Belgische militairen op buitenlandse missie (3): 'Vandaag gaan veel cowboys in het leger omdat ze graag in Afghanistan met hun geweren willen zwaaien'

© Bas Bogaerts

, door (js)

23

Lees ook deel 1 en deel 2

'De generaties tussen 18 en 65 jaar leken van de aardbodem verdwenen in Kosovo: ze waren gevlucht of gedood in de oorlog'

Johan Beeckaert: ‘Varkens in een stal’

Johan Beeckaert (40) werkte eerst een paar jaar als onderhoudstechnicus in de privésector, voor hij in 2002 soldaat werd bij de infanterie in Leopoldsburg.

Johan Beeckaert «Mijn vader was ook beroepsmilitair geweest en hij zag mij niet graag in zijn voetsporen treden. Hij had liever dat ik een burgerleven leidde. Hij heeft het leger vóór zijn pensioen verlaten. ‘Het is er altijd iets,’ zei hij. Maar in het privébedrijf waar ik eerst terechtkwam, was het onzekerheid troef: ‘De tent gaat waarschijnlijk dicht.’ Ik besloot toen om mijn zin te doen en legde de selectieproeven van het leger af. Zes maanden later ging ik binnen als verkenner.»

HUMO Als het ooit oorlog wordt, is de verkenner de eerste die mag uitrukken?

Beeckaert «Precies. Vooraf kreeg ik een legerbrochure waarin de verkenners werden voorgesteld. Naast een foto van een kerel in camouflagepak stond een foto van de verblijven waar we zouden slapen. Ik zag blinkende kasten en bedden en ik dacht: schitterend! Tot ik die kamer op mijn eerste dag binnenstapte: er waren duidelijk al duizenden anderen voor mij gepasseerd (lacht). Twee jaar later vertrok ik op mijn eerste buitenlandse missie, naar Kosovo.»

HUMO Dat was uw eigen keuze?

Beeckaert «Ja. Ik heb nu vijf buitenlandse opdrachten achter de kiezen, allemaal op vrijwillige basis. Ik was drie keer in Kosovo, één keer in Afghanistan en de laatste keer, in 2013, verbleef ik in Mali. Tot twee jaar geleden was ik scherpschutter. Nu ben ik de wapenmaker van het bataljon.»

HUMO Als sluipschutter was u erop getraind om mensen dood te schieten?

Beeckaert «Ja, maar ik heb dat nooit moeten doen. Al dacht ik soms wel na over de consequenties. Op missie ben ik ook nooit ingezet als sniper. In Mali was ik beveiliger en had ik mijn scherpschutterswapen mee. Maar we waren daar niet om mensen af te knallen.

»In Kosovo bestond mijn allereerste opdracht uit ordehandhaving en patrouilleren in het noorden, in en rond de stad Mitrovica. We trokken ook dikwijls de bergen in om aan de bergbewoners te laten zien dat de buitenlandse troepen van de NAVO-vredesmacht KFOR er nog steeds waren om hen te beschermen. Sommige mensen kwamen nooit naar beneden en wij waren hun enige aanspreekpunt. Als jonge kerel had ik niet echt een beeld van waar de Kosovo-oorlog van eind jaren 90 over ging. Maar toen ik daar een tijdje rondliep, begon ik de haat te voelen. Wij kwamen er in augustus aan, en een paar maanden eerder hadden er zware rellen plaatsgevonden. Er waren toen granaten gegooid die verschillende mensen het leven hadden gekost. De spanning hing nog steeds in de lucht. Ik sprak met Serviërs en Albanezen: die wilden elkaar bij wijze van spreken het liefst kelen. In de loop der jaren heb ik die haat bij de nieuwe generatie zien afnemen; ik was er drie keer, met tussenpozen van twee jaar.

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: