Heleen Debruyne: 'Product van de evolutie'

, door (heleen debruyne)

Deel
xl

Dat schreef Joseph Roth in 1926. Het had net zo goed het aangeschoten gelal van een dertiger in een Gentse bar kunnen zijn, in 2018. Roth vertolkt de nog steeds nijpende angst dat kennis over wat ons drijft alle schoonheid verstikt. We weten het nochtans goed genoeg: we zijn een zak vol bloed en botten en andere vochtige, flubberende substanties, aangevuurd door hormonen. We neuken omdat we een product van de evolutie zijn. Maar dat horen we niet graag, dat is te deterministisch. Liever verzinnen we metaforen om te ontsnappen aan onze nietigheid.

Roth pende zijn verzuchting neer in 1926. Hij maakte toen een rondreis door de nog jonge Sovjet-Unie. Zoals wel meer progressieve joden zag hij wel wat in het Sovjet-experiment. Tot hij er eenmaal was. Hij zag kleinzielig gekonkelfoes, een nieuwe klasse van rijken, verstikkende censuur – zijn reportages uit die periode zijn nu vertaald en verzameld in ‘Spoken in Moskou’.

‘Ik raak er steeds meer van overtuigd dat Marx verschillende uiterst belangrijke factoren gewoon is vergeten mee te rekenen,’ schreef hij. Op die rondreis kon Roth niet naast de Russische vrouw kijken. In 1926 hadden vrouwen bij ons niet eens stemrecht. In de Sovjet-Unie mochten ze stemmen, werken, kregen ze hun ontslag niet omdat ze zwanger werden, waren er crèches en konden ze scheiden. Die vrouwvriendelijke wetten in de Sovjet-Unie waren er niet uit zuiver idealisme gekomen: de economie van de nieuwe staat kon het zweet van de arbeidsvrouwen maar al te goed gebruiken.

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: