijn afkomst, op Fukushima. Maar toen ik net in Chiba was, verborg ik die trots nog, uit angst om geviseerd te worden. Ik hield rekening met nare reacties. Maar die bleven gelukkig uit. Ik wil voortaan speechen over de problematiek, over wat ik voelde en zag.»

HUMO U kreeg steun van de overheid en van de exploitant van de kerncentrale, TEPCO.

KAMATA « Je kon kiezen tussen een vergoeding van de staat of van TEPCO. Wij kozen TEPCO, omdat het meer opleverde: 85.000 yen (650 euro, red.) per maand. Onze huishuur hier bedroeg 105.000 yen, we moesten dus nog opleggen. Gelukkig betaalde TEPCO ook een eenmalige schadevergoeding voor het psychische leed. Mijn man en ik ontvingen samen 14 miljoen yen (106.000 euro, red.)»

HUMO Een groep van 318 mensen uit uw dorp Odaka heeft een rechtszaak aangespannen tegen TEPCO en is in het gelijk gesteld. Ze kregen bijna 8 miljoen euro, om te verdelen over 318 mensen.

KAMATA «Er zijn duizenden gedupeerden in Fukushima. Er zijn wel meer van dit soort rechtszaken aangespannen. Als ik me had aangesloten bij deze groep, had ik er een mooi bedrag aan overgehouden, maar helaas.

»Er is nog een verhaal dat ik je niet wil onthouden. (Pakt een zakdoek en veegt een traan weg) Een vriendin van mij had in ons dorp een boerderij, met tien koeien. Ook zij was gevlucht naar Chiba, en kon in de tussentijd niet terug naar Fukushima om de koeien te voeren. Toen zij voor het eerst terugkeerde, waren er nog maar drie koeien in leven. De anderen waren uitgehongerd en hun kadavers lagen met hun voorzijde gericht naar een pad dat zij gewoonlijk nam om de koeien te voeren. Hartverscheurend.»


KIYOSUKE SHIMAO: ‘EENZAAM STERVEN’

Een derde categorie vluchtelingen verkoos opvang in de regio, en bleef in het departement Fukushima, zoals Kiyosuke Shimao (71). De ramp bezorgde hem slapeloze nachten: waarom ik, dacht hij. ‘Ik had een leeftijd bereikt waarvan ik dacht, nu kan ik het rustig aan doen. Dat ik plots in deze situatie belandde, was moeilijk te verkroppen.’

HUMO Een flink aantal inwoners besloot het leven elders voort te zetten. U bleef in de regio.

KIYOSUKE SHIMAO «Mijn werk is hier. Mijn huis is niet verwoest door de tsunami. Dus alleen de besmetting van mijn dorp was een probleem. Ik wist direct: ooit keer ik terug naar mijn dorp. Ik prijs mijzelf een gelukkig man, want mijn vrouw en kinderen steunden mij. Ze lieten zich niet verjagen door deze ramp.»

HUMO De ramp heeft families uit elkaar gedreven, vooral jonge gezinnen.

SHIMAO «Ik ken de verhalen, die zijn niet op één hand te tellen.

»Moeders denken vooral aan de gezondheid van hun kinderen, vaders willen hun rol als kostwinner blijven vervullen. Maar vlak na de ramp waren die twee functies niet met elkaar te verenigen. Een vriend van mij bleef in Fukushima, en vroeg zijn vrouw bij hem te komen wonen. Ze weigerde, en vroeg een scheiding aan. En zulke gevallen zijn er in overvloed, helaas.»

HUMO U vluchtte naar een gebied buiten de evacuatiezone, maar nog altijd dicht in de buurt van de kerncentrale.

SHIMAO «Ik heb me niet zoveel zorgen gemaakt… (Stilte) Omdat ik wist dat ik uiteindelijk zou willen terugkeren naar mijn dorp Odaka.»

HUMO U hecht veel waarde aan uw dorp en de gemeenschap. Het moet niet makkelijk zijn geweest om in het opvangcentrum te wonen.

SHIMAO «Ik heb er inderdaad mee geworsteld. Telkens vroeg ik mezelf: ‘Waarom moet ik dit op deze leeftijd nog meemaken?’ Net toen ik dacht met pensioen te gaan en te genieten van een rustig leventje kreeg ik, boem, dit voor de kiezen. Dat was moeilijk te slikken. Traumatisch, zelfs. Gelukkig waren in het opvangcentrum veel vrijwilligers die mentale steun boden. Mensen uit het hele land kwamen naar ons om ons te steunen, heel mooi.»

HUMO Het lijkt u te hebben geholpen. Veel vluchtelingen hebben psychische zorgen, zelfmoord is een groot probleem in de gemeenschap. Heeft u dat gemerkt tijdens uw verblijf in de noodopvang?

SHIMAO «Ik heb mensen gezien die eenzaam stierven. Eén man kwam nooit zijn kamer uit. Hij deed niks, had ook niks om voor te leven. Ja, de fles misschien. Hij was een gevangene van zijn eigen kluizenaarsbestaan. Alcohol heeft hem uiteindelijk genekt. Ironisch, is het niet? Dat mensen die om psychische hulp vragen vaak sowieso al wat makkelijker praten. De mensen die niet kwamen opdagen, díé hadden juist hulp nodig.»

HUMO Hoe kijkt u tegen de mensen aan die het gebied voorgoed hebben verlaten?

SHIMAO «Je moet het grotere geheel zien: de ramp in Fukushima is een slepende kwestie. Het schoonmaken van de regio, en de kernreactoren in het bijzonder, zal nog lang duren. Sommigen wanen zich in de herstelfase, maar de ramp is nog gaande.»

HUMO Vindt u dat TEPCO en de regering u voldoende hebben gecompenseerd?

SHIMAO «Ik vind het ongemakkelijk om over geld te praten, maar ikzelf heb alles gekregen waarvoor ik in aanmerking kwam. Ik heb geen cent meer proberen los te krijgen. Belangrijker is dat het goed gaat met mij en mijn familie, en dat ik een visrestaurant ben gestart (lacht). Mijn zoon is de manager, dus ik werk samen met familie. Mooi, toch?»

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234