Joost Zwagerman over de zaak-Tuymans: de plagiaatjihad

, door (jz)

129
zwagerman
© Luc Tuymans

In dezelfde week dat de Nederlandse kunstenaar Marlene Dumas aan de Antwerpse universiteit een eredoctoraat kreeg uitgereikt voor ‘algemene verdiensten’, waaronder natuurlijk haar vaak op krantenfoto’s gebaseerde schilderijen, tekende elders in de stad Luc Tuymans hoger beroep aan tegen het vonnis dat tegen hem werd uitgesproken vanwege vermeend plagiaat en ‘kwade trouw’ bij het maken van zijn schilderij ‘A Belgian Politician’ (2011), eveneens gebaseerd op een krantenfoto.

'In de versie van Tuymans kan de geportretteerde om het even welke Belgische politicus zijn – we zien eerst en vooral een tronie van de gezant van een populistische kaste'

Die samenloop van omstandigheden tekent de absurditeit van dat vonnis, dat dateert van januari van dit jaar. Fotografe Katrijn Van Giel had het proces tegen Tuymans aangespannen. Van Giel beschuldigde hem van het plagiëren van haar portretfoto uit 2010 van de politicus Jean-Marie Dedecker. De één, Dumas, academisch gehuldigd; de ander, Tuymans, juridisch vernederd. 

Marlene Dumas en Luc Tuymans worden al sinds jaar en dag vaak in één adem genoemd. Ze zijn van dezelfde generatie; beide kunstenaars spraken in interviews regelmatig over hun artistieke verwantschap; beiden bezitten een archief van foto’s, door hen geselecteerd uit de dagelijkse tsunami aan images die de internationale, al dan niet sociale media over ons uitstorten. Dit fotoarchief is voor beiden een bron voor hun schilderijen. 

Ook hun portretkunst toont een in het oog springende verwantschap. Zo maakte Marlene Dumas in 2005 ‘The Neighbour’, een portret van Mohammed B., de moordenaar van Theo van Gogh, gebaseerd op een in de media wijdverspreide portretfoto. ‘The Neighbour’ werd aangekocht door het Stedelijk Museum van Amsterdam en had in 2013 een ereplek in het museum, ter gelegenheid van het grote Dumas-retrospectief ‘The Image as Burden’. ‘The Neighbour’ draagt niet voor niets die titel: Dumas schilderde een portret van Mohammed B. – maar bij Dumas kan deze geportretterde ‘iedereen’ zijn, ook de buurman. ‘A Belgian Politician’ is evenmin direct vernoemd naar Dedecker. In de versie van Tuymans kan de geportretteerde om het even welke Belgische politicus zijn – we zien in de eerste plaats een tronie van de gezant van een populistische kaste; we zien de existentiële benauwdheid van de politieke macht. We zien, misschien wel, onszelf – wie zal het zeggen? 

'In de versie van Tuymans kan de geportretteerde om het even welke Belgische politicus zijn - we zien eerst en vooral een tronie van de gezant  van een populistische kaste'

Maar in Vlaanderen schijnt men te veronderstellen dat de hele wereld ‘A Belgian Politician’ beschouwt en beoordeelt als een afbeelding van – wie? – Jean-Marie Dedecker. De Vlaamse pers zou de Amerikaanse eigenaar van het schilderij, de kunstverzamelaar Eric Lefkofsky, eens moeten bevragen over het motief voor zijn aankoop. Omdat niemand schijnbaar op dit idee kwam, heb ik het maar gedaan. Het antwoord ligt natuurlijk voor de hand, maar is niettemin verhelderend. Via de galerist van Zeno X laat een woordvoerder van de verzamelaar weten: ‘De heer Lefkofsky wist tot voor kort niet wie de heer Dedecker is. Dat weet hij sinds het vonnis tegen de heer Tuymans. Voor de heer Lefkofsky speelde de identiteit van de geportretteerde geen rol, niet bij de aankoop, noch in zijn waardering voor het schilderij.’

Tja. 

In 2005, het jaar waarin Dumas ‘The Neighbour’ schilderde, maakte Luc Tuymans een portret van Condoleezza Rice, van 2005 tot 2009 Amerikaans minister van Buitenlandse Zaken. Het schilderij ‘Secretary of State’, dat werd aangekocht door Tate Modern, werd door Britse kunstcritici een moderne klassieker genoemd. Het is niet denkbeeldig dat de Belgische rechter het werk betrekt in een toekomstige juridische plagiaat-jihad tegen Tuymans, want ook dit schilderij is geïnspireerd door en gebaseerd op een (pers)foto. 

In het vonnis noemde de rechtbank Tuymans dus ‘te kwader trouw’ vanwege zijn adaptatie van de persfoto van Van Giel. Was Dumas dan evenzeer te kwader trouw toen ze het schilderij ‘The Neighbour’ maakte? Moet zij niet eveneens worden vervolgd en veroordeeld? Het enige verschil tussen Dumas en Tuymans is dat de één niet, en de ander wél een gekrenkte fotograaf achter zich aan kreeg. Maar maakt die krenking Tuymans te kwader trouw? Op zich zijn het allemaal even kinderachtige als overbodige vragen, maar ze dringen zich wel op bij het constateren van de afgrond die gaapt tussen de universiteit en de rechtbank in Antwerpen. 

Tuymans moet sinds de uitspraak van de rechtbank in januari de indruk hebben dat hij niet langer woont en werkt in België. Hij bevindt zich in Absurdistan, alwaar hij na de rechterlijke uitspraak te maken kreeg met even brutale als benepen pogingen tot karaktermoord in de media. Wat denkt-ie wel, die stuurse, arrogante en doorgaans kortaangebonden hork? Tuymans met zijn dikke nek! Daags na de uitspraak nodigde de VRT-talkshow ‘Reyers laat’ drie studiogasten uit, die tamelijk unisono waren in hun commentaar op het vonnis. Eén van de drie was Jean-Marie Dedecker – die inhoudelijk gezien even weinig met het kunstwerk van Tuymans te maken had als Mohammed B. met ‘The Neighbour’. De gasten bij ‘Reyers laat’ waren allen even ferm van mening dat Tuymans Van Giel had moeten vermelden in de titel van het schilderij. Of anders had hij haar toch tenminste kunnen bellen? De presentatrice van ‘Reyers laat’, Kathleen Cools, sloot zich daarbij aan. En zo werd het rechterlijke vonnis gevolgd door een tweede vonnis, sotto voce uitgesproken, maar ondanks het zoete timbre niet minder geniepig en kleingeestig, en vervuld van dampende schadenfreude. 

De internationale pers deed met verbijstering verslag van het verdict. The Guardian noemde het ‘een slechte grap’. ‘Een kind kan zien dat schilderij en foto hemelsbreed verschillen,’ aldus Guardian-criticus Adrian Searle, die zijn artikel afsloot met de vraag of de Belgische rechter het originele schilderij van Tuymans überhaupt wel had gezien, of dat hij zich louter gebaseerd had op een foto van het schilderij. 

‘A Belgian Politician’ is inderdaad níét door verzamelaar Eric Lefkofsky naar de Antwerpse rechtbank verscheept. De rechter kwam kennelijk op de tast tot zijn vonnis, dat op wel meer onderdelen onnavolgbaar is. Zo stelde de rechter dat Tuymans het schilderij niet mag ‘reproduceren’ of ‘tentoonstellen’, op straffe van een dwangsom van 500.000 euro. Dat bedrag baseerde de rechter op een waardebepaling die de advocaat van de eisende partij aanvoerde. Dat bedrag had Van Giels advocaat kennelijk vastgesteld door een natte vinger in de lucht te steken.

Waarom nam niemand in de Vlaamse pers de moeite om de echte verkoopprijs van ‘A Belgian Politician’ na te vragen? Die was 350.000 euro, liet galerie Zeno X mij weten. Gewoonlijk bedraagt de courtage van een galerie 30 tot 50 procent. Een assistent van Luc Tuymans verklaarde desgevraagd dat de kunstenaar niet de helft, maar ongeveer een derde van dit bedrag heeft ontvangen. Dat is dus een goeie 100.000 euro – nog altijd een astronomisch bedrag, maar gelet op de internationale marktwaarde van Tuymans absoluut een koopje. 

Tuymans mag van de rechter het werk ook niet langer tentoonstellen. Maar de kunstenaar kan helemaal niet eigenmachtig beslissen of ‘A Belgian Politician’ in een museum wordt getoond: niet hij beslist daarover, maar de eigenaar. Ook dat weet een kind – maar niet de Antwerpse rechter. En mocht Lefkofsky het werk uitlenen op verzoek van een museum, dan moet niet hij maar Tuymans een dwangsom van 500.000 euro betalen. 

Het valt ernstig te betwijfelen of de Antwerpse rechter er enig benul van heeft wat plagiaat is. Een plagiator is altijd bevreesd voor ontdekking – zijn diefstal mag in geen geval worden ontdekt. Dat betekent gezichtsverlies en zelfbeschadiging. Tuymans verwijst in interviews juist altijd heel secuur naar de foto’s waarop hij zijn kunstwerken baseert, zo ook in het geval van ‘A Belgian Politician’. In 2014, dus ver voor het vonnis, noemde hij de persfoto van Van Giel al ‘een sterk beeld’. Je zou zeggen: ‘Take the compliment, Katrijn.’ Maar nee. Tuymans zei – eveneens in 2014 – in Vrij Nederland over het verschil tussen foto en schilderij: ‘Het schilderij is veel groter dan de foto. En de materie is anders, namelijk verf (...) Op de foto zie je de populistische politicus Jean-Marie Dedecker, een man van vlees en bloed, die gebukt gaat onder de kwellingen van het politieke bedrijf. De fotografe heeft een beeld vastgelegd waaruit een grote empathie voor haar onderwerp spreekt. Het schilderij heeft een volstrekt andere betekenis, het toont een quasi skeletachtige figuur, in zilverachtig licht. De empathie is weggeborsteld, de anekdote vernietigd.’ 

'Katrijn Van Giels kadrering van Dedecker deed mij eerlijk gezegd denken aan... 'Secretary of State' van Luc Tuymans. Tuymans heeft maar één keuze: naar de rechter stappen'

Tuymans’ argument dat zijn schilderij is gemaakt van verf en Van Giels foto van pixels en dat ‘A Belgian Politician’ alleen al daarom geen plagiaat kán zijn, werd in de pers sterk in twijfel getrokken en hier en daar met veel misbaar weggehoond. Waarom? De grote Gerhard Richter schilderde in 1988 nauwgezet politie- en persfoto’s na van RAF-terroristen, al dan niet door zelfmoord overleden in de Stammheim--gevangenis in Stuttgart. Zijn reeks werken, getiteld ‘18 oktober 1977’, werd aangekocht door het MoMA in New York. Richter zei erover: ‘Ik schilderde deze foto’s zo nauwgezet mogelijk over, en juist daardoor creëerde ik iets totaal anders, namelijk een portrettenreeks in een uiterst langzame beeldtaal, gemaakt van verf, terwijl iedere foto de glorie van het beslissende moment benadrukt. Mijn schilderijen van de terroristen waren lang niet zo goed en effectief als de eertijdse foto’s, want het trage medium van de portretkunst legt het qua invloed op het kijkgedrag van de consument altijd af tegen de fotografie.’

Draai het voor de aardigheid eens om en kijk naar de spannende en originele reeks die de Amerikaanse fotograaf Peter Lindbergh in 2008 maakte voor Harper’s Bazaar, met als model de actrice Julianne Moore. Lindbergh baseerde zijn foto’s van Moore op schilderijen van onder meer Modigliani, John Singer Sargent en de hedendaagse Amerikaanse schilder John Currin. Hij zette de verf van die schilders om in pixels, waarbij hij nauwgezet het licht, de compositie en de kadrering van de schilderijen volgde. Half schertsend stelde een Amerikaanse journalist aan John Currin de vraag of Lindbergh misschien plagiaat had gepleegd door zijn schilderij ‘The Cripple’ (1999) om te werken tot een foto. Currin was juist vol bewondering: ‘Wat een geweldig tweede leven krijgt ‘The Cripple’. Dankjewel Julianne Moore, dankjewel Peter Lindbergh.’ 

Wat Lindbergh maakte, staat in de eerbiedwaardige traditie van de pasticcio, vrij vertaald de pastiche. Pasticcio is géén satire, maar een nauwgezette bewerking en nabootsing van een ander kunstwerk. Zonder pasticcio geen kunst, daar wees kunstenaar Karin Hanssen terecht op in het Vlaamse kunstmagazine H Art. In vroegere eeuwen was het de gewoonste zaak van de wereld dat kunstenaars andermans schilderijen naschilderden. Hanssen noemt als voorbeeld ‘De vaderlijke vermaning’ (1654) van Gerard ter Borch, dat in de loop van de eeuwen honderden keren is nagebootst.

Maar ook het argument van Tuymans en zijn advocaat dat ‘A Belgian Politician’ in de traditie van de pasticcio staat, werd in de Vlaamse pers weggelachen, met een gretigheid die doet vermoeden dat men met smart heeft zitten wachten tot men Tuymans’ intenties, poetica en schildertechnieken kon afserveren.

Wat was ook alweer het exacte argument van Katrijn Van Giel om naar de rechter te stappen? In 2014 zei ze in Vrij Nederland: ‘Ik fotografeerde Dedecker tijdens zijn enorme politieke nederlaag in 2010. Ik wilde in één beeld de essentie van die nederlaag in beeld brengen en ik koos speciaal voor deze bijzondere kadrering (...) Tuymans heeft daar naar mijn smaak wel erg weinig aan veranderd.’

De kadrering. De uitsnede. Knap gedaan, inderdaad. Maar heeft Van Giel het alleenrecht op die kadrering, heeft ze er een patent op, is het haar uitvinding en heeft voordien geen foto-graaf of schilder die kadrering toegepast? Eerlijk gezegd deed Van Giels kadrering van Dedecker mij denken aan... ‘Secretary of State’ van Luc Tuymans. Tuymans paste die kadrering nét ietsje scherper toe dan de Amerikaanse krantenfoto waarop zijn portret gebaseerd was: zéér weinig kin en zéér weinig kapsel. De foto raakte destijds nauwelijks verspreid buiten de VS, maar Tuymans pasticcio ervan is sinds 2005, en zeker sinds zijn retrospectief in Brussel in 2010, een wijdverbreid beeld in de Vlaamse pers. Tien tegen één dat een afbeelding van ‘Secretary of State’ ook Van Giel onder ogen moet zijn gekomen. Vanzelfsprekend staat het haar vrij om de kaderering van haar foto van Dedecker te baseren op ‘Secretary of State’ – maar had ze Tuymans niet even in de credits moeten vermelden? Of had ze hem tenminste niet even kunnen bellen? 

Een flauwe grap, ik weet het. Maar hoe moet je anders al die slechte grappen pareren waaruit het vonnis tegen Tuymans is opgebouwd? Daarom: Tuymans kan dit plagiaat door Van Giel niet over zijn kant laten gaan! Hij heeft maar één keuze: naar de rechter stappen. Er is immers een keiharde jurisprudentie, ook al is het de lach-of-ik-schiet-jurisprudentie uit Absurdistan, in het leven geroepen door een Antwerpse rechtbank, waar men kijkt met de onderbuik en waar men met de rug van de wereld afgewend een vonnis uitspreekt.

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: