Heleen Debruyne: 'Mannen geven in enquêtes altijd aan meer te masturberen dan vrouwen'

, door (hd)

52
debruyne 1200

De vraag houdt toogfilosofen, gefrustreerde minnaars, psychologen en seksuologen in elk geval al decennia bezig. Het vrouwelijke verlangen is mistig en ongrijpbaar, geloven ze. 21ste-eeuwse seksuologen maken een inhaalbeweging: zij proberen de vrouwelijke lust in alle complexiteit te begrijpen, om das Weib eindelijk te demystifiëren. Dat lukt aardig, vindt seksuologe Sarah Hunter Murray. We begrijpen de laatste jaren steeds meer van de vrouwelijke seksualiteit. Ze is complex en relationeel, maar ze kan ook sterk visueel zijn, ze wordt beïnvloed door maatschappelijke normen en aannames en ze hangt af van het algemeen psychologisch welzijn en vice versa.

Hunter Murray ziet een nieuw duister gebied: de man. Veel onderzoek naar het mannelijke verlangen is er niet. De meeste tooghangers, psychologen, seksuologen, evolutionair biologen en bedenkers van flauwe komedies en series gaan ervan uit dat het simpel is: veel neuken, bijna altijd. En dat tot het testosteron op gezegende leeftijd begint af te nemen. Alle nare #MeToo-verhalen bevestigen het beeld van de man die altijd stijf staat. Gek dat ik zoveel vrouwen hoor vertellen over partners die tot hun ergernis liever een filmpje kijken dan vrijen, over onenightstands die op niets uitdraaien ‘omdat naast elkaar slapen ook gezellig is’. Toch houden we het beeld van de bronstige maniak en het beduidend minder bronstige vrouwtje zelf mee in stand. Mannen geven in enquêtes altijd aan meer te masturberen dan vrouwen. Tot de proefpersonen wordt voorgelogen dat ze aan een leugendetector liggen: dan blijkt er wonderbaarlijk weinig verschil tussen de geslachten te zijn.

Zelfs in de beslotenheid van haar praktijk moet Hunter Murray lang porren en graven voor heteroseksuele koppels kunnen toegeven dat de man eigenlijk best vaak geen zin heeft. Ze zijn te moe, te druk met de kinderen, ze voelen zich niet lekker in hun lijf, ze hebben stress over hun job. En eigenlijk vinden ze het niet leuk dat er van hen verwacht wordt dat zij altijd het initiatief nemen: ze willen zich begeerd voelen door hun partner. Wat hen echt geil maakt, is een diepe connectie. Klinkt verdacht als hoe we de vrouwelijke lust beschrijven.

Veel mannen sukkelen in de kloof tussen die realiteit en het beeld van de man die altijd wil. Als hun partner even meer seks wil dan zij, moet er wel iets grondig mis zijn. Gênant is het. Niet bronstig zijn is onmannelijk. Soms, merkt Hunter Murray, sturen mannen daarom zelfs aan op seks waar ze zelf geen zin in hebben. Neuken om het imago van mannelijkheid op te pompen klinkt weinig lustopwekkend. Niemand gaat fijner vrijen door het cliché van de immer parate penis. Laten we ons over een nieuw mysterie buigen: wat wil de man?

Humo 4123/37 van 10 september 2019

Dit artikel verscheen in:

HUMO van dinsdag 10 september 2019

Lees alle reportages

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: