Alcohol: zegen of gevaar? Humo schenkt klare wijn

, door (tp)

46
alcohol 1200

'Het grote debat van hoge gisting'

Bij een fris alcoholvrij drankje brachten we epidemioloog Luc Bonneux, psychiater Frieda Matthys (VUB) en Marijs Geirnaert van het Vlaams expertisecentrum Alcohol en andere Drugs (VAD) rond de tafel. Samen scheiden ze alcoholisch feit van fictie. Maar eerst polsen we voorzichtig wanneer ze zelf nog eens iets stevigers hebben gedronken.

LUC BONNEUX «Gisteren een pilsje, het was voetbal (lacht). En een halve porto voor het slapengaan. Porto drink ik niet vaak, meestal houd ik het bij twee pilsjes of één zwaar bier. Twee eenheden, dus. Twee zware bieren is me te veel, twee pintjes en een kleine vodka kunnen dan weer wel. Wij hebben een Poolse poetsvrouw, die heel goede vodka meebrengt uit haar thuisland. Ik drink ook graag cognac, whisky heb ik nooit gelust.»

HUMO En u, mevrouw Matthys?

FRIEDA MATTHYS «Ik was gisteren jarig en ben uit eten gegaan: ik heb drie glazen wijn gedronken. Standaardglazen.»

MARIJS GEIRNAERT «Ik moet het hoofd pijnigen, ik denk dat ik zaterdag een biertje heb gedronken. (Bedenkt zich) Ah nee, dat was een alcoholvrije pils. Als ik frietjes eet, drink ik er graag een pintje bij, maar ik wilde een fris hoofd houden want ik moest nog veel doen.»

HUMO ‘Standaardglazen’ en ‘eenheden’ hoor ik. U telt uw consumpties?

BONNEUX «Ja, want ik heb al te veel ellende gezien. Ik heb bij de jeugdbeweging leren drinken. Ik had mijn drankverbruik in de hand, maar anderen heb ik daar alcoholist zien worden. Kerels van vijftien, zestien jaar die de dag begonnen met vijf, zes pinten. Erg getalenteerde jongens, maar ik heb sindsdien niets meer van hen vernomen.

»Ik tel dus, maar alleen per dag. De richtlijnen over het aantal glazen per week vind ik verwarrend. Twintig eenheden per week zijn oké, maar niet als je ze alle twintig op zaterdagavond naar binnen giet.»

HUMO Ik zie mevrouw Matthys bedenkelijk kijken.

BONNEUX (wuift) «Maak er vijftien eenheden van – voor alle zekerheid. Mijn punt is dat matig drinken niet het probleem is, maar bingedrinken wel. Alles boven de drie eenheden is een uitspatting. Dat mag al eens gebeuren, maar het mag geen gewoonte worden.

»Ik kan me zelfs niet herinneren wanneer ik voor het laatst dronken was. Dat moet van mijn studententijd geleden zijn. Ik ben sindsdien hoogstens nog eens tipsy geweest. Ik kan ook zeggen dat ik nooit dronken gereden heb.»

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: