Heleen Debruyne: 'Ik ben niet psychotisch, lesbienne noch non geworden en toch is mijn haar kort'

, door (hd)

22
vrouwentongen 1200

‘O, help! Waar zijn je krullen heen?’

‘Hm. Ah, ja. Haar groeit.’

En de zuinigste afkeuring: ‘Oei.’

Ik wilde de wind om mijn hoofd voelen, ik was benieuwd naar hoe mijn gezicht er zonder gordijn uitziet, ik was de constante strijd tegen de beginnende dreadlock beu. Ik moest even wennen, maar was tevreden met het resultaat. Een kapselkeuze is een esthetische, persoonlijke kwestie. Veel te banaal om lang over te praten, en het behoeft zeker geen verantwoording. Dacht ik. Bij het vierde bezorgde bericht over mijn mentale toestand besefte ik dat ik me lelijk vergist had. Bij de tiende ‘O jee! Wat een verandering!’ begon ik te vrezen dat mijn naakte gezicht angstaanjagend is.

Mijn ervaring blijkt allesbehalve uniek. Haar is nooit zomaar haar, zegt sociologe Rose Weitz. Logisch: we hebben het allemaal, het groeit op een zichtbare plek en we kunnen het bewerken. Kapsels zeggen altijd iets over klasse, gender, religie, gezondheid of ras. Slaven hadden kroeshaar, rijke dames uitbundige kapsels. Boeddhistische nonnen zijn kaal. Hardrockers dragen hun haar lang, bedrijfsjuristen hebben keurige kopjes. Mentaal wankele vrouwen scheren hun hoofd in een aanval van zelfhaat. Lesbiennes zijn gekortwiekt. Aantrekkelijke vrouwen hebben lang haar. Oudere vrouwen die hun haar niet verven, laten zich lelijk gaan.

Tegelijk biedt je kapsel je een kans om een identiteit uit te dragen. Ook arme mensen sparen liever voor kappersbezoeken dan zelf met de schaar aan de slag te gaan. Rose Weitz heeft kort, ongeverfd haar. Ze signaleert dus dat ze lak heeft aan het typische vrouwbeeld en dat ze zich niet schaamt voor het verouderingsproces. Wie zoals zij die bekende haarhokjes wil verlaten, moet zich verantwoorden – vrouwen vaker dan mannen, stelt Weitz vast.

Ik ben niet psychotisch, lesbienne noch non geworden en toch is mijn haar kort. Dat is verwarrend genoeg om er voortdurend op aangesproken te worden. ‘Had je kunnen weten,’ zei een man me. ‘Het is gewoon een evolutionair feit: mannen willen zich voortplanten met langharige vrouwen. Dat is een duidelijk signaal van vrouwelijke gezondheid en vruchtbaarheid.’

Is dat zo? Onderzoeken spreken elkaar tegen of lang haar bij vrouwen al dan niet met aantrekkelijkheid te maken heeft. Volgens het ene onderzoek vinden mannen vrouwen met lang haar inderdaad mooier, terwijl proefpersonen in een ander onderzoek kortharige vrouwen er vruchtbaarder vonden uitzien. En vrouwen met mooie gezichten werden ook zonder lang haar mooi gevonden.

Als dat evolutionaire argument klopt, waarom zouden alleen mannen hun partners daarop selecteren? Zowel mannen als vrouwen hebben hoofdhaar dat kan groeien. Waarom is lang mannenhaar nu niet meer in de mode? (Ik laat de goddank bijna vergeten man bun even buiten beschouwing.) In de tijd van Lodewijk XIV paradeerden mannen wel nog met weelderige pruikwerken. In de middeleeuwen duidden lange mannenlokken op een hoge status. Het doet vermoeden dat cultuur en mode minstens een even grote rol spelen als biologie.

Al die laagjes betekenis op mijn hoofd hebben wel een prettig neveneffect: geen enkele man roept me nog na op straat.

Humo 4096/10 van 5 maart 2019

Dit artikel verscheen in:

HUMO van dinsdag 5 maart

Lees alle reportages

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: