De 100 beste films: #59: 'A Clockwork Orange' (Stanley Kubrick, 1971)

, door (es)

180
AClockworkOrange

Toch een beetje een speciaal moment in het Top 100-gebeuren: de eerste Kubrick is gearriveerd!

‘A Clockwork Orange’, drie jaar na het meesterwerk ‘2001: A Space Odyssey’ gedraaid, heeft een behoorlijk grote impact op ons gehad: wij kunnen bijvoorbeeld niet langer naar ‘Singin’ in the Rain’ luisteren zonder aan de hakkenstampende Alex (Malcolm McDowell) en zijn kwaadaardige kornuiten te denken; we kunnen geen glas melk meer aanraken zonder aan de Korova Milk Bar te denken; en die ene keer per jaar dat wij naar de Negende van Beethoven luisteren, doen wij dat traditiegetrouw met een feestneus op en klootbeschermers aan.

En we zijn lang niet de enigen die tot vandaag de fall-out van ‘A Clockwork Orange’ voelen. De synthpopband Heaven 17 noemde zichzelf naar een fictieve popgroep die in de film ter sprake komt. Heath Ledger liet zich voor zijn rol als de Joker in ‘The Dark Knight’ inspireren door Alex DeLarge. In de clip bij ‘Welcome to the Jungle’ van Guns N’ Roses zien we Axl Rose de beruchte Ludovico-behandeling ondergaan. Lady Gaga gebruikt tijdens haar concerten muziek uit de film. De song ‘Durango 95’ van de Ramones is genoemd naar de lage sportauto waarin Alex rondscheurt. En als we u tot slot meegeven dat Bart zich in één van de episodes van ‘The Simpsons’ als Alex verkleedt, dan weet u het wel zeker: cultuurbepalende prent!

Telkens als wij de ouverture van ‘A Clockwork Orange’ ondergaan – het knalrode scherm, de hallucinante synthesizermuziek van Wendy Carlos – krijgen we een heel raar gevoel; het gevoel dat we op het punt staan om deel te nemen aan iets heel speciaals; een soort ‘Het feest gaat beginnen!’-atmosfeer. Al is feest natuurlijk een ietwat misplaatste term voor de gewelddaden die Kubrick ons serveert.

Meteen na de openingsgeneriek volgt het iconische beeld van de in de Korova Milk Bar gezeten Alex die recht in de camera staart en z’n glas melk in onze richting heft, alsof hij wil zeggen: ‘Welkom in mijn wereld!’ ‘Daar was ik,’ horen we hem off-screen vertellen, ‘Alex, en mijn drie hipmaats Pete, Georgie en Dim. En we zaten in de Korova Milk Bar te prakkidenken wat we die avond zouden doen.’ Ah, dat onnavolgbare taaltje van Alex, rechtstreeks gelicht uit de gelijknamige roman van Anthony Burgess: o, zaligheid!

Alex is geen ordinaire jongeman: hij heeft – en nu citeren we even de tagline van de film – in hoofdzaak interesse voor verkrachting, ultrageweld en Beethoven – die goeie ouwe Ludwig van. Gehuld in een knalwit cricketpak, zwarte bolhoed op de kruin, een wandelstok in de hand en lange griezelige valse wimpers aan, en aangevuurd door de melkplus (een drankje dat een mens oppept en je geschikt maakt voor wat ouderwets ultrageweld), begint Alex samen met z’n maats (hebt u Dim herkend? Indeed: de piepjonge Warren Clarke, beter bekend als detective Dalziel!) aan een gezellig nachtje: ze timmeren een bedelaar in elkaar (Alex: ‘Als ik één ding niet kan uitstaan, dan is ’t een ouwe, vieze dronkenlap die vunzige liedjes zingt en er tussendoor boert, alsof er één of ander rot orkest in z’n smerige donder zit’), gaan op de vuist met de bende van Billy Boy en sluiten de avond af met een ‘onverwacht bezoek’ – altijd goed voor ’n kick en ’n lach.

De wrange grap die Kubrick met ons uithaalt, is natuurlijk dat hij ons zover krijgt dat we stilaan een zekere sympathie voor Alex beginnen op te vatten; langzaam maar zeker werkt Alex zich naar binnen in ons onderbewustzijn, en dat wringt, dat botst, dat maakt van ‘A Clockwork Orange’ een onrustwekkende ervaring.

Maar ja, hoe kun je nou géén sympathie voelen voor een kerel die hoogst welbespraakt is, goudeerlijk, een fijnbesnaarde muzieksmaak heeft en dingen zegt als ‘Dat is zo duidelijk als een diep azuren zomerhemel’? Wanneer zijn vader zich aan de ontbijttafel hardop afvraagt ‘waar het is dat hij ’s avonds gaat werken,’ zit je hardop te grinniken; maar wanneer Alex zich klaarmaakt om the old in and out te doen met een vastgeknevelde vrouw, vergaat het lachen je; zelden hebben we een film gezien waarin geestigheid en shockfactor zó dicht bij elkaar liggen.

Merkwaardig hoogtepunt is natuurlijk de beroemde scène waarin Alex tijdens een nachtelijke huisinvasie een oude man verrot staat te schoppen terwijl hij een feestneus draagt en al tapdansend ‘Singin’ in the Rain’ ten gehore brengt: ‘I’m singing in the rain’djoef! – ‘Just singing in the rain!’ – mép – ‘What a glorious feelin’ I’m happy again’ – báf! Gene Kelly kon er indertijd niet om lachen: toen hij op een Hollywoodfeestje Malcolm McDowell in het oog kreeg, beende hij woedend de zaal uit.

Onrustwekkender is dat ‘A Clockwork Orange’ in Engeland aanleiding gaf tot een reeks gruwelijke copycatmisdaden: een 16-jarige jongen sloeg een bedelaar tot pulp; een als Alex verklede tiener stak een andere jongen neer met een mes; een Nederlands meisje werd verkracht terwijl haar aanranders ‘Singin’ in the Rain’ zongen; en Kubrick zelf ontving doodsbedreigingen. Redenen genoeg voor Kubrick om ‘A Clockwork Orange’ uit de Engelse bioscoopzalen terug te trekken – pas in 2000 mocht de film er opnieuw worden vertoond.

In de tweede helft van de film ondergaat Alex de omstreden Ludovico-behandeling, wat erop neerkomt dat zijn hoofd wordt vastgezet in een hoofdsteun, hij klemmen op de ogen krijgt zodat hij ze niet kan sluiten, en wordt gedwongen om naar een reeks gruwelijke films te kijken tot het geweld waar hij vroeger zo hard op kickte, hem misselijk begint te maken.

Kubrick, die zijn film in een grauw futuristisch Engeland situeerde, slingert ons hier interessante vragen in het gezicht: kan iemand die slecht is, goed worden gemaakt? Kun je iemands ware aard veranderen? En is dat wel gerechtvaardigd? Verliezen we onze menselijkheid niet wanneer we er niet langer zélf voor mogen kiezen om nu en dan eens een oud besje tot moes te slaan? U mag er zelf achteraf een stevige boom over opzetten, al dan niet met een feestneus op.

Maar vergeet vooral niet om u eerst en vooral te laten meeslepen door de fantastische viscerale ervaring die ‘A Clockwork Orange’ in eerste instantie is; om u te laten onderdompelen in de magnifieke beelden (het gevecht met Billy Boy in het oude casino heeft iets van een kinetisch ballet) en de schitterende designs (de Korova Milk Bar met die naakte vrouwelijke sculpturen die als tafeltjes worden gebezigd!), en om te genieten van de heerlijke vertolking van Malcolm McDowell (check zijn onnavolgbare reactie op de schommelende fallus).

En dan nu allemaal samen: ‘Doo-dloo-doo-doo-doo-doo / Doo-dloo-doo-doo-doo-doo... I’m singing in the rain / Just singing in the rain!’

Bekijk de trailer van 'A Clockwork Orange':

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: