'Soumission': het Grote Michel Houellebecq-interview

17
Michel Houellebecq Vrij
© Philippe Matsas

Vier jaar na de voltreffer ‘De kaart en het gebied’, waarvoor hij de Prix Goncourt op zak stak, één van de grootste Franse literaire prijzen, mag Michel Houellebecq in Frankrijk andermaal opdraven als zondebok, en eens te meer wordt een boek van hem hopeloos verkeerd gelezen. Extreemrechts haast zich ‘Soumission’ in te halen als vruchtbare grond voor zijn eigen islamofobie, terwijl de linkerzijde de schrijver ervan beschuldigt de mensen aan te zetten tot haat. Beide kampen hadden hun standpunt naar goede gewoonte al ingenomen voor het boek verschenen was, de actualiteit zorgde alleen voor flink wat olie op het vuur.

Alleen de literaire critici zien het anders. Bij hen klinkt het dat ‘Soumission’ niet islamofoob is, en hoegenaamd ook niet de verdediging van de godsdienst op zich neemt. Wel zijn ze het er allemaal over eens dat de nieuwe Houellebecq opnieuw geen gemakkelijke of zelfs aangename zit is. Zoals we dat van hem gewend zijn sinds hij in 1994 debuteerde met ‘De wereld als markt en strijd’, is de schrijver een meedogenloze, maar secure chroniqueur van zijn tijd. In ‘Soumission’ houdt hij de maatschappij geen spiegel voor, zijn wapen is het vergrootglas. Door middel van een grimmige fabel – in 2022 is in Frankrijk een gematigde islamitische partij aan de macht – stelt hij ons die vraag die al veel schrijvers vóór hem hun lezers zo graag stelden: ‘Wat als?’

Wat als onze maatschappij zoals wij ze kennen, binnenkort verdwijnt? Houellebecq stelt de broosheid van de Franse democratie vast in een tijd die wordt gekenmerkt door de grote terugkeer van de godsdienst. Niet leuk om te horen, zoveel is zeker, maar is de vaststelling wel zo nieuw? Nee, en toch wordt de schrijver ervoor aan de schandpaal genageld, en Marine Le Pen níét – die laatste is toch een veel grotere bedreiging voor de democratie?

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: