Marc Didden: 'Het hele probleem van het schrijven zijn inderdaad de letters'

, door (md)

4
a1
© GETTY

Omdat niets menselijks mij vreemd is, maar ook omdat, wanneer een ankerman of -vrouw straks het nakende einde van de wereld aankondigt, ik om persoonlijke redenen eerder de neiging zal vertonen om Elke Pattyn uit Vilvoorde te geloven dan haar concullega Xavier Taveirne uit het nabij gelegen Schaarbeek. Eén van de dringende nieuwsitems ging erover dat we op onderwijsgebied andermaal de laatste lesdag van het jaar bereikt hadden. Een charmante juffrouw vertelde dat zoiets op lagereschoolniveau zeer meetbare resultaten kan opleveren: wie in september niet kon lezen, kon dat nu wel. Idem dito wat rekenen betreft. En een derde criterium was nog duidelijker: sommige broekpissers stonden tegen eind juni helemaal droog.

De VTM-journaliste ging gelukkig ook de kleuters bevragen. ‘Wat vonden ze het moeilijkste aan dat eerste leerjaar?’ wilde de reporter weten. ‘Schrijven,’ zei een charmant meisje van 7. Er werd doorgevraagd: ‘En wat was er dan zo moeilijk aan schrijven?’ Het meisje zuchtte even en antwoordde toen: ‘De letters’. Ik had zin om dat kind spontaan de Nobelprijs voor Literatuur toe te kennen want beter had ik een taalkundige of een letterendocent het nooit horen uitleggen. Het hele probleem van het schrijven zijn inderdaad de letters. Je hebt er als westerling maar 26 en daar moet je het dan mee doen: van een sonnet tot een bildungsroman, van een liefdesbrief, over een libretto, tot een reeks avondvullende toneelstukken, het zal toch allemaal moeten gebeuren met de genaamden a, b, c, d, e, f, g, h, i, j, k, l, m, n, o, p, q, r, s, t, u, v, w, x, y en z.

Slim kind, dat kind. En ik hou het hier voor bekeken: mijn letters zijn op.

Humo 4114/28 van 9 juli 2019

Dit artikel verscheen in:

HUMO van dinsdag 9 juli 2019

Lees alle reportages

Zoek meer artikels over:

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: