Het eresaluut van Guy Mortier: 'Rudy, bedankt voor alles'

, door (gm)

305
rv 1200

Ineens nam een golf van weemoed, snel aanzwellend tot treurnis, bezit van mij, zij het getemperd door de vreugdedansjes waartoe zijn geestige observaties, in dat briljante Nederlands, mijn hersens alweer hadden aangepord.

Bij die verschillende door mij heen trekkende en om de overhand vechtende emoties voegde zich, naast een kortstondig gevoel van totale verlatenheid, algauw ook een opstoot van diepe dankbaarheid om al wat deze geniale mens zoveel decennia lang voor moois voor Humo heeft gedaan. Een zich alsnog aandienende siddering van angst om hoe het nu verder moet, kon er niet meer bij: ik zat vol.

Rudy heeft, in tegenstelling tot vele anderen, merk ik, altijd de grote woorden geschuwd. Hij had ze ook niet nodig. Hij beheerste (ik bedoel natuurlijk: beheerst) het Nederlands tot in zijn uiterste schakeringen, bespeelde het als geen ander en voegde er voortdurend nog zijn eigen nieuwe akkoorden aan toe. De humor die daar bijna vanzelfsprekend uit opvonkte, was volstrekt uniek, zijn rake typeringen van avond aan avond het scherm bezettende blaaskaken, volksverlakkers en andere patjepeeërs waren telkens weer een verademing voor al wie ze, van op de huiselijke sofa, knarsetandend en met gebalde vuisten had moeten ondergaan.

En altijd vanuit een totale integriteit, en de weigering zich neer te leggen bij de alom ingezette en steeds vaker geaccepteerde, lijkt het wel, neergang van vele waarden.

Rudy was (is) één van de geestigste mensen die ik ooit heb gekend. Hij kon perfect mensen, accenten en types imiteren, en als hij de geest kreeg en met die schelmachtige grijns (een goed glas en goed gezelschap hielpen) op dreef kwam, was het vaak letterlijk brullen tot over de grond rollen van het lachen geblazen. Hij zou een sieraad voor elk praatprogramma (en meer) zijn geweest, maar heeft elke vraag om op televisie te komen altijd categorisch geweigerd – het kwam gewoon niet in hem op. Niet alleen omdat hij als Dwarskijker voldoende afstand wilde houden van zijn mogelijke onderwerpen, ook de ijdelheid ontbrak hem totaal. U mag hier even over nadenken.

De nonchalante virtuositeit die Rudy in zijn teksten etaleerde, zou kunnen suggereren dat het allemaal vanzelf ging; dat deed het níét. Hij werkte juist keihard, al die jaren bij Humo, met volle hartstocht en overgave, tot elke zin en elk woord in elk van zijn stukken juist zat. Hij vond, vanuit zijn grote verantwoordelijkheidsgevoel en zijn hang naar perfectie, nu eenmaal dat dat zo hoorde. Dat hij de laatste jaren steeds vaker met somberte kampte en tijdelijk zelfs even met Dwarskijker stopte, omdat de druk die hij zichzelf oplegde te groot was geworden, was niet voor niets. Ik vind een mail uit 2011 terug die ik hem stuurde toen hij, oh happy day, terugkeerde:

Klaroengeschal trok door de Zuid-Franse bergen toen ik gisteren de nieuwe Humo binnenkreeg en je Dwarskijker tot mij nam.

O, vreugde! En meteen op je allerbeste niveau, en meteen weer het allerbeste wat Humo te bieden heeft.

Lichtpunt in donkere tijden.

Buiten het zicht van de buren een stille horlepiep dansend,

Guy

Ik hoop je die mail over enkele maanden nog eens te kunnen sturen, Rudy, al moet ik er opnieuw voor op die verrekte Zuid-Franse berg gaan zitten. Schrijven is je levensadem, en Humo is je huis. Maar bovenal: bedankt voor alles.

Guy Mortier

 

Ondertussen ook veel verdriet op Twitter:

Humo 4097/11 van 12 maart 2019

Dit artikel verscheen in:

HUMO van dinsdag 12 maart

Lees alle reportages

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: