Herman Brusselmans: 'Roken heeft vooral voordelen, het enige nadeel is dat het duur is'

, door (hb)

1047
brusselmans 1200

'Rokers zouden veel vrolijkere mensen zijn. Dat kan kloppen: ik ken verschillende niet-rokers, en dat zijn allemaal zuurpruimen'

M’n grootvader Frans rookte zo goed als dag en nacht een pijp. Als hij sliep, lag z’n pijp onder z’n hoofdkussen. Plots werd hij wakker uit een kwade droom. ‘M’n pijp! M’n pijp!’ schreeuwde hij. Toen hij besefte dat hij uit een nachtmerrie kwam, en hij z’n pijp vond onder z’n hoofdkussen, zuchtte hij van opluchting. Hij gaf m’n grootmoeder Maria, die van z’n luide geschreeuw wakker was geworden en jazelfs van de schrik in het bed had geürineerd, een kusje op haar voorhoofd, en ging naar beneden, om daar een lekker pijpje te smoren. Later zou hij 95 jaar oud worden, en hij eiste dat z’n pijp samen met hem begraven zou worden. Ook een zakje Semois-tabak, en een doosje lucifers.

Ik besef dat dit petite histoire is, maar ik wil slechts zeggen dat je, ofschoon je je te pletter rookt, heel oud kunt worden. Steeds meer studiën, uitgevoerd aan gerenommeerde universiteiten, bewijzen dat roken veel minder slecht is voor de gezondheid dan tot nu toe werd aangenomen. Andere studiën tonen dan weder aan dat rokers op de koop toe veel vrolijkere, gelukkigere, toffere, leukere, rustigere, humorvollere, lekker ruikendere, coolere, en plijzierigere personen zijn. Dat kan kloppen: ik ken verschillende niet-rokers, en dat zijn allemaal zuurpruimen.

Neem nu prinses Elisabeth van België: die is al 17 jaar, en die rookt nog altijd niet. Tegenwoordig verschijnt ze, als ambassadrice van ons land, verschillende keren op het televisietoestel, en je merkt dan meteen dat dat meisje er triest uitziet, zich geen houding weet te geven, het liefst in een donker gat onder de grond zou kruipen, en een soort van agressiviteit uitstraalt die er binnenkort voor zal zorgen dat ze, ter allicht nutteloze bestrijding daarvan, op de divan bij de psychiater zal liggen. Ik kan dat overigens wel sexy diertje (met van die pronte tietjes) aanraden om als de wiedeweerga naar de rookwarenwinkel te spurten, en daar een pakje Marlboro Light Gold, de beste sigaret op de markt, te scoren, alsmede een Zippo-aansteker, want daar kun je enorm de blits mede maken bij je vrienden en kennissen. Een rokende Belgische prinses, dat zou toch fantastisch zijn? Plus: ze zou daarmee, zoals het hoort voor pubers, revolteren tegen haar ouders Filip en Mathilde, duidelijk twee niet-rokers, die er continu bijlopen alsof ze heel de rotzooi beu zijn, alsof ze de totale moedeloosheid nabij zijn, en alsof ze in hun broek hebben gescheten. Want dat is nog zoiets: niet-rokers kunnen, naarmate ze ouder worden, steeds moeilijker hun faecaliën in hun gat vasthouden, en dat komt omdat nicotine zeer goed is voor de werking van de sluitspier.

Kortom, eigenlijk heeft roken vooral voordelen. Het enige nadeel dat ik eromtrent kan bedenken, is dat het duur is. Dat is allemaal de schuld van onze regering. Die zorgt ervoor dat een pakje sigaretten een fortuin kost, niet omdat ze inzit met de vaderlandse volksgezondheid, maar wel voor het binnengraaien van de absurde taksen die geheven worden op sigaretten, en met de miljarden die deze taksen genereren, koopt de regering vliegtuigen die bommen gaan gooien op onschuldige mensen in Syrië en Irak. Onder meer de linkse leden van de regering willen die taksen zo hoog mogelijk laten stijgen. Linkse denkers en dergelijke klojo’s zijn ervan overtuigd dat de gewone man niet meer zelfstandig mag denken en zich moet aanpassen aan alle onzin die de linkse kerk predikt, en bij die onzin hoort de stelling dat het rookgenot niet mag toegestaan worden aan Jan met de pet en Mie met de poppemie.

Rechtse profeten en pamflettisten maken het natuurlijk nog veel bonter: die willen het roken definitief van de agenda schrappen omdat Hitler ook niet rookte. Ik kwam Dries Van Langenhove eens tegen op het verjaardagsfeestje van Kathleen Cools, en ik zei terloops tegen hem: ‘Zeg eens, Dries, jij troebelwatermatroos, wist je dat Hitler de ene na de andere Cubaanse sigaar rookte, de godverdomde kluchtzanger?’ ‘Nee! Nee!’ schreeuwde die sukkel. ‘Adolf rookte niet! Nooit! De nazi’s waren gezonde boys! Zij zullen voor eeuwig verderleven!’ Ga met zo’n idioot naar de oorlog.

Hoe dan ook, niemand van ons moet bang zijn om een geurig sigaretje of een ander rookmiddel te laten ontbranden. Kijk naar mij. Dagelijks op m’n gemakje twee pakjes, en als ik gestresseerd ben drie, en laatst liet ik m’n longen onderzoeken, en de arts zei: ‘Jij loopt marathons zeker?’ ‘Nee, dokter,’ zei ik, ‘maar ik paf me wel een punthoofd.’ ‘Doe maar verder,’ zei hij, ‘en geef me ’ns een sigaretje als je wilt.’ Ik gaf ’m een Marlboro Light Gold, en we rookten gezellig, als wapenbroeders.

Humo 4119/33 van 13 augustus 2019

Dit artikel verscheen in:

HUMO van dinsdag 13 augustus 2019

Lees alle reportages

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: