Heleen Debruyne: 'Kwijler op de bank'

, door (heleen debruyne)

10
kwijler 1200

 Ik zet koffie, alleen voor mij – ik ken zijn gewoontes, ik weet dat hij nog minstens vier uur zal liggen te kwijlen, of erger nog: snurken. Vroeger werd ik daar gek van, schudde ik hem te hard uit de slaap. Nu sluip ik zonder schoenen langs de bank en probeer ik niet met de kopjes te rammelen.

Vroeger waren we jong en dom. Er sneuvelde servies, ik liep een keer brullend achter hem aan, zwaaiend met een kapotte paraplu. Hij speelde ergerlijk vaak dat hij de situatie onder controle had, innerlijk kokend. We wisten niet waarmee we bezig waren. Nu lachen we samen om wie we ooit waren, we toasten op wat we leerden. We gunnen elkaar dat we het nu veel beter doen, met anderen.

Een andere geliefde van vroeger heeft me verbannen. Als ik niet ván hem kan zijn, wil hij niets meer van me, zegt hij. ‘Misschien vond ik alleen maar het idee van jou leuk,’ trapt hij na. Hij kent mijn gevoeligheden te goed. Dat vindt mijn ego de ultieme belediging: ‘Als je mijn bezit niet meer bent, vind ik je niet meer boeiend.’ Nog een andere ex weet niet hoe snel ze moet wegkijken wanneer ze me ziet verschijnen. Ze slaagt erin om zelfs een beleefdheidsgroet wrokkig te laten klinken. ‘Je weet goed genoeg wat je verkeerd hebt gedaan,’ was haar laatste verwijt. Ik blijf verward achter.

Zoek meer artikels over: ,

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: