Aimen Dean, de dubbelspion van Al Qaeda die de Britse premier en de Amerikaanse president tipte: 'Ik zag alleen maar weerzinwekkende brutaliteit en nietsontziende moordlust'

, door (matthew campbell)

9

'Enkele jihadi's uit de Midlands hadden mijn hulp gevraagd in hun complot om de klinken van luxewagens met een giftige crème in te smeren, om de 'stinkend rijke klootzakken' te straffen'

Aimen Dean (39) staat bij de moskee van Finsbury Park, en hij is allesbehalve op zijn gemak. Daar heeft hij alle reden toe: de laatste keer dat hij hier kwam, probeerde hij als spion informatie over moslimextremisten te bemachtigen. Dean was vroeger lid van Al Qaeda, maar hij werd een informant van MI6, de Britse buitenlandse inlichtingendienst. Nu is zijn leven in gevaar: zijn vroegere ‘broeders’ hebben een fatwa over hem uitgesproken en willen hem dood.

Aimen Dean «Londen is te gevaarlijk voor mij. Ik kan altijd op iemand botsen die ik van vroeger ken.»

Hij is vrij klein van gestalte, heeft dun haar, draagt een bril met dikke glazen en noemt zichzelf nogal nerdy. Hij ziet er niet bedreigend uit, maar Dean was ooit een jihadi die met kalasjnikovs zwaaide. Hij studeerde af aan een terroristenschool in Afghanistan en was jarenlang de belangrijkste spion van het Westen bij Al Qaeda. Onder zijn schuilnaam Lawrence – naar Lawrence van Arabië – tipte hij zijn contactpersonen over plannen voor aanslagen, onder andere één met gifgas in de metro van New York. Niet zelden belandde zijn informatie op het bureau van de Britse eerste minister of de president van de VS. Zijn identiteit was één van de best bewaarde geheimen in de geschiedenis van de spionage volgens Paul Cruickshank en Tim Lister, de journalisten die Dean hebben geholpen zijn memoires te schrijven. Hij zou nooit uit de schaduw getreden zijn als hij niet was verraden door wat iemand bij MI6 verwoordde als ‘een zeer ongelukkig lek’ bij de Amerikanen.

Ongetwijfeld nam hij zijn vertrouwelingen bij MI6 in met zijn zelfrelativerende humor, een zeldzaamheid in de wereld van de jihadi’s. Hij spreekt onberispelijk Engels, doorspekt met spionnenjargon dat hij van hen heeft opgepikt.

Dean «Ze noemden mij de kat omdat ik zoveel levens had – vandaar ook de titel van mijn boek, ‘Negen levens’.»

Hij was een jonge twintiger toen hij voor MI6 begon te spioneren. Hij had op dat moment al voor Al Qaeda gevochten. Hij werd geboren als jongste van zes jongens in een soennitisch gezin in Khobar, in Saudi-Arabië.

DEAN «Mijn vader was een zakenman. Hij kwam om bij een verkeersongeval toen ik 4 jaar oud was. Mijn moeder was een Libanese, en ze was haar leven lang verontwaardigd over de Israëlische bezetting van Zuid-Libanon (van 1982 tot 2000, red.). Als je dan geen politiek bewustzijn kweekt als kind, weet ik het niet meer.»

Toen hij 9 jaar was, gebruikte hij zijn fotografische geheugen om de Koran uit het hoofd te leren. Op zijn 11de mocht hij een handje helpen in een islamitische boekenwinkel, waar hij gretig alle lectuur verslond. Maar kort voor zijn 13de verjaardag stierf zijn moeder.

DEAN «Toen heb ik mijn moreel kompas verloren. Een oudere broer was in de jaren 80 bij de moedjahedien in Afghanistan gaan vechten tegen de Sovjet-Russische bezetters. Andere mensen naar wie ik opkeek, zoals mijn leraar wiskunde, gingen in Bosnië vechten toen daar in 1992 een burgeroorlog losbarstte. Op mijn 16de ging ik zelf naar de Balkan. Ik ontmoette er al snel blanke Amerikanen die zich tot de islam hadden bekeerd, Britten van Pakistaanse afkomst en veel Egyptenaren. Het was de islamitische versie van de Internationale Brigades, die in de jaren 30 in de Spaanse burgeroorlog hadden gevochten. Ik had geleerd hoe ik mortiergranaten moest afvuren en ik was zelfs bereid om als martelaar te sterven, maar wonderlijk genoeg heb ik die oorlog overleefd.»

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: