Heleen Debruyne: 'Het ergert me dat het feminisme mannen zo weinig ruimte heeft kunnen bieden'

, door (hdb)

6
debruyne 1200

En toch: haar post heeft iets wat me tegelijk irriteert en pijnlijk treft. Ik denk aan de vriendinnen die hun kinderen in crèches achterlaten, maar wel met een bezwaard gemoed naar hun werk fietsen. ‘Slechte feministen’ vinden ze zichzelf. Het echte leven bijt de principes, dat vraagt blijkbaar om excuses.

Wij vrouwen moeten minder streng zijn voor elkaar, vind ik stellig. Tot ik me realiseer dat ik me ook mateloos kan ergeren aan het privéleven van Simone de Beauvoir. In het denken een mastodont, in de liefde de voetveeg van de lelijke en minder boeiende Sartre. ‘Ga toch weg bij die kobold!’ roep ik tegen de pagina’s van elke biografie die ik lees. De Beauvoir zelf zag het probleem niet. Het is mijn leven, vond ze. De door haar teleurgestelde feministen moesten maar wat minder belang hechten aan de theorie en het leven in al zijn morsigheid beleven.

Katie Roiphe, Amerikaans schrijfster en feministe – of moet ik zeggen: schrijver en feminist? – trad haar tijdens een lezing voor de Universiteit van Amsterdam bij. We moeten ‘de rommeligheid van de vrouwelijke ervaring’ omhelzen, zegt ze. Het leven plooit zich toch nooit naar een duidelijk politiek verhaal. Of de feministen dat nu leuk vinden of niet. Ze heeft gelijk. Sorry Simone, ik vergeef je je onverklaarbare passie voor de naar het schijnt nooit fris ruikende Sartre. Zelf weiger ik me schuldig te voelen. Wat ik van de liefde verlang, maakt gekke bochten. Van een politiek project, een extreme drang naar onafhankelijkheid, tot een symbiose. Dat heet niet capituleren, maar leven. Mijn nieuwe politieke project wordt nu het gelijk verdelen van de zorg. (Pin me er vooral niet op vast.)

Nog steeds voel ik een irritatie. Wat me stoort, is niet zozeer de rigide rechtlijnigheid van sommige feministen – dogmatische gekken vind je bij alle politieke denkstromingen. Ook niet de neiging van veel vrouwen om zich alsmaar nodeloos te verontschuldigen – die leren ze van hun moeders. Het ergert me dat het feminisme mannen zo weinig ruimte heeft kunnen bieden. Om te reflecteren over hoe het is om met een vrouw te reizen. Anders dan een tripje met vrienden? Hoe zij zich voelen wanneer ze hun krijsende kind in de handen van een kinderverzorgster duwen. Opgelucht? Gefrustreerd? Of komen ze daar niet aan toe omdat hun vriendin hen niet vertrouwt met het kinderzitje op de fiets? Hoe het is om het ondanks alle jeugdige goede voornemens helemaal anders te doen, na een paar jaar in een relatie toch vast te stellen dat jij de belangrijkste kostwinner bent die nog steeds geen voedzame maaltijd kan koken? Weegt dat zwaar? Ik hoef hun excuses niet eens. Ik ben benieuwd naar de alledaagse mannelijke ervaring.

Humo 4127/41 van 8 oktober 2018

Dit artikel verscheen in:

HUMO van dinsdag 8 oktober

Lees alle reportages

Humo.be-updates in je Facebook-nieuwsfeed?

U bent wellicht ook hierin geïnteresseerd: