Het antwoord van Dyab Abou Jahjah op de brief van Arnon Grunberg: lessen in zionisme

59
Dyab Abou Jahjah antwoord Arnon Grunberg flat
© Diego Fransen

'Het is juist attent van mij om over zionisten te spreken om de misdaden van een staat, die de Joodse staat genoemd wordt, te duiden'

Beste Arnon Grunberg,

Ik heb je brief aan mij in de vorige Humo met veel plezier gelezen. Je hebt een aantal zaken geschreven die mijn intuïtie over jou als een moedige denker bevestigen. Maar je baseren op een tweet van mij, één tweet, om me te beschrijven als iemand die graag scheldt en schelden gebruikt als strategie, is flauw, en bovendien onterecht. We schelden allemaal af en toe, maar tot nader order heb ik nooit in een debat, in een column of in een artikel gescholden. Ondanks het feit dat ik al vijftien jaar elke dag systematisch uitgescholden word: in kranten, op televisie, via e-mail en de laatste jaren via sociale media. Bovendien ging het toen om een tweet bedoeld om de hypocrisie van een politicus, een machthebber, aan te klagen. Een tweet waarin ik hem een zionistenpijper noemde, en waarvan ik al lang afstand heb genomen. Ik heb afstand genomen van het schelden, niet van de inhoud die erachter zit. De inhoud klopt naar mijn mening, want de N-VA, die ooit pro Palestina was, heeft effectief haar ziel verkocht aan de pro-Israëllobby. De kopstukken van die lobby zitten nu zelfs grotendeels in die partij – Ludo Van Campenhout, bijvoorbeeld – en ze zijn lang niet allemaal Joden.

Je wilt dat ik over Palestina/Israël communiceer op een manier die constructief kan zijn. Ik vind dat ik dat net doe. Je moet mijn communicatie ook in de juiste context plaatsen. En dan zul je dat ongetwijfeld ook gaan inzien. Ik was 5 jaar in 1976, toen Israël mijn dorp in Zuid-Libanon binnenviel en zijn milities daar een slachting liet uitvoeren. Het is een mirakel dat mijn moeder, mijn broertje van zes maanden en ik die dag hebben overleefd. Andere familieleden hadden niet zoveel geluk en werden die dag vermoord. Ik bespaar je de details. In 1982 kregen we een nieuwe les in zionisme, deze keer met luchtbombardementen op burgerdoelwitten tijdens de invasie van Libanon. Ik was 11 en zag hoe huizen in Sidon en in mijn wijk vanuit de lucht werden platgebombardeerd. Onder het puin stierven kinderen van mijn leeftijd met wie ik vaak had gespeeld. Tussen 1982 en 1985 heb ik als kind en jonge puber onder de bezetting van Israël geleefd. Elke dag moest ik onderweg naar school een Israëlische checkpoint passeren. Elke dag werd ik vernederd, beledigd en soms geslagen.

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: