Heleen Debruyne: 'Academici zijn eerder burgerlijk dan progressief'

, door (hd)

26
debruyne 1200

Toegegeven, geëngageerde studenten in door Andesindianen geweven truien gaven er al eens opruiende toespraakjes, soms zelfs op vieze blote voeten. Evengoed botste ik er op de met petjes en linten getooide brallers van conservatieve studentenverenigingen. De meeste proffen waren, vond ik, te zeer opgeslorpt door hun specialisaties (middeleeuwse boedelscheidingen, onleesbare handschriften, grafvondsten) om ons te indoctrineren.

De Standaard onderzocht of de clichés kloppen en onze academici werkelijk links zijn. Een gebrek aan ideologische verscheidenheid onder wetenschappers moet ons volgens rechts zorgen baren – stel je voor dat onderzoekers uit ideologische verdwazing zouden nalaten de voordelen van het patriarchaat en de nadelen van de vrouwenemancipatie te bestuderen! Ik was erg benieuwd naar het onderzoek. Had ik al die jaren aan de faculteit lopen slaapwandelen en was ik gehersenspoeld?

De conclusie van een grote enquête bij een representatieve groep academici: onze intellectuele elite is inderdaad meer geneigd dan de doorsneeburger om op Groen, Open VLD of de SP.A te stemmen, en veel minder om voor de N-VA of Vlaams Belang te kiezen. ‘Progressief,’ schreef de krant dus. ‘Met een streng kantje’, want van nieuwkomers vinden ze wel dat ze zich moeten aanpassen en over de islam maken ze zich zorgen.

Telkens als een cliché blijkt te kloppen, verliest de wereld weer wat van haar glans. Teleurgesteld bestudeer ik de tabellen met de resultaten van de enquête. 80 procent van de respondenten vindt dat homoseksuele stellen kinderen mogen adopteren, lees ik. Twee op de tien dus niet. Progressief? Dat staat al een paar jaar in de wet. Zelfs rechtse partijen sturen ondertussen wagens naar de Pride.

Op de vraag of een goed leven afhangt van geluk of eigen verdienste, vindt de gemiddelde academicus de eigen verdienste érg belangrijk. Iemand zou maar eens moeten denken dat hij niet keihard heeft geknokt voor zijn knusse plekje, hoog op de academische apenrots. De inkomenskloof mag volgens de gemiddelde wetenschapper heus wel kleiner worden, maar de erfbelasting moet nu ook weer niet gek veel hoger – hij wil het geld dat hij op eigen verdienste heeft bijeengespaard, vast niet meer afgeven. Quota voor vrouwen in bestuursraden? Nah. Straks voeren ze dat ook nog door aan de universiteiten, dat wordt een gedoe. En drugs legaliseren? Van het goede te veel. Euthanasie bij psychisch lijden vindt hij dan wel weer kunnen.

Als ik de nogal lege begrippen links en rechts achter me laat, lijkt de gemiddelde academicus mij in zijn politieke keuzes vooral gericht op het behouden en beschermen van de eigen comfortabele maatschappelijke positie. Kwalijk kan ik het hem niet nemen – het is de natuurlijke neiging van wie het goed heeft. Maar progressief? Ik zou het burgerlijk noemen. Of ben ik gehersenspoeld door die wereldverbeteraar in zijn Andestrui?

Humo 4126/40 van 1 oktober 2019

Dit artikel verscheen in:

HUMO van dinsdag 1 oktober 2019

Lees alle reportages

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: