Terug na bijna 70 jaar weggeweest de Dikke (John C. Reilly) en de Dunne (Steve Coogan)

, door (es)

33

(Bekijk onderaan dit artikel de trailer van 'Stan & Ollie')

Laurel en Hardy beleefden hun hoogdagen in de jaren 30, toen ze met hun komische gestuntel in films als ‘Sons of the Desert’, ‘Way out West’ en het briljante ‘The Music Box’ wereldwijd miljoenen mensen aan het gieren brachten. Vanaf 1945 begon hun werk een beetje aan kwaliteit in te boeten, en in 1951 maakten ze hun allerlaatste langspeelfilm, het roemloos geflopte ‘Atoll K’. In 1954 vertrokken de twee weggedeemsterde komieken uit geldgebrek op tournee door Groot-Brittannië, waar ze in piepkleine variétézaaltjes hun sketches opvoerden. En het is die zwanenzang die het onderwerp vormt van het even hilarische als weemoedige ‘Stan & Ollie’. Straks gaan we praten met de fenomenale hoofdacteurs, maar eerst vragen we aan de Schotse regisseur Jon S. Baird of hij, net als wij, al van kinds af een fan is van Laurel en Hardy.

Jon S. Baird «Reken maar! Toen ik een jaar of 8 was, deed ik mee aan de jaarlijkse verkleedwedstrijd op school. Ik was uitgedost als Stan Laurel, en een vriendje als Ollie. We eindigden tweede: daar bestaan foto’s van (lacht). Ik hield toen al ontzettend veel van hen, en die liefde is nooit overgegaan. Laurel en Hardy brengen me altijd weer aan het schateren, maar tegelijk zit er een soort tederheid in hen die ik ongelooflijk ontroerend vind. De meeste komieken uit de jaren 30 en 40 komen vandaag gedateerd over, maar Stan en Ollie niet. Mijn eigen dochter is nu 8 jaar, en ook zij is helemaal gek van hen. Toen ik de kans kreeg om deze film te regisseren, ben ik er dus als een gek bovenop gesprongen.

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: