Lieve Joris over haar drugsverslaafde broer: 'Fonny heeft ervoor gezorgd dat mijn instinct voor gevaar goed ontwikkeld is.'

, door (ms)

89

'Toen mijn vader weer eens zei dat ik Fonny moest helpen, antwoordde ik: 'Dat is mijn broer niet meer, dat is een chemische fabriek!''

Of ze nu in Congo, Mali of Syrië was, waar ze haar bejubelde boeken schreef, Lieve Joris (65) maakte er nooit een geheim van waar ze vandaan kwam: een witte villa op een grote lap grond bij het kanaal in Neerpelt. We wandelen op een warme augustusdag in het arcadia van haar jeugd. Inmiddels blijkt het arcadia verkaveld in zes loten. Haar ouders zijn dood: haar vader, een belastingontvanger, stierf in 2008, en haar moeder, een molenaarsdochter, in 2003. Van het nest van negen kinderen resten er nog zeven, over de wereld uitgezwermd. Zus Hilde, met het syndroom van Down, stierf in 2014, en in 1998 broer Fonny.

LIEVE JORIS «Op 4 januari 2016 hebben we in ons huis in Amsterdam een gigantische tas naar beneden gehaald: allemaal spullen, ook van Fonny, die ik uit het ouderlijk huis had meegenomen. Ik maakte plaats in mijn werkkamer en begon alles door te nemen. In juni van datzelfde jaar zat ik al te schrijven. ‘Hoe kan dat?’ zei Marek (haar Poolse vriend, red.). ‘Je bent toch nog niet klaar met de research?’ Dat was ook zo, maar ik wilde weten of ik dat verhaal, die kleine oorlog in mijn eigen familie, wel kón opschrijven. Ik heb altijd geroepen dat je schaamte moet overwinnen door stijl, maar het moet je dan nog lukken ook. Misschien werd ik er te somber van, of werd het te sentimenteel van toon.

»Bij momenten ben ik tijdens het schrijven heel verdrietig geweest, maar ik heb het nooit opgegeven. Het verhaal trok me niet echt naar beneden. Ik ben helemaal van de familie Joris, geen twijfel; maar tegelijk ben ik ook een buitenstaander. Ik was het vijfde kind, en ik ben deels opgevoed door mijn bomma van vaders kant. Ze woonde in een huis tegenover dat van mijn ouders. Aan haar boogvormige raam zat ik vaak naar het ouderlijk huis te kijken.»

HUMO En dus ook naar Fonny, de opmerkelijkste uit dat grote nest.

JORIS «Een jongen met streken, zo zegt mijn oudste zus het, en dat zagen we allemaal wel. Een knappe jongen, getalenteerd, inventief, hyper-actief. Hij wist mensen aan te trekken, en hij wist ze ook te manipuleren.»

HUMO Op zijn 14de hield hij de school voor bekeken, uit instellingen liep hij weg. Een onhandelbare jongen?

JORIS «Hij was de jongen die in de processie zijn voorganger met een olielamp op het hoofd sloeg, die op zijn 14de onze auto perte totale reed. Mijn vader had geen greep op hem. Hij was een wat melancholieke, niet erg daadkrachtige man, een enige zoon die als baby zijn vader had verloren, en die was opgegroeid met een sombere moeder.

»Mijn ouders hebben wel hulp gezocht voor hun lastige zoon, maar dat leverde weinig op. Het kon ook moeilijk lukken met al die broers en zussen om hem heen, die allemaal om aandacht vroegen. Als er weer eens een kindje bij kwam, verstoorde Fonny de gewone gang van zaken.»

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: