Mannen van 70: Marc Didden viert Bruce Springsteen

, door (md)

242
springsteen 1200
© Herman Selleslags

'Springsteen op zijn best is altijd: merg en been'

Merg en been. Dat zijn de enige woorden die ik mij nog kan herinneren van mijn eerste wandeling door Manhattan in die verschrikkelijke winter van 1974. Het vroor toen zoals het alleen in New York kan vriezen. IJswind die dollend neerdaalt vanuit Alaska. En bijna bevroren zeewater dat van in de buurt van Groenland afdrijft en zich dan gaat schuren tegen de kust van New England, via Long Island tot aan Manhattans beroemde Waterfront. Merg en been, ik zei het al. Ik voel die kou nog terwijl ik erover schrijf. Onderweg doken we af en toe een koffiebar in om een slappe espresso te drinken, kwestie van de binnenkant wat te verwarmen.

In de buurt van het Rockefeller Center, we waren toen niet eens halfweg, mocht daar ook iets sterker tegenover staan. We dronken onze eerste bourbon ooit. We betaalden, zoals echte cowboys doen, door een paar muntstukken van één dollar over de toog te schuiven, richting de barman die natuurlijk Kenneth heette, maar vanaf de tweede bourbon mochten we al Ken zeggen. Ja, zelfs Kenny. Bij het buitenkomen merkte ik aan de overkant een luidruchtige lichtreclame die de volgende boodschap uitbraakte: ‘Crazy Eddie Breaks the Prices’. Wij naar binnen, met enige tegenzin evenwel, want de hele elektronicawinkel was volgeplamuurd met levensgrote cut-outs van Freddie Mercury en de andere leden van Queen ter promotie van het onmisbare meesterwerk dat ‘Sheer Heart Attack’ heette en die week verscheen. Ik begaf me naar het einde van de gigantische winkel en vond daar een miezerig rekje met langspeelplaten waar werkelijk niemand van moest weten. Ik liet er mijn vingers eens door dansen en ontdekte er miserabele Britse rommel en het werk van een paar singer-songwriters die in de vakpers ietwat smalend ‘the new Dylans’ genoemd werden.

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: