Uit de platenkast van Mauro: 'We Can't Be Stopped' van Geto Boys (1991)

, door (mauro)

Deel
Uit de platenkast van Mauro: 'Mauro Pawlowski'

Bij achtergestelde bevolkingsgroepen merk je dikwijls dat ze met weinig middelen verbluffende muzikale prestaties weten af te leveren. Zoals een Romazigeuner met zijn aftandse accordeon op straat weleens waanzinnig virtuoos kan uitpakken, alsof het niks kost. Of neem de strak swingende Braziliaanse drumfanfares uit de favelas: die zijn niet zomaar na te doen, hoor. Nee, zelfs niet na een workshop wereldmuziek in je plaatselijke cultureel centrum. Probeer het maar eens. Wel, daarom was hiphop vanaf dag één absoluut een zegen voor de popmuziek. Geen instrumenten bij de hand, enkel wat platenspelers en een micro. En plan trekken maar. Sinds het prille begin heeft het genre dan ook geen dag stilgestaan. Vernieuwing en een eigen stijl hoorden er gewoon altijd bij als statussymbool, als erekwestie zelfs, en dat alles volledig complexloos. Van Afrika Bambaataa via productieteam The Bomb Squad naar Timbaland tot de laatste Cardi B deze week. Jezusmariajozef, haar nieuwste single ‘Money’ is bijna ondraaglijk perfect. En het houdt niet op, gelukkig maar. Bij het opruimen van mijn kelder vond ik onlangs weer een vergeten doos cd’s terug, waartussen ‘We Can’t Be Stopped’ van Geto Boys. Een 27 jaar oude plaat, zowat een volledige geologische tijdschaal in hiphopjaren dus. Maar wel nog altijd totaal de moeite om eens terug te horen. Old school gangsta rap waarvan de ruimdenkende middenklasse schaamrode oortjes krijgt. Op de hoesfoto: Geto Boy Bushwick Bill poserend op een ziekenhuisbed nadat hij even ervoor een kogel door zijn oog geschoten kreeg. Tja, hoe gaan die dingen soms, hè.

Humo 4085/51 18 december 2018

Dit artikel verscheen in:

HUMO van dinsdag 18 december 2018

Lees alle reportages

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: