Dwarskijker over 'The Cleaners', 'Facebook en ik' en 'De wereld rond met 80-jarigen': Algoritmisch handen wassen in onschuld

, door (rv)

Deel

The Cleaners

Canvas – 27 januari – 63.755 kijkers

Facebook en ik

Canvas – 28 januari – 179.845 kijkers

Waarom zou Facebook in de Heerlijke Nieuwste Wereld het beste met ons voorhebben? Toch niet omdat het een wereldomvattend controleapparaat is? Toch niet omdat dit manipulatieve internetfenomeen altijd al zijn voordeel heeft gedaan met privégegevens, daardoor de wereld naar zijn hand zet en intussen zijn verantwoordelijkheid ontloopt door zich achter de werking van onschuldige algoritmes te verbergen? Algoritmes die, amoreel en wel, het beste met ons voor zouden hebben.

In de navrante documentaire ‘The Cleaners’ zei de New Yorkse vastgoedboer Trump in zijn twijfelachtige hoedanigheid van president van de VS: ‘Zonder sociale media zou ik hier niet gestaan hebben.’ Voor één keer, tegen zijn gewoonte in, vergreep hij zich niet aan de feiten, die in de analoge tijd nog simpelweg heilig plachten te zijn. Ik herinner me levendig dat ‘alternatieve feiten’ nog niet eens zó lang geleden gewoon leugens waren. Zo ver ben ik al heen.

‘The Cleaners’ draaide om schoonmakers van het internet die Facebook en Google moeten zuiveren van bijvoorbeeld kinderporno, terroristische propaganda, en beelden en geluiden die op cyberpesten wijzen. We zagen zulke content moderators aan het werk op de Filipijnen. Ze staarden dof naar de beeldenstroom die op een computerscherm aan hen voorbijtrok en prevelden ‘negeren’ of ‘wissen’: hun robotachtige mantra. Op de Filipijnen is het niet pluis, ook wel omdat de onprettig gestoorde autocraat Rodrigo Duterte er de plak voert, een schurk die geen bezwaren heeft tegen Hitler. In de omgeving van het internetschoonmaakbedrijf was er vooral vraag naar afvalrapers op vuilnisbelten, zodat werken bij de reinigingsdienst van het internet zo kwaad nog niet lijkt. De content moderators moeten nu eens misselijkmakende kinderporno aanzien, dan weer religieus getinte onthoofdingen en tussendoor een stuk of wat publieke zelfmoorden: méér rottigheid dan een beetje mens geestelijk kan verstouwen. Een onthoofding met een bot keukenmes duurt wel een volle minuut, leerden we. De eigentijdse hondenbaan van internetschoonmakers leidde weleens tot zelfdoding, ook al omdat zij nauwelijks psychologisch werden begeleid. Wat op hun netvlies gebrand stond, stond er vaak voor het leven. Google en Facebook wezen alle verantwoordelijkheid af, want zij betaalden de schoonmakers niet rechtstreeks. Zulke personeelszaken hadden ze namelijk wijselijk, of gewiekst, uitbesteed aan een Filipijnse firma. De rest is algoritmisch handen wassen in onschuld.

De internetschoonmakers hielden zich aan een aantal basisregels die ze veeleer naar eigen goeddunken interpreteerden, ieder volgens zijn persoonlijke achtergrond, die op de Filipijnen doorgaans net iets te katholiek is om er de hemel mee te verdienen. Een satirisch schilderij dat ten voeten uit de naakte en opvallend kleingeschapen Trump voorstelde, werd prompt gecensureerd: ‘Het kleineert president Trump,’ zei de schoonmaker met dienst, ‘delete’. ‘The Cleaners’ ging dan ook over politieke beïnvloeding door middel van sociale media, en over de democratie, die daar nu al flink onder te lijden had. Een kwalijk algoritmisch samenspel van gewiekste politieke manipulatie en censuur ondergraaft beetje bij beetje de vrijheid van meningsuiting, want wat je volgens je dataprofiel niet wilt vernemen in de sociale media, kom je ook niet meer te weten. Vaarwel l’esprit de contradiction, maar dan uitgesproken met een Californische twang. David Kaye, de speciale VN-rapporteur voor vrijheid van meningsuiting, voorzag dat provocatieve en scherpgerande informatie weldra niet meer te vinden zal zijn op het internet. ‘En dat zal ons vermogen om kritisch te denken aantasten.’ Nu blij?

Wantrouwen jegens sociale media is geboden, en wellicht de aangewezen grondhouding voor de gebruiker. Daar is Tim Verheyden, naar ‘Facebook en ik’ te oordelen, ook al achtergekomen, maar hij wilde zijn bange vermoeden nog even hardmaken in een driedelig tv-programma. Het bracht hem naar Silicon Valley, waar de Heerlijke Nieuwste Wereld zijn oorsprong vond. Ter hoogte van Menlo Park werd hem beleefd de toegang tot het hoofdkwartier van Facebook ontzegd. Hij werd doorverwezen naar de publieke ruimte, waar hij bijvoorbeeld de interfacedesigner Aza Raskin ontmoette, de man die de infinite scroll heeft uitgevonden, waardoor je net zo lang kunt door-scrollen tot je van je ruggengraat loskomt. Hij leek er intussen spijt van te hebben dat hij ‘miljoenen mensen dat stukje software had toegestopt’ en liet zich liever met de echte wereld en met echte menselijke interactie in dan dat hij het leven op een reeks schermen aan zich voorbij zag gaan. Tim Verheyden onderhield zich ook even met Jaron Lanier, een pionier inzake toepassingen van virtual reality en de auteur van het aanbevelenswaardige boek ‘Tien argumenten om je sociale media-accounts nu meteen te verwijderen.’ Hij vindt dat de mens in deze tijd maar beter een voorbeeld kan nemen aan de kat: een dier dat zich aan de hoogtechnologische wereld heeft aangepast maar toch nooit helemaal gedomesticeerd is. Over die interessante man had ik graag een heel tv-programma gezien. Dat hij mij aan Denzil Dexter deed denken, de maffe Californische wetenschapper uit ‘The Fast Show’, is bijzaak maar evengoed een aangename bijkomstigheid. Arbeidsvreugde schep je zelf.

In ‘Facebook en ik’ voltrok zich een veelzeggend experiment: een marketeer, die zich ter beïnvloeding van de consument van sociale media bediende, zorgde er vanuit zijn kantoor in Herentals voor dat de verkoop van pastinaak in een aantal Eeklose warenhuizen de hoogte in schoot. Dit staaltje van zogenoemde targeting gaf uiteraard te denken: als je het succes van de pastinaak sluipenderwijs in de hand kunt werken, kun je evengoed de verbreiding van politieke ideeën bevorderen, tot ver buiten Eeklo zelfs. ‘Kan het kwaad dat Facebook zoveel van me weet?’ vroeg Tim Verheyden aan het begin van ‘Facebook en ik’. Die vraag was me dunkt al beantwoord vóór het programma begon. Intussen kan privacy nooit meer betekenen wat het ooit betekend heeft.

Toen Facebook nog niet eens opgang had gemaakt, zag Mark Zuckerberg al perspectief in de persoonlijke gegevens die gebruikers hem nietsvermoedend toespeelden. We kregen een oude geluidsopname te horen waarop deze whizzkid, die het beste met ons voorheeft, over gebruikers van zijn socialenetwerksite zei: ‘They trust me, dumb fucks.’

Tim Verheyden maakte van dit programma ook gebruik om iets te doen aan zijn zogenaamde verslaving aan sociale media, die hem twee uur en 47 minuten per dag kost. Terwijl hij zijn vermoedelijke dwanggedrag door enkele bevoegde professoren liet testen, en daar zo nu en dan zorgelijk bij keek, dacht ik alleen maar: ‘Even flink zijn, het is godbetert geen crackverslaving.’ Ik ben al bij al te eenzelvig om vatbaar te zijn voor sociale media. Toen mijn ingebeelde vriend me ontvriendde, was de maat vol. Even ernstig nu, om het af te leren: met plezier verlies ik mijn smartphone uit het oog. Ik keek er al nauwelijks naar om toen ik nog toestond dat die trawant van wereldomspannende concerns zielige meldingsgeluidjes voortbracht. Wellicht heb ik wat de hang naar sociale media betreft makkelijker praten dan Tim Verheyden, en daar ben ik in deze Heerlijke Nieuwste Wereld maar wat blij om. Vrijheid zal ook wel een mate van onbereikbaarheid en anonimiteit zijn. En een mooie illusie.

Voorts weten ze bij Facebook allang dat ik niet zo happig ben op pastinaak.

De wereld rond met 80-jarigen

VTM – 31 januari – 705.269 kijkers

Begrijpelijk dat de commerciële televisie inspeelt op de vergrijzing, maar tv-programma’s waarin bejaarden zich in drom voordoen, beuren mij niet bepaald op nu mijn zoveelste verjaardag in galop nadert. Als teenager op jaren ben ik een warme voorstander van gemengde gezelschappen, mensen van alle leeftijden en kunnen. Mijn ideaalbeeld is een extended family die zich, verrijkt met vrienden, op een zomeravond in één of ander Toscane om de dis schaart en haast simultaan denkt: ‘Dit kan de hemel moeilijk overtreffen.’ Toch jammer dat ik ideaalbeelden dadelijk wantrouw en vervolgens in de prullenmand mik, waarin ik de hemel al eerder had gedeponeerd. We hebben hier te maken met een spijtige karaktertrek waarmee therapeuten geen raad weten. Gewone duivelbezweerders ook niet, overigens.

Maar waar waren we in godsnaam gebleven? O ja, onlangs ging ik even zitten voor ‘De wereld rond met 80-jarigen’, een programma waarin onbereisde mensen die de leeftijd der zeer sterken hebben bereikt, op de vleugels van VTM een wereldreis maken. Te land, ter zee en in de lucht houden Olga Leyers en Sieg De Doncker hen daarbij gezelschap.

Die ongetwijfeld zorgvuldig geselecteerde bejaarden, mensen van vóór de multiculturele samenleving, waren heel anders dan wat een camera die rondblikt in het gemiddelde bejaardentehuis te zien zou geven. Ze waren zo gezond mogelijk, goed ter been, goed bij hun hoofd, mededeelzaam, goedlachs, joyeus, meteen bereid om het gezellig te maken met elkaar, en ook van top tot teen op nieuwe belevenissen ingesteld. Modelbejaarden, zou je kunnen zeggen, als je niet zo’n zwijger was. Niemand leek spoedig te zullen omvallen, zodat de meereizende esculaap er enigszins ontspannen bij kon lopen. De makers van programma’s die om groepsdynamica draaien, laten zelden na om de groep met een lastpost (m/v) op te zadelen, een karaktermens die de boel dan enigszins versjteert. Zo’n welgekozen klier kon ik na de eerste aflevering nog niet aanwijzen. Nog even geduld dus.

De reis leidde om te beginnen naar Dallas, Texas, en het van cowboys, paarden en runderen vergeven platteland eromheen. Terwijl de bejaarden zich in Dallas aan de duizelingwekkende hoogbouw vergaapten, dachten sommigen van hen meteen aan de bouwvakkers die met gevaar voor eigen leven die torengebouwen hadden opgetrokken. Dat was een mooie reflex. Het reisgezelschap behoorde ook nog tot een generatie die bij de eerste aanblik van een hotelkamer al van ‘luxe’ gewaagt.

Als die bejaarden zich niet vergaapten, dan geloofden ze hun ogen niet: op de plek waar JFK werd vermoord, op een ranch, en op de set van ‘Dallas’. Elise (84), die vrachtwagenchauffeuse was geweest, kwam haast niet meer bij van geluk toen ze met een monstertruck mocht rijden. In elke aflevering van ‘De wereld rond met 80-jarigen’ wordt een reisgenoot of reisgenote op maat verrast – vooralsnog twee r’en.

Tussendoor kregen we even summiere als vluchtige biografische schetsjes te zien. Vital (82) omarmde pas na de dood van zijn vrouw zijn ware aard: de Griekse beginselen. Daar zal wel een hoop ellende aan vooraf zijn gegaan, maar dat moet in het beste geval nog blijken. Mariette (79) verzekerde Vital ‘dat homo’s zo’n toffe mensen zijn’. Je hoort het vaker. Ze was goed ingevoerd in die materie, want ze kende iemand wier zoon ook homo was. Daar had Vital vast niet van terug.

Anders dan het immer ginnegappende trio dat ‘Hotel Römantiek’ leidt, zwelgen Olga Leyers en Sieg De Doncker niet in ironie. Ze spelen meer voor aanhankelijke kleindochter en -zoon, denk ik, zodat ‘De wereld rond met 80-jarigen’ vooral een vriendelijke indruk op me maakt. Dat ik daar gevoelig voor blijk te zijn, is mogelijk een ouderdomsverschijnsel. Forever young, hoor!

Rudy Vandendaele

Humo 4092/06 van 5 februari 2019

Dit artikel verscheen in:

HUMO van dinsdag 5 februari 2019

Lees alle reportages

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: