'Ik had aan Victor Polster gedacht voor de verfilming van m’n autobiografische roman ‘Ex-minnaar''

, door (hb)

29
a1
© BELGAIMAGE

De naam van de regisseur ben ik nu even vergeten, maar hij is wel de meestbelovende regisseur die na de oorlog in Vlaanderen is opgestaan. Ik moet eerlijk toegeven dat ik de eerste keer dat ik ‘Girl’ zou bekijken, met enigszins loden schoenen naar de bioscoop trok. Het was mij bekend dat de hele zooi over een transseksuele balletdanser handelde, en ik dacht bij mezelf: een transseksuele balletdanser? Geef mij maar een heteroseksuele putjesschepper! Overigens wil ik terzijde opmerken dat over uitgerekend een heteroseksuele putjesschepper nog nooit een film is gemaakt, en dat wordt zodoende weleens tijd.

Maar goed, ik ben zelf een enorme macho, die de mannelijkheid hoog in het vaandel heeft, die zich weinig gelegen laat aan de tegenwoordige ontkenning van de verschillen tussen man en vrouw, die nooit kookt, en die op een keer, niet zo lang geleden, Danira Boukhriss Terkessidis puur op haar uiterlijk beoordeelde, en niet op pakweg haar intellectuele capaciteiten. Ik heb zelfs eens tegen de gevreesde feministe Heleen Debruyne gezegd: ‘Heleen, antiseksisme, allemaal goed en wel, maar voor de rest mag je gerust eens met mijn toeter slingeren.’

'Een transseksuele balletdanser? Geef mij maar een heteroseksuele putjesschepper!'

Hoe dan ook, dat hele ‘Girl’ leek niets voor mij, tot m’n verloofde Lena zei: ‘Baby, we zullen de film toch maar een kans geven, misschien is de beeldvorming oké, en zit het snor met de montage, om nog maar te zwijgen van weidse landschappen die mogelijk in hoge definitie gecapteerd zijn.’ Nu moet je weten dat ik voor m’n verloofde Lena altijd alles wil doen, opdat zij zich goed in haar zachte velletje zou voelen, dus ik ging mee naar de Sphinx, om het over de tongen rollende ‘Girl’ te bekijken. Al na twee minuten zat ik vastgenageld op m’n stoel, na tien minuten was het alsof ik de balletwereld was ingezogen, na drie kwartier kon ik nog nauwelijks ademhalen, overmand door de schoonheid van ‘Girl’, en na het einde bleef ik nog een kwartier in m’n stoel verankerd zitten, voor me uit starend, en mompelend: ‘Prachtig… Prachtig…’ Nog een kwartier later kwam ik weder geheel tot mezelf, en ik dacht: het is inderdaad een schitterende film, maar anderzijds is het toch een boel janetterij en al wat ermede samenhangt. Let op, ik heb niks tegen homo’s, lesbiennes, biseksuelen, transgenders, travestieten, mensen met drie à vier X-chromosomen, en pipo’s die slechts gekleed in een doorkijktuinbroek hun sufgeschminkte vriend bij de testikels pakken en roepen: ‘Glad to be gay!’ Welnee, ik heb respect voor eenieder. Sommige van m’n vrienden zijn van de verkeerde kant, en als ze erover beginnen dat ze de dag tevoren in de reet gebuffeld zijn door een dokwerker achter een struik in de haven van Antwerpen, dan zal ik geen weerzin laten blijken, maar wel vraag ik belangstellend: ‘De dokwerkers van tegenwoordig, hebben die een beetje een gigantische lul, of eerder een klein pietje?’ Meestal is het antwoord: ‘Jammer genoeg een klein pietje.’

Waar het echter over gaat, is dat Victor Polster, de bekroonde Lara in ‘Girl’, stopt met acteren. Terwijl hij een fantastische acteur is, die volgens mij heel verschillende rollen zou aankunnen. Ik had zelfs aan hem gedacht voor de op stapel staande verfilming van m’n autobiografische roman ‘Ex-minnaar,’ die zich afspeelt in het begin van de jaren 90, de periode waarin ik aan de drank was, achter de wijven aanzat, depressief en ultracynisch banjerde door de wereld die ik verafschuwde, en slechts troost vond in het met 200 kilometer per uur door de straten van Gent vlammen op m’n toenmalige Honda VF 750 C. Victor Polster had gerust de rol van het personage Herman Brusselmans kunnen vertolken. Oké, in café Caruso een griet zitten muilen terwijl je haar bij de tieten grabbelt, is heel wat anders dan in een balletvoorstelling je voeten aan gort huppelen, maar ik herhaal: die Victor Polster zou om het even welke vertolking met glans op zich kunnen nemen. Daarom raad ik hem bij deze aan om in plaats van verder te studeren, zich geheel te richten op z’n acteercarrière, en het misschien, als hoofdvogel van ‘Ex-minnaar’, nog veel verder te schoppen dan hij tot nu toe gedaan heeft. Zelf zal ik in de film een cameootje krijgen als heteroseksuele putjesschepper.

Humo 4125/38 van 24 september 2019

Dit artikel verscheen in:

HUMO van dinsdag 24 september 2019

Lees alle reportages

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: