Heleen Debruyne: 'Victorianen geloofden dat besnijdenis kon helpen tegen masturberen. Al dat besnijden haalde niets uit: mannen bleven driftig rukken'

, door (hdb)

19
heleen d

Ik herinner me nog de ex die vreselijk in de knoop lag met zijn gehavende lid. Het internet is bevolkt met mannen die zijn gevoelens van verwarring en verlies delen. Andere besneden mannen beweren dan weer best blij te zijn met hun opgeschoonde lid – goed voor hen, ik wil hun zeker geen complex aanpraten. Maar de huid die wordt verwijderd, is wel enorm bezenuwd. Onvermijdelijk verandert de gevoeligheid voor aanraking. Ook de mechanica van hoe een besneden penis penetreert, zou lichtjes anders zijn en dus anders aanvoelen voor de partner. Besneden penissen zouden dan wel weer gevoeliger worden voor druk. Andere studies zeggen dan weer dat er niets aan de hand is. Opvallend: of de onderzoeker zélf besneden is, bepaalt zijn positie in het debat.

‘Commentaar op mannenbesnijdenis is ook maar een stok om de moslims weer mee te slaan,’ hoor ik ook. De ex raakte zijn voorhuid kwijt op zijn achtste, niet aan een moslim maar aan een overijverige dokter. Zijn voorhuidje zat toen te strak en deed pijn bij het plassen. Zo’n aangeboren voorhuidsvernauwing, of fimosis, is erg courant. Het probleem kan opgelost worden met een klein, elegant knipje. Maar te veel, en steeds meer dokters snijden ineens maar de hele voorhuid weg. In de Verenigde Staten is 80 procent van de mannen besneden, niet om religieuze redenen, maar omdat het onder dokters de gewoonte is. De Amerikaanse vereniging voor kinderartsen raadt de procedure zelfs aan, uit hygiënische overwegingen en omdat het tegen soa’s zou beschermen. Dat hygiënisch argument is belachelijk – propere penissen zijn gewassen penissen. En dat besnijdenis zou beschermen tegen soa’s, wordt ondertussen gecontesteerd.

Dat Amerikaanse voorhuidjes er zo massaal aan moeten geloven, heeft dan ook niets met goede wetenschap maar alles met een paar victorianen te maken. Veel 19de-eeuwse artsen geloofden dat allerlei gezondheidsproblemen te wijten waren aan wat we allemaal graag doen: masturberen. Het verwijderen van de voorhuid, geloofden ze, kon helpen. Al dat besnijden haalde natuurlijk niets uit: mannen bleven driftig rukken. Maar besnijdenis raakte wel geassocieerd met reinheid. Het werd een niet uit te roeien gewoonte. En ja, inderdaad, joodse en islamitische voorhuiden moeten er ook aan geloven, om religieuze redenen. Al staat het niet expliciet in de Koran, maar in andere, jongere religieuze teksten wordt de praktijk aangeraden of zelfs verplicht, afhankelijk van de interpretatie.

Er wordt gesneden omdat het moet van hierboven, vanwege vage ouderwetse ideeën over reinheid, of omdat de dokter graag een centje bijverdient aan een nodeloze operatie – maar de ethische bezwaren zijn precies dezelfde. Het gaat om de fysieke integriteit van kinderen die zonder hun inspraak wordt aangetast. Met mogelijk onprettige gevolgen voor de latere seksualiteitsbeleving. We roepen om dezelfde redenen – terecht – moord en brand als het over vrouwenbesnijdenis gaat. Daarom verbaast het me dat niemand politieke actie voert voor die verloren stukjes mannenvel.

Humo 4100/14 van 2 april 2019

Dit artikel verscheen in:

HUMO van dinsdag 2 april 2019

Lees alle reportages

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: