Herman Brusselmans: 'Vrouwen kunnen niet voetballen, en daar valt verder niks over te zeiken'

, door (hb)

682
brussel 1200

'Jongens toch, ik sta op de tafel te dansen van puur jolijt als ik naar de mokkels met rugnummers kijk'

Nou, als je het als team zo ver laat komen dat je met 10-0 achterkomt, dan verdien je niets anders dan hoon, spot en uitlacherij bij 11-0, 12-0, en 13-0. De kwestie is dat het Thaise elftal simpelweg niet aanwezig had moeten zijn op het WK vrouwenvoetbal. Die Thaise sukkels hadden thuis moeten blijven, in het verre Thailand, om voor hun man thee te zetten en bamboescheuten te kokerellen.

Nog meer is de kwestie dat het hele WK vrouwenvoetbal simpelweg niet had moeten doorgaan. Vrouwen kunnen niet voetballen, en daar valt verder niks over te zeiken. Iedere voetbalkundige handeling, van inworp tot achteruitspeelbal tot koppen tegen de deklat, helpen ze naar de vaantjes. Kijken naar een vrouwenvoetbalwedstrijd is vervelender dan het lezen van meer dan één bladzijde in het nieuwe boek van Dimitri Verhulst. Dat wil niet zeggen dat je je als man niet amuseert met het kijken naar een wedstrijd van de wijfies. Amuseren? Je rolt over de vloer, je breekt een rib, je slaat je op de dijen. Werkelijk alles gaat mis in een vrouwenwedstrijd. Van een hoge bal hebben ze nog nooit gehoord, een dubbelpass is een compleet raadsel voor hen, een schot naar de winkelhaak is moeilijker dan een trui breien, en je mag al blij zijn dat het veld niet vol bloedsporen ligt van degenen die per ongeluk hun maandstonden krijgen tijdens de eerste vijf minuten van de wedstrijd. Jongens toch, ik sta op de tafel te dansen van puur jolijt als ik naar de mokkels met rugnummers kijk.

M’n vriendin, die semifeministe is, zei op een keer tegen mij: ‘Hoe komt het in godsnaam dat bij ploegen als Anderlecht, Manchester of Barcelona geen enkele vrouw speelt?’ ‘Wel baby,’ zei ik, ‘dat gebeurt om dezelfde reden als dat er geen enkele vrouw speelt bij Sporting Lokeren, Hoger Op Kalken, of FC De Toogzuipers, en dat gebeurt dan weer omdat geen enkele voetballende vrouw het waard is om al was het maar de schoenveters van de reserverechtsback van FC De Toogzuipers vast te knopen.’ Daar werd m’n baby behoorlijk pissig om, en ze zei: ‘Bedoel jij werkelijk dat er op de hele wereld geen enkele vrouw rondloopt die beter kan voetballen dan om het even welke slecht voetballende man?’ Ik begaf me op glad ijs, en ik zei: ‘Dat klopt, baby.’ Toen waren de rapen gaar, en kregen we een serieuze ruzie, met het semifeminisme als vertrek- en eindpunt.

De ruzie hield op, toen we van het bakkeleien allebei redelijk geil werden, en wat later lagen te rollebollen als gekken, waarbij ik, vanuit semifeministisch oogpunt, m’n vriendin zeven orgasmes bezorgde en zij mij, eveneens vanuit dat oogpunt, eentje, maar dan wel eentje dat kon tellen, in die zin dat ik ongeveer tot aan het plafond schoot, wat nogal kras is voor een 61-jarige. Eigenlijk had ik niet tegen het plafond moeten schieten, maar middenin de lekkere vagina van m’n vriendin, want we willen immers een kindje maken, en ik heb alvast besloten dat, als het een jongen is, hij voetballer moet worden, en als het een meisje is, zij geen voetballer mág worden. Ik vind dat zo’n meisje toch beter balletdanseres kan worden, of naaister, of schminkster bij de VRT of de VTM. Bij die schminksters zitten heel leuke vrouwen, zo weet ik uit ervaring, en als de schminkster een man is, dan zitter er heel leuke homoseksuelen bij, die dan meestal kirren: ‘Ooooh Herman, wat heb jij een prachtige haardos!’, waarna ze even over m’n haar strelen, en ik op het punt sta om zo’n gozer neer te maaien met een rechtse hoek, maar ja, ik ben antihomofoob, dus houd ik m’n knuisten maar in m’n zak.

Doch nog even over de vrouw als voetbalster: oké, zij mag dan op z’n minst semilesbisch zijn, en ze mag haar okselhaar laten groeien, en ze mag meer testosteron in haar pens hebben dan Jani Kazaltzis en Bart Kaëll samen, maar dat wil niet zeggen dat ze, zeker als ze een Thaise doelvrouw is, dertien keer haar netten moet laten doorboren door een stelletje Amerikaanse rouwdouwen met een snor en een bruine streep in hun voetbalbroek. Laten we hoe dan ook met z’n allen semifeministisch blijven, maar niet vergeten dat een man een man is, en een vrouw een vrouw, en dat tussen hen een grote kloof gaapt, die echter continu met plijzier gedempt wordt. En dan gaan we nu met z’n allen dribbelen tot we buitenspel lopen!

Humo 4111/25 van 18 juni 2019

Dit artikel verscheen in:

HUMO van dinsdag 18 juni 2019

Lees alle reportages

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: