Jan in boxcar

de hobo's

Treinzwervers Jan Hertoghs en Stephan Vanfleteren (2): op een doodlopend spoor

Jan in boxcarBeeld Stephan Vanfleteren

‘Een onvergetelijke treintrip. Met een ongelooflijke mengeling van gevaar, romantiek en avontuur. Nog altijd één van de meest bijzondere reizen in mijn leven,’ zo zegt fotograaf Stephan Vanfleteren over de tocht die hij in 1996 met journalist Jan Hertoghs maakte. Net als andere ‘hobo’s’ sprongen ze op rijdende goederentreinen en reisden ze, verstopt in wagons, vierduizend kilometer dwars door de Verenigde Staten. Hun indringende reisverslag getuigt van de rauwe eigenzinnige levensstijl van de Amerikaanse hobo’s. Vanfleteren ontving voor de foto’s de eerste plaats in de categorie ‘Daily Life’ van World Press Photo. Naar aanleiding van zijn foto-expo ‘Present’ in het FOMU in Antwerpen, brengt Humo de komende weken de serie opnieuw, inclusief nooit eerder gepubliceerde foto’s. 

Jan in boxcarBeeld Stephan Vanfleteren

LEES OOK HET EERSTE DEEL: 4.000 KILOMETER DOOR AMERIKA

Na geen uur rijden schuift de trein in een zijspoor. Niks aan de hand, zegt Fred, hij moet gewoon een andere trein laten voorbijgaan. Maar dan gebeurt er iets dat Fred in twintig jaar nog maar drie keer heeft meegemaakt. Er klinkt een geluid dat op ontkoppelen lijkt, de lucht ontsnapt met een harde plof uit de remleidingen en de drie koplocomotieven rijden weg van de trein!

Vijf minuten geleden stonden we nog te dansen in onze gondola en nu staan we stil, fuckin’ full stopVerderop komt een vierde verstekeling op de rails staan. Fred herkent hem meteen,‘Tall Man!’ Hij is het prototype van de oudere hobo-treinzwerver: op het eerste gezicht ziet-ie eruit als een dakloze, verrimpeld gezicht, stoppelbaard, en vettige rouwnagels, maar op broek en schoenen draagt hij onmiskenbaar de roetsporen van de trein. Hij sleept ook geen stoet vuilniszakken met bagage achter zich aan, maar slechts één bundel van slaapzak en regenzeil, met een touw om de schouder. De nomade die kwiek kan inpakken en wegwezen.

Tall ManBeeld Stephan Vanfleteren

Tall Man rolt een sigaret met zijn bruine tabakvingers en naar zijn zeggen is hij één van de beroemdste tramps van de VS. ‘Noem mij om het even welke fuckin’ railroad in de States en ik heb er met mijn fuckin’ gat op gezeten!’ Maar denk niet dat hij een schooier is, o nee, Tall Man kan werken voor de kost, hij kan daken repareren en auto’s fixen en vroeger was Tall Man nog officier bij de Air Force. En zo zit-ie voor ons te orakelen, de Mister Wanderlust met de lichte ogen, de Tramp Royal die al eenentwintig jaar op de sporen leeft.

Halftien is bedtijd, we kruipen met zijn vieren in een lege boxcar, rollen de slaapzak uit en luisteren naar de stilte van de kikker die kwaakt bij het meer. Na een uur klinkt een licht gesingel door de nacht, iets zingt en suist in de sporen, en dan horen we dat het een snel naderende trein is, om de bocht jankt hij nog een laatste dreigende keer met zijn hoorn, dan schiet twee seconden lang een verblindend wit licht door het open gat van de boxcar. Ik denk: hij vliegt recht op ons af, hij ramt onze wagon finaal uit de rij, bàng, de berm af en het meer in, en dan raast een vijfde macht aan lawaai voorbij, de hele boxcar wordt gevuld, geladen, tot de nok volgestouwd met lawaai, kriepend ijzer op ijzer, nog meer fluiten, rammelen en ratelen, tien, twintig, tachtig, negentig wagons die whamm! whamm! voorbijknallen en dan is het voorbij en drijft het lawaai af, als een onweer dat heel dichtbij is geweest. En het is weer stil nu en middernacht en ik ga in de open deur op de rails staan plassen die zo al glimmen in het maanlicht, en yeah wat een fantastisch gevoel om hier te staan wateren onder miljoenen sterren, de aanwaaiende harsgeur van dennenbossen in te ademen en naast het meer het gesloten café te zien waar Coors en Budweiser hun naam in neon blijven schrijven, all night long.

Tall ManBeeld Stephan Vanfleteren

Slapen tussen roest en nergens rust

 Omdat er na een hele nacht wachten op dat zijspoor nog geen locomotief voor de wagons is gekoppeld, moeten we de volgende dag liftend terug naar Eugene en naar het rangeerstation. Als het donker wordt, geeft Fred ons een laatste snelcursus in-een-boxcar klimmen. We gaan voor een open pakwagen staan, en daar stap je zomaar niet in, de vloer ervan komt zo hoog als onze borstkas! Fred neemt het hangslot van de deur als een handvat beet, trekt zich op en gooit in één zwaai zijn linkervoet op de vloer van de boxcar en met die steunvoet en nog steeds hangend aan het deurslot trekt hij zijn hele body naar binnen. Die swing hebben we na twee keer oefenen beet, maar als Fred zich in de boxcar slingert mét zijn twaalf-kilo-rugzak-op-de-rug, moeten wij passen met onze houten benen en dunne spieren. ‘Gooi dan maar eerst je spullen in zo’n wagon en hoop dan maar dat je genoeg tijd hebt om jezelf erbij te hijsen,’ zegt ie, ‘Zo niet verdwijnt jullie bagage zonder jullie.’

Voor we ons dieper in het rangeerstation en tussen de tracks begeven, waarschuwt Fred voor de midnight creeps, de wagons die bij het rangeren geheuveld worden en die geluidloos komen aangeslopen, ‘soms met twee of drie kilometer per uur, maar ook dan ben je zo plat als een mus als je onder die vijftig ton terechtkomt!’ en dus moeten we bij het oversteken van elk leeg spoor àltijd naar links en rechts kijken.

North Bank FredBeeld Stephan Vanfleteren

Op het zesde spoor staat een trein naar Klamath Falls. Fred kiest opnieuw een gondola die nog vuiler, nog smeriger is dan die van de vorige dag. De vloer is deze keer bezaaid met roest en schroot, met sleutels, vijzen, moeren, scharnieren, kabels, springveren en ijzerslakken. Is Fred soms op zijn kop gevallen?! Integendeel, Fred is zelfs al doende om een gerieflijke slaapplek in te richten tussen dat schroot. Uit een andere trein heeft hij twee vierkante meter dik karton met plastic voering gesleept: het karton gebruikt hij als vloerbekleding bovenop het oud ijzer. De plastic voering zal dienen om onze slaapzakken warm en droog te houden in de koude nacht die komen gaat.

In de roestwagon. Rechts: North Bank Fred Beeld North Bank Fred

Kort na middernacht vertrekt de trein, een traag geknars door een pak van wissels en zijsporen, en dan zijn we weg. Fred verstrekt nog oorplugjes en dan kruipen we met onze kleren in de slaapzak. Hoe Fred en Stephan dan kunnen inslapen is mij een raadsel: met die koude nachtlucht die over ons blaast en temidden van dat geraas van tachtig wagons. M’n muts en mijn jaskap heb ik diep over mijn oren getrokken. De hoes van m’n slaapzak leg ik over mijn gezicht, het is de enige bescherming tegen het opwaaiende roest en het neerdruppelende condenswater in de tunnels die we passeren. 

North Bank Fred is bouwvakker en zijn eerste hobo-trip dateert al van 1976. In 1996 gaf hij ons op anderhalve dag een crash course trainhopping. De laatste 15 jaar heeft hij een enorm online archief opgezet in verband met de hobo-cultuur (geschiedenis, persoonlijke reisverhalen, artikels uit kranten en magazines). www.northbankfred.com Zijn beeldmateriaal op northbankfred.com/images

VOLGENDE WEEK: ‘WEES KEIHARD, WEES VRIENDELIJK TEGEN NIEMAND’

Meer over

Reageren op een artikel, uw mening ventileren of een verhelderend inzicht delen met de wereld

Ga naar Open Venster

Op alle artikelen, foto's en video's op humo.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar redactie@humo.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234