Red Ed. Het ‘heerlijke lief’ van Onze Vrouw heeft jullie stamcellen nodig, of anders gaat hij dood. (deel 3)

, door (kd)

151
Ed staand 3
© kd

Lees deel 1, 'De ontmoeting in Barcelona'
Lees deel 2, 'Het moment waarop hij ziek werd'

Chemo, en wat er daar bij komt kijken

Begin september. Gezien geen enkele behandeling tot nu effect heeft gehad, besluiten de artsen om met chemotherapie te starten. Ik begin als een gek in het wilde weg e-mails te sturen: ‘Eindelijk is er een beslissing genomen! Er wordt gestart met chemo, hoera!’ Die mails worden al even enthousiast beantwoord: ‘Het is vreemd iemand te moeten feliciteren met een chemokuur, maar proficiat! Onzekerheid is het allerergste, hopelijk komt er nu snel een eind aan de uitzichtloosheid.’

 

Wanneer Ed na negentien dagen in het ziekenhuis eindelijk terug naar huis mag, word ik door de verpleegsters allerhande brochures in de handen gestopt: ‘Kiemarme voeding’ (een hele waslijst van producten die chemopatiënten wel en niet mogen eten), ‘Voorzorgsmaatregelen tijdens de chemotherapie’ (met wasintructies), ‘Kanker en seksualiteit’ (hoe beïnvloedt je veranderende uiterlijk je eigen zelfbeeld en de relatie met je partner?) en een ‘Ontslagbrochure Hematologie’ (met een deprimerende foto van een zonsondergang op de voorkant). Een quote: ‘U voelt zich uitgeput, buiten adem na lichte inspanning, u kan zich niet lang concentreren, uw geheugen laat u in de steek, telefoneren kost moeite, u durft de deur niet meer uit.’ Neen, ontspannend leesvoer is het niet.

We gaan naar de H&M om een pet te kopen: Eds haar kan op ieder moment beginnen uit te vallen. We kregen in het ziekenhuis de raad om al op voorhand zijn haar af te scheren om zo de schok te verzachten, maar Ed verkiest toch om daar zo lang mogelijk mee te wachten. Wanneer hij op een morgen wakker wordt en honderden haren op z’n hoofdkussen aantreft, duwt hij mij prompt de tondeuse in handen. ‘Go for it.’ Hoewel hij het erger had verwacht, vindt hij toch dat hij er als ‘a fucking neo nazi’ uitziet. Ik vind hem nog altijd prachtig. Hij is dezelfde heerlijk lieve jongen met hetzelfde fantastische gevoel voor humor. De knuffels zijn nog steeds hetzelfde. De kussen zijn nog steeds hetzelfde. Afgezien van zijn uiterlijk, is hij niets veranderd.

Vanaf nu moeten we om de drie weken naar de dagkliniek voor Eds chemokuur – ’s ochtends ga je het ziekenhuis binnen, ’s avonds mag je weer naar huis. Daar zijn we omringd door bejaarden, waardoor we telkens weer met onze neus op de onrechtvaardigheid van onze situatie gedrukt worden. En het maakt het er niet makkelijker op dat chemopatiënten – net als joggers dat ook om een of andere onverklaarbare reden onder elkaar doen – elkaar gedag zeggen, ook al ken je mekaar helemaal niet. Sommigen proberen een gesprek aan te knopen: ‘Hoe oud is uw vriend precies, meiske? Zevenentwintig nog maar? Goh, zo jong nog!’ Ja, madam, ja. We weten het. Het is ongetwijfeld goedbedoeld, maar ik stoor me eraan dat ik ongewild aan wildvreemden ons verhaal moet doen.

Ed verdraagt de chemo redelijk goed – hij beschrijft de misselijkheid als een constant gevoel van wagenziekte, maar moet niet overgeven. En de behandeling lijkt ook het gewenste resultaat te hebben: de waarde van het Epstein-barrvirus daalt tot onder de detectielimiet, en Ed zelf wordt merkbaar beter. Chemo was ons wondermiddel. Aanvankelijk toch.

Lees deel 4, 'Mentaal is het zwaar' »

'Red Ed - Word stamceldonor', de Facebook-pagina »

Registreer jezelf als stamceldonor in 3 stappen »

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: