Prince overleden: Onze Man op bezoek bij het popicoon
'Het heden is te interessant. Ik kijk niet graag terug'

, door (ss)

212

'Men heeft lang heel foute, negatieve, onware zaken over mij de wereld ingestuurd'

Ik vertrek goed op tijd. Dacht ik. Maar mijn taxichauffeur blijkt de enige man in Minnesota die a) niet weet wie Prince is, b) nog nooit van Paisley Park heeft gehoord (ook al woont hij hier naar eigen zeggen al twaalf jaar), c) niet eens weet waar het stadje Chanhassen ligt en d) geen gps heeft. Bovendien ziet hij slecht en kan hij de borden niet lezen. Hij presteert het om twintig mijl fout te rijden. Ik was al twee keer eerder in Paisley Park maar ’t is lang geleden en nu is het donker. In hoge nood dwing ik de chauffeur te stoppen en hou ik een voorbijrijdende auto aan. Toeval bestaat niet dus the Lord be praised: het blijkt Donna Grantis, gitariste van 3rdEyeGirl, die me supervriendelijk de weg wijst. En zelfs dan wil mijn chauffeur het beter weten. Wat een dilemma baart, want hij komt uit Ethiopië en ik wil geen ruzie met een brother vlak voor ik mijn held interview.

Paisley Park is een groot, wit maar opzettelijk anoniem gebouw op een ‘Twin Peaks’-achtig kruispunt. Tot diep in de jaren 90 konden ook andere sterren hier studiotijd boeken, maar daar is Prince van afgestapt: die fijne collega’s keken hem te zeer op de vingers en hij heeft het geld niet nodig.

Ik krijg een rondleiding door de studio’s. Eerste vaststelling: het ruikt hier erg lekker. Overal staan geurkaarsen. In de enorme studio A staat een drumstel waarop Prince daarnet nog oefende. Hier nam hij drie maanden lang de cd van 3rdEyeGirl op, ‘zonder het hen te zeggen’. Wat verder ligt een kamer die letterlijk enkel uit grijs graniet bestaat, wat een ideale akoestiek oplevert om piano op te nemen. En daarom zijn we hier: Prince gaat voor het eerst ooit op solotournee: de Spotlight Tour biedt een artiest, een piano en een microfoon, en verder niets.

Op de gang een zwarte motor met het gouden symboollogo. In een kamer ernaast staat de purperen motor uit de film ‘Purple Rain’. Op een zeven meter lange muurschildering staat Prince in het midden, met rechts van hem de muzikanten die hem beïnvloedden (Hendrix, Santana, James Brown…) en links de muzikanten en zangeressen voor wie hij zélf een mentor was (Sheila E., Apollonia, Vanity Six…). Daarnaast een galaxy room waarvan de muren én het plafond zijn bezaaid met sterren, enkel verlicht door een blacklight.

In studio B, de kleine studio die Prince het vaakst zelf gebruikt, hangt een microfoon boven de mixtafel, zodat hij ingevingen voor zang of frasering meteen kan inzingen. Op de kast staat een zwart-witfoto van zijn overleden vader toen die zelf een jonge muzikant was: ‘The fabulous Prince Rogers + piano’. Ik zie een cd-kastje met cd’s van usual suspects als Stevie Wonder, Parliament en Tower of Power. Maar gek genoeg ook eentje van The Fatima Mansions. Daarnaast een cd-shredder, wellicht om sporen uit te wissen en te voorkomen dat iemand ongewenst materiaal jat of kopieert.

Technicus Joshua Welton grapt: ‘Prince heeft superoren. He can hear wifi.’ Gisteren werkte Prince hier nog aan een nieuwe song. Zijn notities liggen nog op de mixtafel. Ik kan deze tekstflard ontcijferen: ‘If I had the power 2 travel back in time / I would go back to the day when we were both 9…’

Ik word naar een klein zaaltje geleid, níét de grote concertzaal (capaciteit: 1200 man) maar een pikdonker, met zitzakken, kussens en lopendbuffettafeltjes gevulde ruimte waar amper 200 man in kan. Links tegen de muur herken ik de auto uit het decor van de ‘Sign o’ the Times’-tournee. Achteraan in de hoek staat een soort Trojaans paard van zes meter hoog.

☞ Alles over Prince op humo.be

Een goed gesprek

Voor ons interview zijn de regels duidelijk: wat volgt is ‘niet zozeer een interview dan wel een goed gesprek’. Dat niet mag worden opgenomen, dus ik moet aantekeningen maken met potlood. In het halfduister, want het enige licht komt van de psychedelische projectie op het grote videoscherm achter het podium. Het wordt dus improviseren.

Eerst zie ik Prince opduiken achter in het zaaltje. Ik begroet hem, dan zegt hij: ‘Ik moet nog één ding doen, wacht even.’ Een paar minuten later duikt hij op achter de piano en zegt hij achteloos en monkelend ‘Any questions?’ Alsof wij ‘Ach nee, laat maar’ zullen zeggen. ‘Wij’, ja, want er blijkt ook nog een Spaanse journalist te zijn (Inigo), een Brit (Alexis) en Amanda van NRC Handelsblad.

Dit artikel volledig gratis lezen?

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: